Overslaan en naar de inhoud gaan

Toekomstverkenning werkdomein

Laatste update: 19 mei 2026

Toekomstrichtingen werkdomein

Hoe doe je dat?

Na antwoord op de vraag 'wat' belangrijk is, gaan we nu in op de vraag 'hoe' gemeenten hiermee aan de slag (kunnen) gaan. Er komen een achttal manieren naar boven: vereenvoudiging, ondersteuning en instrumenten, inrichting organisatie, technologie en AI, onderzoek en leren, maatwerk, standaardiseren en harmoniseren en continuïteit.

Vereenvoudiging

Voor de herziening van de Participatiewet hebben Jongenelen et al. (2024) eenvoud omschreven als 'Mensen ervaren dat wet- en regelgeving en beleid, overheidshandelen en de verwachting van overheid naar mensen (zoals naleving van wet- en regelgeving en welke medewerking van mensen wordt verwacht) uitlegbaar, voorspelbaar en navolgbaar is. Daarbij dienen verwachtingen uitvoerbaar te zijn voor mensen. Dit moet aansluiten bij het denk- en doenvermogen van mensen. Niet alleen binnen de Participatiewet, maar ook tussen verschillende regelingen in aanpalende stelsels.'

Vereenvoudiging houdt in dat dienstverlening toegankelijk, snel en begrijpelijk is. Rechten, plichten en verwachtingen worden zo geformuleerd en uitgesproken dat er sprake is van voorspelbaarheid. De stap naar werk leidt niet per definitie tot inkomensonzekerheid door bijvoorbeeld verrekeningen of schommelingen in het recht op toeslagen. Dus ook een voorspelbaar inkomen, waardoor bestaanszekerheid verbeterd is. Hierbij wordt rekening gehouden met het doenvermogen van inwoners.

Regels en processen zelf zijn eenvoudiger en dit geldt ook voor de organisatiestructuur van het werkdomein, zoals bijvoorbeeld één centraal loket voor inwoners en integrale functies. Met proactieve vormen van dienstverlening, zoals het automatisch toekennen van rechten, kan niet-gebruik worden tegengegaan en het gebruik van voorzieningen worden vereenvoudigd. Wanneer inkomensvoorzieningen overzichtelijker en eenvoudiger zijn, valt tijd vrij voor het begeleiden van mensen naar betaald werk of maatschappelijke participatie.

Ondersteuning & instrumenten

De ondersteuning en instrumenten sluiten aan op de mogelijkheden en behoeften van inwoners. Instrumenten en voorzieningen (en kennis hierover) zijn op een centrale plek digitaal toegankelijk voor professionals én inwoners. Professionals kunnen hun aanbeveling voor ondersteuning onderbouwen en aanpassen aan de lokale situatie en individuele inwoner.

Hiermee kan rondom inwoners een samenhangend en onderbouwd pakket aan ondersteuning worden samengesteld vanuit verschillende wet- en regelgeving en het brede palet aan voorzieningen en instrumenten. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar mogelijkheden, maar ook naar het oplossen of verminderen van drempels, waaronder kinderopvang, dakloosheid, schulden en verslaving. Het resultaat van de ingezette instrumenten is bekend evenals wat belanghebbenden hiervan vinden. Deze (sturings)informatie is beschikbaar en wordt gebruikt door professionals en inwoners en is integraal onderdeel van beleid rondom inkoop en aanbesteding.

Inrichting organisatie

De wijze waarop organisaties en afdelingen zijn ingericht geven richting aan de uitvoeringspraktijk, zoals samenwerking tussen professionals. De structuren, systemen en processen zijn ingericht op de gezamenlijke opgave om inwoners centraal te stellen en niet puur op de uitvoering van één specifieke taak. Voor grote gemeenten is dit vaak een lastige opgave, maar gebiedsgericht werken biedt mogelijkheden. Gelijkwaardigheid, zelfregie en vertrouwen zijn ook vertaald in de fysieke inrichting. Specialismen zijn waar nodig centraal georganiseerd, maar professionals kunnen hier gemakkelijk een beroep op doen of mee samenwerken. Zelf zijn de professionals toegerust om burgers integraal te ondersteunen.

Technologie/AI

Technologie en AI worden op verschillende manieren ingezet. De professional wordt ondersteund door technologie en AI; zo helpt AI bij het matchen van vaardigheden en banen, het samenvatten van een gevoerd gesprek, vullen van het zaaksysteem, adviseren over passende instrumenten, beantwoorden van vragen of geven van wetenschappelijke inzichten, maar ook met kritische reflectie op genomen besluiten en gegeven adviezen. De inwoner heeft 24/7 toegang tot persoonlijke ondersteuning. Het persoonlijk contact en maatwerk blijft de kern, maar AI helpt en ondersteunt.

Op het niveau van de organisatie helpen technologie en AI bij een efficiënte en effectieve gemeentelijke dienstverlening door dienstverlening te vereenvoudigen en te verbeteren. Bijvoorbeeld door het terugdringen van administratieve lasten van professionals en beter inzicht door data over de ontwikkeling van inwoners naast uitstroomcijfers.

Op strategisch niveau worden brede ontwikkelingen in technologie gevolgd en ingezoomd op onderdelen die relevant zijn voor het werkdomein en die schaalbaar en aanpasbaar zijn. De AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) is geen belemmering meer voor effectieve gegevensverwerking en samenwerking: er zijn manieren gevonden om gegevensdeling te verbeteren zonder de privacywetgeving te schenden. De afhankelijkheid van commerciële partijen is teruggebracht door open source oplossingen en standaarden, bijvoorbeeld vanuit VNG-R. Inclusieve technologie is opgeschaald en wordt ingezet bij re-integratietrajecten mede door een Meerjarenprogramma Inclusie en Technologie. Denk aan innovatieve tools zoals VR om werkzoekenden te trainen in sollicitatievaardigheden, een beeld te geven van werkzaamheden of hen te laten wennen aan een nieuwe werkomgeving.

Onderzoek & leren

Onderzoek

Onderzoek en praktijk zijn beter met elkaar verbonden door het vertalen van wetenschappelijke kennis naar de uitvoering, praktijkgericht onderzoek en het leren van wetenschappelijke kennis. Er wordt onderzoek gedaan op het gebied van samenwerking, organisatie-inrichting, vakmanschap, burgerregie, leiderschap en inclusief werkgeverschap. Onderzoek kan dan ook helpen om werkgevers effectiever te betrekken. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar het uniformeren en samenbrengen van domeinen, effectiviteit van interventies en lokale en regionale praktijken. Onderzoek krijgt vorm in praktische samenwerking tussen professionals, onderzoekers en studenten. Het werken aan ‘evidence’ en de vertaling daarvan naar de praktijk is essentieel voor evidence-based en methodisch werken.

Leren

Leren gaat over evidence- en practice-based bijblijven en leren wat wel en niet werkt. Leren gebeurt met elkaar, binnen en tussen gemeenten, organisaties, professionals en inwoners. Dit gebeurt door middel van reflecteren en het delen van best practices en het gezamenlijk ontwikkelen van oplossingen. Het gesprek met inwoners wordt daadwerkelijk gevoerd en met feedback van inwoners wordt daadwerkelijk wat gedaan. Hierbij kan gedacht worden aan communities of practice (leernetwerken), waar professionals, leidinggevenden en inwoners van verschillende gemeenten en onderzoekers samenkomen om kennis en ervaringen uit te wisselen.

Professionals blijven up-to-date, ondersteund door een lerende organisatie-context (leidinggevenden, directeuren en bestuurders) en houden hun intuïtie scherp. Professionals leren ook van feedback van cliënten. Intervisie maakt onderdeel uit van leren. Verder zijn er kortere feedbackloops tussen beleidsmakers en uitvoerders.

Maatwerk

Maatwerk wordt door Raaphorst (2024) omschreven als het inhoudelijk aanpassen van besluitvorming aan de omstandigheden van de individuele burger of situatie. Maatwerk is geen afwijking van de wet, maar het is kijken wat past. Maatwerk is nodig om aan te sluiten bij behoeften van doelgroepen. Hierbij wordt rekening gehouden met verschillende niveaus van doenvermogen en mate van grip op het eigen leven. Maatwerk draagt bij aan het verminderen van niet-bereik: er wordt actief contact gezocht met mensen en de hulpvraag wordt in kaart gebracht. Maatwerk wordt zowel toegepast voor inwoners in de Participatiewet als bij werkgevers. Werkgevers hebben verschillende behoeften en niveaus van motivatie; een gepersonaliseerde aanpak is nodig.

Standaardiseren & harmoniseren

Het belang van standaardisatie van data en processen en harmonisatie van beleid en werkwijzen tussen gemeenten wordt ingezien. Dienstverlening wordt efficiënter gemaakt, de variatie aan dienstverlening is verminderd en er is duidelijkheid voor andere organisaties en werkgevers. Niet onbelangrijk hierbij zijn de arbeidskrapte en de ondersteuning door technologie en AI.

Tussen gemeenten is harmonisatie mogelijk ondanks verschillende vertrekpunten; methodieken en processen liggen niet heel ver uit elkaar. Een landelijk richtinggevend beleidskader is ontwikkeld om gemeentelijke verschillen te verhelderen. Ondanks standaardiseren blijft er ruimte voor maatwerk om aan de specifieke behoeften van werkgevers, werknemers en inwoners in de Participatiewet te voldoen. Standaardiseren kan dan ook niet zonder dit in maatwerk toe te passen.

Continuïteit

De noodzaak van continuïteit en ondersteuning voor inwoners in de Participatiewet wordt onderkend. Hiermee worden draaideureffecten (uitkering - werk – uitkering) voorkomen. Vooral voor inwoners in kwetsbare posities is dit van belang; zij hebben gedurende langere tijd begeleiding nodig richting de arbeidsmarkt of maatschappelijke participatie en nazorg.

Professionals weten voldoende van de inwoners om goede ondersteuning te bieden en richting werkgevers met een goed en beargumenteerd verhaal te komen. Want ook in de samenwerking met werkgevers is continuïteit van belang. Met hen wordt samengewerkt om instroom en doorstroom te faciliteren waarmee voorkomen wordt dat inwoners terugvallen in uitkeringssituaties. Werkgevers voelen zich gezien door gemeenten door regelmatige check-ins en het bieden van hulp waar nodig, ook in de zorg voor werknemers. Met werkgevers worden daarmee stabiele relaties opgebouwd.

Deze afbeelding biedt handvatten voor gemeenten en stakeholders om effectief in te spelen op toekomstige uitdagingen. Je kunt erop klikken voor meer informatie.