Overslaan en naar de inhoud gaan

Verhalen uit de lerende praktijken van Dwars door domeinen

Laatste update: 27 augustus 2026

Programmamanager Judith Tijdink: ‘Inwoners raken de weg kwijt, maar professionals ook’

Judith Tijdink

We hebben het mooi bedacht en mooi opgeschreven, maar eigenlijk werkt het niet, dachten verschillende gemeenten voordat ze aan Dwars door domeinen deelnamen. In de lerende praktijken zag programmamanager Judith Tijdink veel in beweging komen. ‘Wat staat samenhangende dienstverlening nu écht in de weg? Begin daar eens mee.’

Waarom Dwars door domeinen?

‘De aanleiding was de toeslagenaffaire. Daaruit bleek heel duidelijk dat er heel veel mis was gegaan. Dit moeten we nooit meer zo doen. Mensen met problemen op meerdere levensgebieden komen bij verschillende gemeentelijke loketten terecht, zo is het systeem ingericht. Voor deze mensen is de samenhang tussen hun problemen volkomen helder, maar wij als overheid maken daar kolommetjes van. Dat moet anders. Samenhang aanbrengen in de ondersteuning is écht cruciaal.

Er wordt ook al veel gedaan op dit terrein, vooral op casusniveau. Er zijn overlegtafels waar een casus vanuit verschillende invalshoeken wordt besproken. Dat is heel goed, maar met Dwars door domeinen duiken we dieper het systeem in. Dieper de gemeentelijke organisatie in. Wat moet dáár veranderen zodat professionals in de uitvoering hun werk goed kunnen doen?

Iedereen heeft daar wel een beeld bij. Gegevensdeling, financiën, een gebrek aan samenwerking. Zaken waar professionals keihard tegenaan lopen. "Kan niet, mag niet." En vervolgens staan ze met lege handen. In Dwars door domeinen hebben we onderzocht wat de randvoorwaarden voor samenhangende dienstverlening zijn. Wat is daarvoor nodig?’

Hoe zijn jullie begonnen?

‘We zijn met twaalf gemeenten twaalf lerende praktijken gestart. Kleine en grote gemeenten, die allemaal onder begeleiding van een externe procesbegeleider en een onderzoeker aan het werk gingen. Het formuleren van een concreet knelpunt bleek een grote uitdaging te zijn. Wat staat in goede samenhangende dienstverlening aan gezinnen met multiproblematiek nu echt in de weg? Dat is moeilijk te isoleren, alles hangt met elkaar samen. Tegelijkertijd moet je focus aanbrengen. Dat was een spannende zoektocht.’

Als mensen te snel naar oplossingen grijpen, werk je met een oplossing die niet aansluit bij het probleem. Je moet eerst het probleem scherp hebben.

‘Binnen een gemeente leven ook verschillende ideeën over de oorzaak van een probleem. En dit raakt ook belangen van mensen, ook de organisatiecultuur speelt een rol. De procesbegeleiders hadden een belangrijke taak om al die verschillende opvattingen naar boven te halen en tot een gedeelde probleemanalyse te komen.

Dat is volgens mij precies dé kern van de lerende praktijken. Als mensen te snel naar oplossingen grijpen, werk je met een oplossing die niet aansluit bij het probleem. Je moet eerst het probleem scherp hebben.’

Wat veranderde er binnen de deelnemende gemeenten?

‘Wat ik zelf bijzonder vond, was dat managers zeiden: we hebben het allemaal heel mooi bedacht en opgeschreven, maar eigenlijk werkt het niet zo. We moeten opnieuw beginnen en het nu op een andere manier doen. Het duurde soms best even voordat mensen in een organisatie zover waren.

Er komt ook van alles boven water. Neem samenwerken. Je kunt wel opschrijven dat mensen van verschillende domeinen beter moeten gaan samenwerken, maar daar ben je er niet mee. Dat vraagt veel meer. Vanuit welk perspectief en vanuit welk belang zitten we hier aan tafel? Wat heb ik mijn collega’s te bieden? Waar willen we concreet naar toewerken?’

Houding en gedrag

‘We hebben het dan meteen ook over houding en gedrag. Mensen moeten niet in hun eigen gelijk blijven hangen en proberen anderen te overtuigen. Dat werkt niet. Misschien werkt jouw collega wel vanuit een andere wet. Langzaam zagen we tijdens dit proces steeds meer begrip ontstaan, voor elkaars blik, elkaars perspectief.

In Haarlem gebeurde dat heel duidelijk rond gegevensdeling. Aanvankelijk was de houding tegenover de privacyfunctionarissen een beetje: van jullie mag niets, daar gaan we weer. Gaandeweg groeide het begrip voor hun positie. Ik zat erbij toen zo’n doorbraakmoment ontstond.’

(Tekst gaat verder onder foto)

Programmamanager Judtih Tijdink geeft een presentatie voor Dwars door domeinen

‘In een andere lerende praktijk gingen managers en uitvoerende professionals op een denkbeeldige meetlat van nul tot tien staan. De vraag was: in hoeverre is er in onze gemeente al sprake van samenhangende dienstverlening? De managers gingen hoger op de meetlat staan dan de uitvoerende professionals. Dat verschil was direct zichtbaar, en dat zorgde meteen voor een verdiepend gesprek.’

Wat is er nu nodig om de verbinding tussen uitvoering en organisatie te versterken?

‘In Dwars door domeinen zaten mensen uit de frontlinie aan tafel met beleidsmedewerkers, privacyfunctionarissen, managers en juristen: de mensen die binnen de organisatie aan de knoppen kunnen draaien. Niet één keer, maar gedurende de hele periode. En dan leer je elkaar ook echt kennen.

Ik zat zelf bij een groep professionals die in de praktijk tegen veel problemen aanliep. Ik vroeg: wat zou de organisatie of het management kunnen doen om jullie te helpen? "We hebben geen idee, want we weten niet wat zij doen", was het antwoord. Dat is veelzeggend.

In Maastricht zijn ook verhalen van professionals opgetekend. Er zijn persona’s gemaakt van onder andere een Wmo-consulent, een jeugdconsulent en een consulent Participatiewet. Daarin staat welke situaties zij tegenkomen, hoe zij inwoners helpen en wat zij van de organisatie nodig hebben. Daarmee wordt voor het bestuur zichtbaar wat professionals in hun dagelijkse werk doen.’

Ik vroeg: wat zou het management kunnen doen om jullie te helpen? ‘We hebben geen idee, want we weten niet wat ze doen’, was het antwoord. Dat is veelzeggend.

‘Andersom weet de uitvoering het beste hoe inwoners de dienstverlening ervaren. Zij zijn de schakel met de inwoners. Nu betekent dat niet dat zij alles moeten bepalen, maar ze moeten wel intensief betrokken worden. Het gebeurt helaas nog niet zo vaak dat beleidsmakers echt luisteren naar de praktijk. En áls ze dan luisteren, gaan ze het vervolgens vertalen, waardoor er veel verloren kan gaan. De taal van beleidsmakers is vaak toch heel anders en dan herkennen mensen in de uitvoering zich niet meer.’

Welke lessen kunnen andere gemeenten uit Dwars door domeinen halen?

‘Allereerst: neem de tijd voor een goede probleemanalyse. Zorg voor een ervaren procesbegeleider die iedereen bij het proces betrokken houdt. Ook de interne trekker is essentieel: om de boodschap verder te brengen in de organisatie en aansluiting te vinden bij het management. Zorg er wel voor dat het eigenaarschap niet bij één persoon blijft liggen. Als die persoon ziek wordt of een andere baan krijgt, kan alles stilvallen.

En we moeten ons bewust zijn van de enorme trekkracht, de zuigkracht van de eigen kolom. Het is niet vanzelfsprekend dat je contact zoekt met een collega uit een ander domein. De eigen kolom is veilig: je kent de mensen, de regels en de taal.

Lerend veranderen vraagt dat je af en toe stilstaat bij de vragen: waar zijn we eigenlijk mee bezig, kan het anders en wat hebben we daarvoor nodig? In organisaties ligt de nadruk op to do-lijstjes, e-mails beantwoorden, wachtlijsten en vragen uit de politiek. Er is altijd wel iets dat af moet, maar dit vraagt ook om rust. "Dit zouden we eigenlijk altijd moeten doen", hoorden we terug. Niet opnieuw een beleidsnotitie schrijven, maar met een groep verkennen hoe je het stapsgewijs verder kunt brengen.’

Hoe nu verder?

‘Het programma Dwars door domeinen in deze vorm is in juni gestopt. We brengen de inzichten uit de lerende praktijken samen in bouwstenen, met tips, aanbevelingen en suggesties waarmee andere gemeenten aan de slag kunnen. Dit vraagstuk leeft echt overal. Het sociaal domein is ongelooflijk complex. Inwoners raken de weg kwijt, maar professionals ook.’

Lessen uit de lerende praktijken van Dwars door domeinen

  • Begin niet met oplossingen, maar met het echte knelpunt. Investeer eerst in een gezamenlijke probleemanalyse. Pas als duidelijk is wat samenhangende dienstverlening in de weg staat, kun je gericht veranderen.
     
  • Start bij de uitvoering. Professionals weten waar inwoners vastlopen en welke belemmeringen zij dagelijks tegenkomen. Hun ervaringen vormen het vertrekpunt.
     
  • Betrek de hele organisatie. Laat uitvoerende professionals, beleidsmedewerkers, juristen, privacyfunctionarissen en managers gedurende het hele proces samen optrekken.
     
  • Geef ruimte én rugdekking. Professionals hebben ruimte en rugdekking nodig.
     
  • Accepteer dat verandering niet lineair verloopt. Domeinoverstijgend werken vraagt om experimenteren, bijstellen en leren tijdens het proces.
     
  • Investeer in wederzijds begrip. Verschillende afdelingen werken vanuit andere wetten, belangen en perspectieven. Elkaar leren begrijpen is een belangrijke voorwaarde voor samenwerking.
     
  • Pas de organisatie aan de inwoner aan, niet andersom. Het leven van inwoners laat zich niet opdelen in beleidsterreinen; de gemeentelijke organisatie zal die samenhang moeten organiseren.