Overslaan en naar de inhoud gaan

Toelichting per artikel

17 Handhaving tijdens het inburgeringstraject

In artikel 23 van de wet is vastgelegd dat gemeenten een boete opleggen als een inburgeringsplichtige:

  1. verwijtbaar niet of onvoldoende meewerkt aan de geboden begeleiding en ondersteuning die nodig is om de leerroute succesvol af te ronden of
  2. niet voldoet aan de vastgestelde intensiteit van de verschillende onderdelen.

Dit is bijvoorbeeld het geval als een inburgeringsplichtige zonder gegronde reden niet verschijnt bij een voortgangsgesprek of een onderdeel van de MAP of het PVT. Aan asielstatushouders kunnen gemeenten bovendien een boete opleggen als zij niet voldoen aan de gestelde intensiteit van de leerroute, bijvoorbeeld als een inburgeringsplichtige (langdurig of regelmatig) afwezig is bij de taallessen. Aan gezins- en overige migranten kunnen gemeenten hiervoor geen boete opleggen, omdat zij zelf verantwoordelijk zijn voor en bepalen hoe zij de benodigde taalvaardigheden en kennis opdoen.

Eerst onderzoek

Het opleggen van een boete is bedoeld om onwillige inburgeringsplichtigen te stimuleren hun verplichtingen na te komen. Als zich een situatie voordoet waarin een boete wordt overwogen, moet eerst onderzocht worden waarom iemand de afspraken in het PIP of de afspraken over de activiteiten van de gekozen leerroute niet is nagekomen. Het kan immers zo zijn dat een inburgeringsplichtige een afspraak buiten zijn schuld om niet kan nakomen, zoals in geval van ziekte of een andere vorm van overmacht. De inburgeringsplichtige moet hiervoor bewijs aandragen. Blijkt daaruit geen verwijtbaarheid, dan is er voor een boete geen plaats (artikel 5:41 van de Awb).

Hoogte boetebedrag

De hoogte van de boete is vastgesteld in artikel 7.1 van het Besluit. Gemeenten kunnen een boete opleggen van maximaal 800 euro per overtreding met een maximum van 2.400 euro gedurende de initiële (en eventuele verlengde) inburgeringstermijn. Het is de bedoeling dat gemeenten niet direct de maximale boete van 800 euro opleggen bij een overtreding, maar het boetebedrag stapsgewijs per overtreding verhogen. De opbouw is vastgelegd in artikel 7.1.2 en 7.1.3 van het Besluit. De boete voor de eerste overtreding bedraagt maximaal 50 euro. De opbouw is als volgt:

Boete Maximale boete
1 50 euro
2 100 euro
3 200 euro
4 400 euro
5 800 euro

Vaststelling boetebedrag

Er wordt van gemeenten verwacht dat zij bij het vaststellen van het boetebedrag rekening houden met de mate van verwijtbaarheid. Het Besluit onderscheidt vier categorieën van verwijtbaarheid, te weten opzet, grove schuld, normale verwijtbaarheid en verminderde verwijtbaarheid (artikel 7.1.4 Besluit), zie de volgende tabel.

Mate van verwijtbaarheid

Beschrijving

Hoogte boete

Opzet

Er is sprake van opzet als de inburgeringsplichtige de afspraken willens en wetens niet is nagekomen.

100%

Grove schuld

Er is sprake van grove schuld:

  1. als de inburgeringsplichtige grove onachtzaamheid kan worden verweten, dus als de inburgeringsplichtige de gevolgen van zijn of haar gedrag had moeten begrijpen.
  2. bij een samenloop van omstandigheden die elk op zich normale verwijtbaarheid opleveren, maar in samenhang wel leiden tot grove schuld.

75%

Normale verwijtbaarheid

Er is sprake van normale verwijtbaarheid als het gedrag verwijtbaar is, maar de inburgeringsplichtige geen opzet of grove schuld kan worden verweten.

50%

Verminderde verwijtbaarheid

Er is sprake van verminderde verwijtbaarheid:

  1. als het gedrag niet volledig verwijtbaar is vanwege onvoorziene en ongewenste omstandigheden van sociale, psychische of medische aard.
  2. bij een samenloop van omstandigheden die elk op zich niet, maar in samenhang wel leiden tot verminderde verwijtbaarheid.

25%

Nieuwe termijn

Voldoet een inburgeringsplichtige verwijtbaar niet binnen de inburgeringstermijn aan de inburgeringplicht, dan legt de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) een nieuwe termijn op. Als de inburgeringsplichtige zich gedurende deze verlenging niet of onvoldoende inspant en zich niet houdt aan de afspraken zoals vastgelegd in het PIP, dan kan de gemeente (opnieuw) een boete opleggen. De maximale hoogte van de boete is afhankelijk van de duur van de nieuwe termijn.

Duur nieuwe termijn Maximale boete
6 maanden 400 euro
1 jaar 800 euro
1,5 jaar 1.200 euro
2 jaar 1.600 euro

Meer informatie

Meer informatie over naleving tijdens het inburgeringstraject is te vinden in de Handreiking naleving bij inburgering (VNG • maart 2022)