Overslaan en naar de inhoud gaan

Inleiding

De afgelopen jaren zijn twee onderzoeken gedaan naar de werking en het effect van vroegsignalering. Dit mondde uit in het Ombudsman-rapport ‘Hoe eerder, hoe beter’ (februari 2024). In juni 2025 is het eindrapport van de Wetsevaluatie Vroegsignalering in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Panteia, Bureau Bartels en Hogeschool Utrecht) gepubliceerd. 

Uit de wetsevaluatie blijkt dat vroegsignalering bijdraagt aan het bereiken van de doelen van de Wgs (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening), namelijk het voorkomen en verminderen van problematische schulden. Toch zien de onderzoekers ook dat er nog verbeteringen mogelijk zijn. Zo constateren zowel de Nationale Ombudsman als de onderzoekers van de wetsevaluatie dat er duidelijke verschillen tussen gemeenten bestaan. De inzet op vroegsignalering verschilt per gemeente, omdat de schuldhulpverlening gedecentraliseerd is en gemeenten beleidsvrijheid hebben. En ook bij vastelastenpartners zijn er grote verschillen in hoe zij sociaal incasseren voorafgaand aan signalering, door verschillen in de context en de vereisten die in de materiewetten aan inspanningsverplichtingen zijn gesteld. 

Beide onderzoeken zijn mede aanleiding geweest om de werking van vroegsignalering als geheel, en de samenwerking hiertoe in de keten te verbeteren. Het is een gezamenlijke uitdaging én verantwoordelijkheid − van vastelastenpartners, gemeenten, het Rijk en andere betrokken stakeholders − om de effectiviteit van vroegsignalering te verbeteren. Hiervoor zijn bestuurlijke afspraken opgesteld die alle koepels van vastelastenpartners, gemeenten en het ministerie van Sociale Zaken binnenkort gaan tekenen, met daarin concrete doelstellingen die zich hebben vertaald in ruim zestig uiteenlopende verbetermaatregelen. 

In deze jaarrapportage laten we aan de hand van de doelstellingen uit de bestuurlijke afspraken zien hoe de vroegsignalering er in 2025 voor stond. Dit is de vijfde jaarrapportage van de Divosa Monitor Vroegsignalering Schulden.