Overslaan en naar de inhoud gaan

Ondermijning en het sociaal domein: een nieuw perspectief

Laatste update: 10 augustus 2026

Route Arbeid+ in Groningen: ‘Deze jongeren hebben iemand nodig die niet loslaat’

Stadhuis van de gemeente Groningen

Het Stadhuis van Groningen foto: Gert Mathijs Cazemier

Met Route Arbeid+ begeleidt de gemeente Groningen jongeren vanuit het praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs naar werk. Om thuiszitten en erger te voorkomen.

Met de komst van de Participatiewet in 2015 trok het UWV zich terug uit het praktijk- en voortgezet speciaal onderwijs. De regierol voor uitstroom en begeleiding van schoolverlaters verschoof naar gemeenten. De gemeente Groningen pakte deze rol actief op. ‘Een half jaar voordat de Participatiewet van kracht werd, zijn we naar de scholen toegegaan. We wilden niet wachten tot jongeren al uit beeld waren, maar juist zorgen voor een warme overdracht.’

Aan het woord is Katja van ’t Hof, de trekker van de aanpak van de aanpak Route Arbeid +. In dit interview delen Katja en haar collega Gert Mathijs Cazemier hun ervaringen en inzichten.

Route Arbeid+ bestaat nu al ruim 6 jaar. Hoe heeft de aanpak zich ontwikkeld?

Katja: ‘We stapten de school in. Dat was een kennismaking met een andere wereld. We liepen tegen het systeem aan. Jongeren stroomden uit naar dagbesteding, werk of vervolgonderwijs. Drie keuzes. Maar wij zagen jongeren richting dagbesteding gaan waarvan wij dachten: hier zit wel degelijk arbeidspotentie in. De leerlingen werden natuurlijk omringd door onderwijsmensen en zorgmensen, niet door werkmensen. Niemand keek vanuit de vraag: wat kan jij wél?

Dat besef werd alleen maar sterker toen we met werkgeversorganisatie VNO-NCW onderzoek deden naar deze jongeren. Een jongen vulde ’s avonds vakken bij Albert Heijn. De mevrouw van VNO-NCW zei meteen: "Als hij dit kan, dan kan hij ook in de logistiek werken." Dat was voor ons een eyeopener. Het is nogal wat om jongeren al op hun dertiende of veertiende het stempel ‘dagbesteding’ te geven. Alleen als dan later alle balletjes de goede kant oprollen, komt zo’n jongere daar nog uit.’

De verleiding van het snelle geld is groot. Met Route Arbeid+ proberen we daar iets tegenover te zetten.

- Gert Mathijs Cazemier

Hoe werkt dit in de praktijk?

Katja: 'We hebben de pilotscholen gevraagd om de twijfelgevallen tussen dagbesteding en werk naar ons te sturen. Met die groep met mogelijk arbeidspotentieel zijn we aan de slag gegaan. Uitgangspunt van het uitstroomprofiel is eigenlijk dat deze jongeren binnen zes maanden aan het werk kunnen.

Maar we hebben het over pubers van 15, 16, met gierende hormonen. Soms speelt er thuis van alles, dus hun focus ligt helemaal niet op het werk.  Er speelt vaak van alles, maar dat wil niet zeggen dat ze geen talenten hebben.

Een voorbeeldje: Cynthia, een leerling van de praktijkschool, wilde heel graag met kinderen werken. Maar ze had geen diploma, geen opleiding. Via onze route kunnen we praktijkleren inzetten, dus dat ze op taakniveau mbo-certificaten haalt in een werksetting. Nu werkt de buurvrouw van Cynthia in de kinderopvang en zij wilde wel meewerken. Cynthia begon te helpen, fruit snijden, broodjes klaarmaken. Steeds een stapje verder. Na vier jaar had ze alle certificaten die ze nodig had en nu heeft ze een vast contract. Als Route Arbeid+ er niet was geweest, was ze misschien wel in het praktijkonderwijs uitgevallen.’

Gert Mathijs: ‘Ik zit zelf op de scholen, schuif aan bij overleg en denk mee op basis van het ondersteuningsplan en de volgende mogelijke stap. Uiteindelijk hebben we hetzelfde belang: dat jongeren zo zelfstandig mogelijk verder kunnen. Inmiddels spreken we ook veel meer dezelfde taal. We hebben het niet alleen over beperkingen, maar ook over werknemersvaardigheden en ontwikkelmogelijkheden.'

Voorkomt dat dat jongeren afglijden naar de criminaliteit?

Gert Mathijs: 'Ook hier in Groningen is de verleiding van het snelle geld groot. Jongeren zeggen letterlijk tegen ons: "Waarom zou ik gaan wachten op een baan? Ik wil drieduizend euro per maand verdienen." Tsja, dat gaat ‘m natuurlijk niet worden. Met deze aanpak proberen we daar toch iets tegenover te zetten. Niet alleen een baan, maar ook structuur, vertrouwen en een toekomst. Jongeren ervaren hoe het is om zelf geld te verdienen, collega's te hebben en ergens trots op te zijn. Dat maakt de aantrekkingskracht van snel geld minder groot. Uiteindelijk gaat het niet alleen om werk, maar om perspectief.'

Deze groep jongeren heeft het zwaarder, omdat de samenleving veel ingewikkelder is geworden

- Katja van't Hof

Wat weten jullie inmiddels over de doelgroep?

Gert Mathijs: 'Wij zijn er voor jongeren die niet passen binnen de reguliere dienstverlening. Dat zijn jongeren uit het praktijkonderwijs of voortgezet speciaal onderwijs, maar ook jongeren met een licht verstandelijke beperking, jongeren die zijn uitgevallen op school of al heel veel hebben meegemaakt. Vaak spelen er meerdere problemen tegelijk: schulden, ingewikkelde thuissituaties, jeugdhulp of beschermd wonen. Juist daarom werkt een standaardtraject vaak niet. Sommige jongeren hebben nog nooit iemand gehad die naast hen bleef staan. Dan moet je eerst vertrouwen opbouwen.'

Katja: 'Er wordt vaak gezegd dat de doelgroep zwaarder wordt. Ik denk dat deze groep het zwaarder heeft omdat de samenleving veel ingewikkelder is geworden. Jongeren krijgen voortdurend informatie via sociale media, influencers en hun telefoon. Voor jongeren die al kwetsbaar zijn, is dat ontzettend moeilijk om te verwerken. Dan helpt een brief van de gemeente of een verwijzing naar schuldhulpverlening echt niet. Dan heb je iemand nodig die naast je gaat zitten.'

(Tekst gaat verder onder foto)

Vakkenvuller aan het werk

Foto: Gert Mathijs Cazemier

Hoe ziet jouw werk als consulent eruit?

Gert Mathijs: 'Geen dag is hetzelfde. De ene ochtend zit ik op een praktijkschool, daarna drink ik koffie met een jongere in de stad, vervolgens overleg ik met een werkgever en aan het eind van de middag zit ik bij een gezin thuis. Ik probeer het gemeentehuis eigenlijk zo veel mogelijk te vermijden. 

In het begin is de begeleiding vaak intensief. Je helpt bij sollicitaties, legt contact met werkgevers, gaat mee naar gesprekken. Ik denk aan Samir, een jongen uit het praktijkonderwijs. Niemand wist wat een passend uitstroomprofiel zou zijn, dagbesteding of beschut werk? De begeleiding was heel intensief, inmiddels werkt hij alweer anderhalf jaar vierentwintig uur per week bij Albert Heijn – vanuit de Banenafspraak met loonkostensubsidie. Van zijn eerste salaris kocht hij een paar Nikes. Hij heeft pas z’n rijbewijs gehaald, dat zijn enorme stappen. Ook de familie is helemaal trots. Hij is de eerste in de familie die geen gebruik maakt van een bijstandsuitkering.’

Katja: 'Vier jaar intensieve begeleiding lijkt veel. Maar zoals bij Samir doorbreekt het soms ook intergenerationele armoede. Het voorkomt misschien wel een criminele carrière. Ja, dit vraagt tijd, maar als je ziet wat het oplevert, is die investering het meer dan waard.'

Soms moet je een beetje burgerlijk ongehoorzaam zijn en niet denken vanuit systemen, maar vanuit de jongere

- Katja van't Hof

Gert Mathijs: 'Veel van deze jongeren zijn ontzettend beïnvloedbaar. Ze overzien de gevolgen van hun keuzes niet altijd. We zien jongeren die worden ingezet om drugs te vervoeren of spullen weg te brengen, zonder dat ze eigenlijk begrijpen waar ze onderdeel van zijn. We hadden een jongen die slachtoffer werd van TikTok-chantage. Hij wist niet eens dat hij was gefilmd. Pas later werd hij geconfronteerd met beelden waarmee hij onder druk werd gezet. Een andere jongen maakte op een werkplek een opmerking dat hij "morgen wel een kilo wiet" zou meenemen, omdat hij die contacten had. Hij besefte totaal niet wat hij daarmee zei en welke gevolgen dat kon hebben.'

Katja: 'En dan zie je hoe belangrijk begeleiding is. Zo'n jongen werd direct van zijn werkplek gestuurd. Wij denken juist: ga met hem in gesprek. Leg uit waarom dit niet kan. Leer hem wat de gevolgen zijn. Als je hem alleen wegstuurt, leert hij niets en staat hij morgen weer op straat.'

Gert Mathijs: 'Dat is precies het dilemma. Een uitkering is geen vetpot. Ondertussen blijft de straat trekken. Die vrienden zijn er elke avond weer. Daarom moet je jongeren vasthouden, ook als het ingewikkeld wordt. Soms zijn we jarenlang met iemand bezig voordat het kwartje valt.'

De aanpak wordt nu uitgebreid?

Katja: 'We begeleiden nu vijftig tot zestig jongeren. De komende jaren willen we doorgroeien naar ongeveer tweehonderd. Niet omdat we per se groter willen worden, maar omdat we zien dat de aanpak werkt. Zeventig procent stroomt niet uit naar dagbesteding. Ook zien we dat Wajong-aanvragen die worden ingediend vrijwel altijd worden toegekend. Dat komt doordat de onderbouwing en verslaglegging goed zijn. En door de samenwerking met alle partijen kunnen jongeren rechtstreeks vanuit school doorstromen naar beschut werk, zonder eerst in een uitkering terecht te komen.'

We breiden nu langzaam uit naar andere groepen, zoals voortijdig schoolverlaters en jongeren uit Preventie met Gezag. Stap voor stap. Deze aanpak vraagt veel van consulenten. Je moet iets weten van onderwijs, de Participatiewet, de Jeugdwet, werkgevers, beschut werk, basis Jeugdhulp, Wmo én vooral affiniteit hebben met jongeren.'

Wat kunnen andere gemeenten leren van Route Arbeid+?

Katja: 'Begin vroeg. Wacht niet totdat ze zich bij het gemeenteloket melden. Dan ben je vaak al jaren verder. Als wij deze jongeren niet op hun vijftiende al in het vizier hebben, komen ze soms pas op hun eenentwintigste bij ons terecht. In die jaren kan er heel veel gebeuren. 

Durf ook over de grenzen van je eigen domein heen te kijken. Route Arbeid+ werkt alleen omdat onderwijs, werk, zorg, werkgevers en de gemeente samenwerken. Soms moet je een beetje burgerlijk ongehoorzaam zijn en niet denken vanuit systemen, maar vanuit de jongere. In gemeenteland noemen we dit de systeemwereld versus de leefwereld. Laat die jongeren in de leefwereld wonen.'