Overslaan en naar de inhoud gaan

6. Hulpacceptatie en doorverwijzing

Doelstelling uit de bestuurlijke afspraken

In de bestuurlijke afspraken zelf staan geen afspraken over hulpacceptatie en doorverwijzing benoemd. In de onderliggende verbetermaatregelen wel. Hierin wordt gewerkt aan meer eenduidigheid in de (registratie en terugkoppeling van) hulpacceptatie en het verbeteren van de opvolging van hulpacceptatie.

Het bereiken van een inwoner betekent nog niet dat deze ook daadwerkelijk gebruikmaakt van de aangeboden hulp. Van de bereikte inwoners accepteert gemiddeld 32 procent de aangeboden hulp, bij meldingen met uitsluitend vroegsignalen. Dit is 6 procent van alle meldingen. Het kan daarbij gaan om hulp bij het treffen van een betalingsregeling, het stellen van vragen aan de vroegsignaleerder of het openstaan voor tips en adviezen. Ook kan de vroegsignaleerder de inwoner verwijzen naar andere hulpverlening. 

Het percentage geregistreerde hulpacceptatie is iets lager dan in 2024. Toen werd bij 7 procent van het totaal aantal meldingen en 35 procent van de bereikte inwoners geregistreerd dat de inwoner hulp accepteerde. Ook het absolute aantal inwoners bij wie hulpacceptatie is geregistreerd , is gedaald; 4 procent lager dan in 2024. Deze afname kan verschillende oorzaken hebben: 

  • Minder mensen staan open voor hulp of geven aan geen hulp nodig te hebben.
  • De registratie bij gemeenten is veranderd; er wordt kritischer gekeken of er daadwerkelijk sprake is van hulpacceptatie. Er is nog geen volledige eenduidigheid over de registratie van hulpacceptatie. Vanuit diverse vastelastenpartners komt het geluid dat zij vaak de terugkoppeling krijgen dat hulp is geaccepteerd, maar dat de achterstand niet wordt ingelopen of dat er geen betalingsregeling is getroffen. Gemeenten zien zelf ook inwoners die aanvankelijk aangeven open te staan voor hulp, maar vervolgens niet bij een vervolgafspraak verschijnen. Mogelijk maakt dit gemeenten kritischer bij het registreren van hulpacceptatie. 

Hulpacceptatie bij laatsignalen

Bij laatsignalen ligt niet alleen het bereik hoger, maar ook de hulpacceptatie. Van alle meldingen met minimaal één laatsignaal  − hoofdzakelijk eindeleveringssignalen energie − wordt bij 15 procent hulp geaccepteerd. Dit is bijna de helft (46 procent) van alle laatsignalen waarbij de inwoner is bereikt. 

Als we alle meldingen samenvoegen − met vroeg- en/of laatsignalen − accepteert 35 procent van de bereikte inwoners hulp. Dit komt neer op 7 procent van alle meldingen. 

Wat verstaan we onder hulpacceptatie?

Van hulpacceptatie is sprake als een inwoner openstaat voor de geboden ondersteuning vanuit de vroegsignalering − budgetadvies en/of quick-fix − of instemt met vervolghulp. Dit laatste kan een doorverwijzing zijn naar andere hulpverlening, financiële of flankerende hulpverlening. Hulpacceptatie vereist altijd contact: een inwoner moet met de vroegsignaleerder hebben ingestemd met de hulp, dus pas nadat de inwoner is bereikt.

Bij (budget)advies en/of quick-fix is er contact geweest met de inwoner en is er informatie, advies en/of hulp geboden waardoor de inwoner de betalingsachterstanden binnen dertig dagen zelf kan oplossen.

Bij vervolghulp en/of verwijzing wordt een langer hulptraject ingezet als vervolg op de vroegsignalering. Die hulp kan financieel of niet-financieel zijn:

  • Financieel: schuldhulpverlening, budgetcoaching of bewindvoering, etc.
  • Niet-financieel: maatschappelijk werk, verslavingszorg of gezinszorg etc.

De vervolghulp kan binnen de eigen organisatie worden ingevuld of een doorverwijzing naar een externe organisatie betekenen. Dit hangt af van wie de vroegsignalering uitvoert en welke expertises binnen de organisatie beschikbaar zijn. Of er uiteindelijk een oplossing komt voor de achterstand is niet met zekerheid vast te stellen.

Hulpacceptatie per gemeente

Onderstaande figuur laat zien dat de hulpacceptatie tussen gemeenten verschilt. Het merendeel van de gemeenten heeft een percentage hulpacceptatie tussen de 10 en 30 procent. Het gemiddelde op gemeenteniveau (n=309 gemeenten) komt uit op 26 procent. Dat het landelijk gemiddelde hoger ligt (35 procent bij alle vroeg- en eindeleveringsmeldingen samen) komt doordat daarbij naar het totaal van alle meldingen wordt gekeken en niet naar het gemiddelde per gemeente. In onderstaande figuur wordt dus geen rekening gehouden met het verschillend aantal inwoners per gemeente. 

Percentage gemeenten met een bepaald percentage hulpacceptatie

Onderstaande tabel laat zien dat er geen samenhang is tussen het aantal inwoners in de gemeente en het percentage geregistreerde hulpacceptatie. 

Gemeentegrootte

Gemiddeld percentage hulpacceptatie (als percentage
van de meldingen waarbij de inwoner is bereikt)

0-25.000

24 procent

25.000-50.000

27 procent

50.000-100.000

25 procent

100.000 of meer

32 procent

Totaal

26 procent

Het gemiddelde percentage geregistreerde hulpacceptatie bij gemeenten met een bereik tussen de 10 procent en 20 procent is 27 procent, bij een bereik van 30 procent tot 40 procent op 20 procent en bij 40 procent of meer op 24 procent. Een hoog bereikpercentage gaat dus niet samen met meer hulpacceptatie.