Overslaan en naar de inhoud gaan

Maatregelen

Bedrijfsvoering

Effectiviteit

Niet onbelangrijk is aandacht voor kosteneffectiviteit van jeugdinterventies. De effectiviteit van interventies in de jeugdzorg is een complexe kwestie. Slechts zo’n 10% van de interventies in de jeugdzorg wordt als bewezen effectief beschouwd, gebaseerd op onderzoek met controlegroepen en willekeurige toewijzing. In de Databank Effectieve Jeugdinterventies staan erkend effectieve interventies voor hulp bij opgroeien en opvoeden beschreven. Dat wil niet zeggen dat interventies die de lijst niet gehaald hebben, niet effectief kunnen zijn, maar dat het niet bewezen is dat ze het zijn. Het kan nooit kwaad om je eigen (ingekochte) aanbod nog eens tegen het licht te houden.

Inkoop

We gaan ervan uit dat inkoop geen louter technisch proces is dat volledig rationeel te optimaliseren is. Het is óók opereren in een complexe, veranderende en deels onbekende context. Een belangrijke vraag is dan ook hoe die context nader te duiden zodat die wat minder ‘de grote onbekende’ is. Recent heeft Divosa een handreiking gepubliceerd gericht op dit thema: Inkoop in het sociaal domein: een helpende hand voor (beginnende) managers.

Fraudebestrijding

Gesteld kan worden dat fraude in het sociaal domein een serieus probleem is dat aandacht verdient. Schattingen gaan ervan uit dat tussen de 5 en 8% van het totale zorgbudget weglekt aan misbruik, oneigenlijk gebruik en fraude. Regelmatig verschijnen er berichten in de media over fraude en hoge winsten in de zorg. Door bewustwording, preventie en gerichte handhaving kunnen gemeenten bijdragen aan het terugdringen van fraude en het waarborgen van een rechtmatige besteding van zorggelden. En de kosten terugbrengen. Lees meer hierover in de handreiking over inkoop.

Preventie

Over ‘preventie’ is al veel geschreven, maar hét model hiervoor is nog niet gevonden. In algemene zin kun je wel stellen dat in plaats van te focussen op specifieke risicogroepen en telkens maar maatwerkvoorzieningen in te zetten, gemeenten zeker in staat moeten zijn om brede op preventie gerichte interventies kunnen implementeren die een groot bereik hebben en laagdrempelig zijn. Het versterken van de sociale basis (zie verderop in deze tekst) behoort daar zeker ook toe.

Relatie met het onderwijs

Gemeenten kunnen de jeugdzorg beter laten aansluiten op het onderwijs door een gezamenlijke aanpak te ontwikkelen. Dit kan helpen om problemen op school aan te pakken voordat ze escaleren. Zo kan het behulpzaam zijn om maatschappelijk werkers te laten samenwerken met onderwijsinstellingen of ze er zelfs te positioneren. Schakel dan de school in om de ouders te betrekken bij het oplossen van de problematiek van kinderen. Vaak zijn problemen bij kinderen terug te voeren op de situatie thuis.

Belangrijk in deze is ook dat de band tussen school/docent en leerling in stand blijft. Deze band wordt nogal eens doorgesneden als een voorziening in de jeugdzorg wordt ingezet, met als gevolg dat een kind wordt ‘losgelaten’ door de school en vervolgens naar het speciaal onderwijs ‘doorzakt’. Daarna is terugkeer naar het reguliere onderwijs vrijwel onmogelijk en wacht dit kind de praktijkschool en daarna een wankele positie op de arbeidsmarkt.

Relatie met schulden

Hoewel er geen exact percentage is voor het aandeel van jeugdzorg waarbij financiële problemen van de ouders een rol spelen, is het duidelijk dat deze problemen een significante invloed hebben op de situatie van veel gezinnen die gebruik maken van jeugdzorgdiensten.

Het CBS geeft aan dat ongeveer 25% van de huishoudens met minderjarige kinderen die jeugdzorg ontvangen, sociaaleconomische problemen heeft. Financiële problemen zijn vaak samenhangend met andere risicofactoren zoals psychische problematiek, echtscheiding en justitiecontacten. Toch zien we (te) vaak dat er een op het kind toegesneden voorziening uit de jeugdzorg wordt ingezet, maar de onderliggende problemen niet worden aangepakt. De vraag moet gesteld worden of jeugdzorg in deze gevallen eigenlijk niet nodig zou moeten zijn, maar of een op het gezin gerichte aanpak van onder meer schuldenproblematiek, uiteindelijk niet succesvoller en wellicht goedkoper is.

Actieve wijkteams

‘Actieve wijkteams’ zijn toegerust om een deel van de ambulante jeugdhulptrajecten in de gemeente zelf uit te voeren en daarmee kostbare zorgtrajecten te voorkomen. Zij lijken beter te werken dan ‘niet-actieve wijkteams’ die inwoners alleen doorverwijzen naar de gemeente voor maatwerktrajecten en zelf geen ondersteuning bieden.

Versterken sociale basis

Het versterken van de sociale basis verwijst naar het proces waarbij de onderlinge verbindingen en samenhang binnen wijken, buurten en dorpen worden verbeterd, zodat mensen beter voor elkaar kunnen zorgen en meer eigen regie en zeggenschap over hun leven krijgen. Het gaat om het ondersteunen en versterken van informele sociale verbanden zoals netwerken, groepen, verenigingen en gezinnen, maar ook om het toegankelijk maken en ondersteunen van formele voorzieningen zoals buurthuizen, bibliotheken en welzijnsorganisaties.

Relatie met de huisarts

Al sinds de start van de decentralisaties zijn Praktijkondersteuners bij de huisarts actief. Uit onderzoeken blijkt dat inzet van een POH’er niet direct leidt tot een lager beroep op jeugdzorg, maar dat het inzetten van praktijkondersteuners kan wel helpen om lichte hulp te bieden en de toegang tot zwaardere hulp te bewaken, waardoor minder jeugdigen doorverwezen worden naar intensieve jeugdzorg.