Overslaan en naar de inhoud gaan

2. Het contact leggen met en bereiken van de inwoner

Telefonisch contact

Het telefonisch benaderen van inwoners binnen de vroegsignalering gebeurt in allerlei situaties, zo laat onderstaande figuur zien. Zowel bij ‘anders’ als bij ‘specifieke groepen’ noemen de gemeenten de criteria wanneer zij inwoners telefonisch te bereiken. Veelal is dit afhankelijk van het type melding (of het een recidive of meervoudige melding is) en/of de hoogte van de achterstand. Hierbij varieert de hoogte tussen gemeenten. Bij de ene gemeente gaat men bellen bij bedragen tussen de € 100 en € 300, bij een ander bij bedragen boven de € 250 en bij weer een andere gemeente bij achterstanden tussen de € 500 en € 1.000. Eén gemeente noemt specifiek dat zij inwoners bellen die al bekend zijn bij schuldhulpverlening.

Aantal belpogingen

Zes op de tien gemeenten hebben afspraken over het minimum- of maximumaantal belpogingen om een inwoner telefonisch te bereiken. Het minimumaantal belpogingen is bij 48 procent van de gemeenten twee. Bij 24 procent van de gemeenten moeten er minimaal drie belpogingen worden gedaan en bij 29 procent minimaal één. 
Het maximum aantal belpogingen varieert van twee tot vier, waarbij één gemeente aangeeft een maximum aangeeft van acht belpogingen, omdat zij een pilot doen met een belteam van een callcenterbedrijf. 

Mogelijkheden om te bellen

Acht op de tien gemeenten hebben geen maximumaantal telefoongesprekken of maximumaantal huishoudens die ze kunnen bellen per maand vastgelegd. 

Bij de 13 procent van de gemeenten die wel een maximum heeft, varieert dit van 12 tot 300 huishoudens die ze per maand telefonisch proberen te bereiken. Daarbij is 12 bij een gemeente met minder dan 25.000 inwoners en die 300 bij een gemeente met meer dan 100.000 inwoners. In één van de grotere gemeenten wordt er gebeld als er een telefoonnummer bekend is, waarbij er maximaal 2600 telefoontjes per maand kunnen worden gedaan door het klantcontactcentrum en 1000 door de belrobot. 
Een maximum wordt niet altijd gehaald. Zo noemt een gemeente dat zij gemiddeld 100 gesprekken per maand voeren, waarbij het maximum rond de 300 ligt. 

Moment van bellen 

Alle gemeenten bellen overdag. In het weekend wordt nagenoeg niet gebeld. Een kwart van de gemeenten belt wel ’s avonds. Dit komt bij kleine gemeenten net zo vaak voor als bij grote(re) gemeenten.