Overslaan en naar de inhoud gaan

Pieter Tops: ‘Sterke gemeenschappen zijn het beste wapen tegen ondermijning’

Pieter Tops

Ondermijning bestrijden begint niet bij politie en justitie, maar in het sociaal domein. Professionals die dagelijks bezig zijn met bestaanszekerheid met perspectief bieden zijn cruciaal. Volgens Pieter Tops, emeritus hoogleraar bestuurskunde aan Tilburg University, is het sociaal domein ‘de eerste verdedigingslinie’.

U stond aan de wieg van de aanpak van ondermijning in Nederland, schrijft veel over de georganiseerde misdaad. Blikt u eens terug op de afgelopen jaren.

‘Tien jaar geleden was ondermijning nog een betrekkelijk nieuw begrip en daar dook iedereen op, alles was ineens ondermijning. Die hype is wel voorbij. Het onderwerp en de aanpak zijn nu gelukkig wat meer geland. In de meeste gemeenten is de aanpak van ondermijning een vast onderdeel van het repertoire geworden.

Zelf blijf ik het belangrijk vinden om een scherp onderscheid te maken tussen de aanpak van de georganiseerde misdaad, wat de alledaagse taak van politie en OM is, en de aanpak van ondermijning. Die aanpak gaat fundamenteel over de vraag: Wat doet de georganiseerde misdaad met onze samenleving? Wat doen die enorme financiële bedragen die daarmee gemoeid zijn met ons? En dat is een belangrijke verantwoordelijkheid van de overheid in de brede zin. Daar hoort het sociaal domein heel nadrukkelijk bij. 

Ondermijning is géén slachtofferloos verschijnsel, zoals lange tijd werd gedacht

Ondermijning is een sociaal vraagstuk, het raakt aan bestaanszekerheid, opvoeding, vertrouwen in de overheid. Het gaat over perspectief. Precies de thema’s waar professionals in het sociaal domein zich dagelijks mee bezig houden. Het gaat ook over de zorg voor de slachtoffers. Ondermijning is géén slachtofferloos verschijnsel, zoals lange tijd werd gedacht.

Dit scherpe onderscheid is belangrijk, omdat we dan afscheid nemen van die misplaatste gedachte dat burgemeesters crimefighters zijn en mensen in het sociaal domein agenten. Het sociaal domein heeft een ander repertoire. De politie is in de kern repressief, terwijl het sociaal domein preventief werkt en juist kijkt naar manieren om kwetsbaarheid te verminderen.’

Pieter Tops in gesprek met journalist Jessica Maas
Is het sociaal domein alerter geworden?

‘Zeker. Vijf jaar geleden was de discussie: ligt hier eigenlijk wel een taak voor het sociaal domein? Dat het sociaal domein hier een verantwoordelijkheid heeft, is inmiddels evident. Ondermijning is geen abstract begrip meer, hulpverleners krijgen steeds vaker met ondermijnende praktijken te maken en dat schuurt.

Ik heb in heel wat gemeenten rondgekeken en ben steeds meer gaan zien dat er samenhang zit tussen verschillende activiteiten die elkaar ondersteunen. Ondermijnende ecosystemen, waar mensen gebruikmaken van de mogelijkheden die er zijn. 

Leeuwarden-Oost

Ik noem als voorbeeld Leeuwarden-Oost. De drugscriminaliteit in het noorden van het land begon daar onder meer met de productie van hennep en dat heeft een aantal mensen heel veel geld opgeleverd. Een deel daarvan investeren ze in vastgoed en dan zien we dat daaromheen snel een context ontstaat van zorgfraude en allerlei andere schimmige praktijken waar mensen voor karretjes worden gespannen. 

Dat is niet allemaal zwaar crimineel, maar met al dat geld uit die drugswereld en de aantrekkelijkheid daarvan ontstaat een alternatieve kansenstructuur. Die samenloop van factoren, die juichen we toe als het bijvoorbeeld om ASML gaat: een heel ecosysteem waarin iets kan bloeien. Maar je hebt dus ook ondermijnende ecosystemen, waar criminaliteit kan bloeien.’ 

Met al dat geld uit de drugswereld ontstaat een alternatieve kansenstructuur

Wat hebben professionals in dat sociaal domein nodig om deze ecosystemen te verstoren?

‘Criminelen maken gebruik van armoede, instabiliteit. Door in te zetten op schuldenaanpak, onderwijs en werk verdwijnt de voedingsbodem voor criminaliteit. We hebben het over weerbaarheid, over omgaan met groepsdruk. Over het beschermen van de slachtoffers. Mensen die bij ondermijning betrokken raken, zijn niet alleen dader, maar ook slachtoffer. Mensen met een licht verstandelijke beperking, arbeidsmigranten en mensen met schulden worden gebruikt en onder druk gezet.

Het sociaal domein is niet waardenvrij. Professionals ondersteunen, maar begrenzen ook. Ze benoemen wat niet acceptabel is: uitbuiting is niet normaal, snel geld is geen onschuldige keuze. Zo voorkom je dat ondermijning normaal wordt.

Pieter Tops voor een gebouwtje dat bedekt is met golfplaten

Voor deze aanpak zijn professionals nodig die vanuit een stevige, doorontwikkelde professionele houding en met veel liefde voor hun werk staan voor waar ze mee bezig zijn. Streng liefhebben blijft een gouden formule. Ik zit in de Raad van Toezicht van Reclassering Nederland. Daar heet het de werkalliantie: een goede verstandhouding met de cliënt. Ik spreek mensen daar en ik ben vaak diep onder de indruk van de hardnekkigheid, de zorgvuldigheid en de liefde waarmee mensen hun werk doen.

Op het snijvlak van sociaal domein en veiligheid loopt veel goed volk rond. Maar zij moeten wel worden gesteund. Ze hebben bestuurlijke rugdekking nodig, daar kunnen mensen aan de top van hun organisatie voor zorgen. Bij gemeenten is de rol van bestuurders cruciaal. Het maakt veel verschil als een burgemeester er bovenop zit, die gezag heeft om door domeinen heen te werken.’

Wat ziet u nu gebeuren in de praktijk?

‘Ik realiseer me vaker hoe ongelooflijk complex het overheidssysteem is geworden, en hoe ingewikkeld de verbindingen zijn tussen overheid en samenleving. Ik heb zelf altijd sterk benadrukt hoe belangrijk die contacten zijn, maar we moeten niet verzanden in overleggen. Dat helpt de professionals in de praktijk niet. Minder praten over samenwerken, meer samen doen.

We moeten juist denken en handelen vanuit de frontlijn, vanuit de praktijk. Voor veel beleidsambtenaren is dat ingewikkeld. Die hebben geleerd: eerst doelen formuleren, dan subdoelen, en dan pas uitvoeren.  Natuurlijk moet je altijd controle hebben op geld en op publieke verantwoording. Maar we zijn daar ook wel in doorgeschoten.’

We moeten minder praten over samenwerken, en meer samen doen

Criminelen profiteren daar graag van?

‘Criminelen worden niet belemmerd door regels en bureaucratie. Zij zijn juist heel adaptief. Die criminele wereld kan zich heel snel aanpassen aan nieuwe omstandigheden. Ze weten steeds nieuwe kansen te ontdekken en te overleven.

Daarom is het ook een oneindig spel, we kunnen niet winnen of verliezen. Of het nu gaat over alcohol, drugs, prostitutie of gokken. Het idee dat je dit alles met één grote oplossing kunt laten verdwijnen, is een illusie. Het hoort bij een samenleving. Maar het is onze sociale plicht om te kijken of je het onder controle kunt houden.’

Onderkant

‘We weten heel goed dat de negatieve maatschappelijke consequenties in onevenredige mate neerslaan aan de onderkant van de samenleving. Dáár worden de rotklussen in de criminele wereld opgeknapt. Mensen aan de bovenkant kunnen veel makkelijker wegkijken. Dus er zit ook een vorm van sociale rechtvaardigheid en solidariteit in om hier aandacht aan te blijven besteden. Dat is de taak van het sociaal domein.

We moeten onze tuin blijven onderhouden. Zaaien, spitten en schoffelen, zodat het ons niet overwoekert. Dat is het werk van het sociaal domein, en ook van het strafrecht. De tragiek van het strafrecht is dat het onmisbaar is, maar op zichzelf nooit iets oplost. Het strafrecht wordt geconfronteerd met de gevolgen van maatschappelijke en sociale misstanden; maar de illusie dat je die ten diepste allemaal kunt beheersen met strafrechtelijk handelen, moet je niet hebben.

Meisje met bokshandschoenen

Daarom is het zo belangrijk om te zorgen voor een stevige sociale basis. De echte opgave zit veel meer in het versterken van gemeenschappen en wijken. Het sociaal domein speelt geen bijrol, maar vormt de eerste verdedigingslinie.

We hebben de afgelopen jaren ook geleerd dat we zeker in staat zijn om mensen individueel te helpen, om iemand een nieuw perspectief te geven. Maar we nu moeten leren, is hoe we een duurzame, goede samenleving opbouwen. Dat speelt bijvoorbeeld in Heerlen-Noord. Mensen worden geholpen en verdwijnen dan weer uit de wijk. Maar wat gebeurt er met die wijk? De vraag voor het sociaal domein: hoe organiseer je duurzame verhoudingen? Hoe doe je aan samenlevingsopbouw?’

Een sterke gemeenschap kan tegenwicht kan bieden aan die ondermijnende ecosystemen?

‘Daar ben ik van overtuigd. Tegenover die alternatieve kansenstructuur moet je een ander perspectief zetten. Dat zit in aandacht, in streng liefhebben, in samenhang, in legitimiteit. Daar horen ook ingewikkelde bestuurlijke keuzes bij, bijvoorbeeld rondom wonen en de samenstelling van wijken. Maar zonder deze keuzes verandert er niets. Zet te veel kwetsbaarheid bij elkaar, dan wordt het onbeheersbaar. Dan worden die alternatieve kansenstructuren té aantrekkelijk.

Aan welke knoppen kunnen we draaien? Aan het woningbestand, aan de samenstelling van de wijk, aan de mogelijkheid om een wooncarrière in de eigen buurt te maken. Dat zijn uiteraard beladen onderwerpen, maar ze horen wel degelijk bij deze discussie.’

Als u de balans opmaakt: waar staan we dan nu?

‘Het bewustzijn is gegroeid. Gemeenten zijn ermee bezig. Het beleid is meer geborgd. Gemeenten zijn ook alerter geworden op die ondermijnende ecosystemen. Maar het blijft heel ingewikkeld, het blijft bureaucratisch en het blijft een gevecht om het overeind te houden. Het sociaal domein bestrijdt ondermijning niet door criminaliteit te bevechten, maar door de samenleving sterker te maken dan criminaliteit.’

Het sociaal domein als eerste verdedigingslinie

Verslag lezing Pieter Tops

Op 28 januari 2026 sprak Pieter Tops tijdens het Divosa Symposium ‘Een nieuw perspectief: ondermijning en het sociaal domein’ in het Divosa Clubhuis in Utrecht. Lees het volledige verslag van zijn lezing.

Portretfoto van Pieter Tops, een van de sprekers op het Divosa Symposium over ondermijning