Overslaan en naar de inhoud gaan

Volumeontwikkeling bijstand

Stijging van het bijstandsbestand

In 2024 stijgt het bijstandsbestand met 0,8%. Gemeenten met minder dan 50.000 inwoners zien een grotere stijging (1,7%). In grotere steden stijgt het bestand met 0,7%. 

Als we alleen naar de algemene bijstand kijken, dus zonder IOAZ, IOAW en Bbz, dan zien we landelijk een stijging van 1,5%. Met uitzondering van een stijging in 2020 ten gevolge van de coronamaatregelen, zagen we in voorgaande jaren juist een dalende trend. 

Grafiek: Landelijke toename van volume BUIG. De toelichting bij deze grafiek staat op deze pagina.
Grafiek: Ontwikkeling BUIG. Op deze pagina staat een toelichting op de grafiek.
Grafiek: Landelijke toename van de bijstand. De toelichting bij deze grafiek staat op deze pagina.

We zien een verschil tussen de ontwikkeling van het volume BUIG en die van (alleen) de algemene bijstand. Dit verschil wordt verklaard door de verschillen in de ontwikkeling van het volume van de verschillende uitkeringen. In 2024 was er sprake van een aanzienlijke daling van het aantal uitkeringen IOAW/Z en Bbz 2004. Hoewel de meeste uitkeringen van de BUIG algemene bijstandsuitkeringen zijn, heeft deze daling een dempend effect op de ontwikkeling van het volume BUIG.

Grafiek: Aantal bijstandsgerechtigden als percentage van de Nederlandse bevolking. De toelichting bij deze grafiek staat op deze pagina.

Inmiddels is het tien jaar geleden dat de Participatiewet in werking is getreden. In die periode is er sprake geweest van een verandering van de samenstelling van het bijstandsbestand. Daarnaast zien we dit jaar dat er weer een stijging is in het aantal personen dat een bijstandsuitkering ontvangt. 

Het is echter belangrijk om dit ook in het perspectief te plaatsen van zowel de bevolkingsontwikkeling als de arbeidsmarktontwikkelingen. Allereerst is de bevolking tussen de 18 jaar en AOW-leeftijd, die in theorie een beroep op de bijstand kan doen, gegroeid vanwege algemene bevolkingsgroei en de verhoging van de AOW-leeftijd. Bij een gelijkblijvende behoefte aan ondersteuning zou het aantal mensen in de bijstand dus ook groeien. 

Kijken we naar het aantal bijstandsgerechtigden als percentage van de volwassenen onder de AOW-leeftijd, dan zien we juist een kleine daling. Dit zou in samenhang gezien kunnen worden met de dalende werkloosheidscijfers in de afgelopen tien jaar.

Inhoud