Overslaan en naar de inhoud gaan

5. Jongerennorm

5.6 Wetsvoorstel Participatiewet in Balans

De norm voor aanvullende bijstand voor jongeren van 18 tot 21 jaar wordt gelijkgetrokken met de norm van een 21-jarige alleenstaande. Er blijft ruimte om hiervan af te wijken als dat nodig is. Deze aanvullende norm wordt verstrekt via de algemene bijstand in plaats van via de bijzondere bijstand.

Van de voorgeschreven aanvullende jongerennorm kan worden afgeweken. Daarbij moet rekening worden gehouden met de volgende drie kaders:

  1. De optelsom van de algemene bijstand en de aanvullende norm mag niet hoger zijn dan de bijstandsnorm voor een persoon van 21 jaar of ouder in een vergelijkbare situatie, zowel als alleenwonende, als ook als kostendeler.
  2. De optelsom van de algemene bijstand en de aanvullende norm mag niet hoger liggen dan het voor de bijstandsgerechtigde geldende wettelijk minimum jeugdloon. Zou het hoger liggen dan neemt dat de prikkel voor werkaanvaarding in de weg.
  3. De te verstrekken aanvullende norm moet kunnen worden aangepast als de jongere over duidelijk hogere of lagere algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan beschikt.

Inhoud