Overslaan en naar de inhoud gaan

1 Parttime werk in de bijstand

Veel wisselingen in groep parttime werkenden

Kijken we gedurende de periode van één kalenderjaar (2017) (1) naar de duur van het parttime werk, dan zien we dat de meeste mensen gedurende dat jaar voor kortere periodes inkomsten uit werk hadden. Er zitten dus veel wisselingen in de groep die parttime werkt. Deze dynamiek is gelinkt aan het feit dat parttime werkenden relatief vaak uitstromen uit de uitkering. Ook kan het te maken hebben met het afwisselend wel en niet werken (bijvoorbeeld op nulurencontracten).

Er is meer dynamiek bij alleenstaanden, jongeren en mannen. Gehuwden, alleenstaande ouders, vrouwen en ouderen werken juist vaker langere aaneengesloten periodes. (2)

We kijken overigens alleen naar het kalenderjaar 2017. Werk in 2016 en 2018 blijft in deze analyse dus buiten beeld. De werkduur van personen die in 2017 zijn begonnen (of opgehouden) met werken, kan in de praktijk dus langer zijn. Deze cijfers geven dus geen indruk van de duur van het werk, maar juist van de dynamiek in het bestand van parttime werkenden: er zijn veel mensen die gedurende een jaar een periode van inkomsten uit parttime werk beginnen of eindigen. (3)

  1. Deze analyse is ook gemaakt voor 2016. We laten 2017 zien om dit een meer recent jaar is. We zien hier en daar lichte verschillen. Waar dat gebeurt, vermelden we dat in een voetnoot.
  2. In 2017 is de dynamiek bij alleenstaanden, jongeren en mannen iets groter dan in 2016.
  3. Dit is gemeten over het kalenderjaar 2017. Dat betekent dat deze cijfers weinig zeggen over hoe lang mensen daadwerkelijk werken. Er wordt immers alleen geteld tussen januari en december 2017. Iemand die heel 2016 werkte en per maart 2017 stopt, telt hier dus voor twee maanden, terwijl het werkelijk aantal gewerkte maanden 14 bedraagt.

Inhoud