Overslaan en naar de inhoud gaan

4. Moreel gespreksleiderschap: aandachtspunten

4.2 Heldere begrippen

Een tweede aandachtspunt bij het verbeteren van de kwaliteit van argumentatie, gaat over de helderheid van begrippen. In een moreel beraad is er een grotere kans op ‘los’ taalgebruik dan in geschreven teksten (beleidsstukken, wetgeving, enzovoort). Op zich is dat geen probleem, maar er moet wel een juiste balans worden gevonden tussen (te) los taalgebruik en (te) beperkende, strikte definities. 

Vooral tijdens het inbrengen en selecteren van een casus moet je je steeds goed afvragen of de casus wel een goed voorbeeld is van het probleem dat je wil analyseren.

Een voorbeeld

In moreel beraad-sessies heeft het Rijksprogramma Dialoog & Ethiek de wenselijkheid van ambtelijk activisme onderzocht. Een voorgestelde casus leidde tot de volgende morele vraag: 

  • 'Mag ik deelnemen aan een demonstratie van Extinction Rebellion op de A12 als mijn afdeling niet verantwoordelijk is voor klimaatbeleid?'

Hoewel dit een interessante morele vraag is, blijft het onduidelijk of deze vraag wel over ambtelijk activisme gaat. Want nam de casusinbrenger niet deel aan de demonstratie als burger, in plaats van als ambtenaar?