Overslaan en naar de inhoud gaan

Regievoering in de B1-route: ‘Zorg dat je de route van een cliënt kunt dromen’

Binnen de Wet inburgering 2021 (Wi2021) speelt regievoering door de gemeente een sleutelrol. Dat betekent meer dan alleen de voortgang in de gaten houden. Tijdens een uitwisselingssessie op 9 september 2025 bij Divosa vertelt beleidsadviseur Mohammed al Temimi hoe de gemeente Rotterdam dit aanpakt. Ook presenteert hij een routekaart, die helpt bij het vinden van de balans tussen taal en participatie. De gemeente heeft deze routekaart samen met taalaanbieders gemaakt. ‘Met hulp van de kaart zie je de inburgeringsroute voor je, zodat je op tijd kunt bijsturen.’

Tips voor gemeenten

  • Check schoolse vaardigheden naast de leerbaarheidstoets.
  • Heb nauw contact met taalaanbieders en vertrouw op hun expertise.
  • Houd de voortgang strak bij en grijp op tijd in.
  • Gebruik de routekaart als leidraad bij regievoering.

In de Wi2021 staat dat een eventuele wijziging van de leerroute binnen 1,5 jaar na de start van het traject moet plaatsvinden. In de praktijk weet je al veel eerder of iemand in de juiste route zit. Mohammed benadrukt daarom het belang van regievoering. ‘Dat gaat veel verder dan monitoring, zoals dat was binnen de Wi2013. Binnen de huidige wet speel je als consulent vanaf het begin een actieve rol. Je moet de hele route van een cliënt kunnen dromen. Alleen dan kun je grip houden op het traject.’ 

Schoolse vaardigheden

Om tijdens de brede intake de juiste route van een inburgeraar te bepalen, wordt naast de gesprekken gebruikgemaakt van de leerbaarheidstoets (LBT). Een belangrijk instrument, maar schoolse vaardigheden zijn minstens zo belangrijk. Mohammed: ‘De consulent moet volgens de wet het onderwijsverleden van de inburgeraar onderzoeken. Hierbij moeten ook de schoolse vaardigheden worden meegenomen. Wanneer een inburgeraar in de eigen moedertaal nauwelijks of niet kan lezen of schrijven en zelfs moeite heeft om een pen vast te houden, is de B1-route geen realistisch startpunt. Dat betekent niet dat B1-niveau onhaalbaar is. Maar diegene moet eerst alfabetiseren en kan later misschien de stap maken naar B1.’

De stap van A1 naar A2 is veel kleiner dan van B1 naar B2.

- Mohammed al Temimi, beleidsadviseur gemeente Rotterdam

Samen met taalaanbieders de juiste route bepalen

Daarnaast zegt Mohammed dat je de kennis van taalaanbieders moet gebruiken. ‘Zij hebben de afgelopen jaren een enorme database opgebouwd over hoe een inburgeraar zich in een taaltraject ontwikkelt.’ Volgens de kaders van taalaanbieders zitten snelle leerders binnen 300-400 uur Nt2-taallessen op B1-niveau. ‘Alleen deze inburgeraars kunnen eventueel binnen hun inburgeringsperiode de overstap maken van taalniveau B1 naar B2.’ Mohammed geeft aan dat het voor goede regievoering nodig is om de gemiddelde woordenschat per taalniveau te weten. ‘Zodat je als professional snapt dat de stap van A1 naar A2 veel kleiner is dan van B1 naar B2. Dat helpt je om in te schatten in welke casussen het realistisch is een taalaanbieder te vragen iemand op een hoger niveau te krijgen. 

De gemiddelde woordenschat per taalniveau

Niveau Woordenschat
A1 ca. 1.000 woorden
A2 ca. 2.000 woorden
B1 5.000 - 6.000 woorden
B2 10.000+ woorden

Deze informatie helpt volgens Mohammed in gesprekken tussen gemeenten en taalaanbieders. Zo voorkom je dat je steeds in dezelfde discussies belandt. ‘We moeten ons realiseren dat we een gemeenschappelijk belang hebben. Uiteindelijk willen we allemaal dat iemand het hoogst haalbare taalniveau haalt.’

Drie belangrijke ankerpunten in de B1-route

Ook al kies je zorgvuldig de juiste leerroute, tijdens het traject kan iemand die inburgert zich anders ontwikkelen. Gelukkig is er ruimte om bij te sturen. Mohammed benoemt drie belangrijke ankerpunten in de regievoering binnen de B1-route: 

  • Binnen 1,5 jaar: mogelijk om van route te wijzigen (wettelijke termijn)
  • Na 2 jaar: onderzoeken of de inburgeraar op onderdelen voor afschalen in aanmerking komt
  • Na 2,5 jaar: indien nodig verlenging inburgeringstermijn na aanzienlijke inspanning 

Hij drukt de aanwezigen op het hart om alert te zijn op de voortgang. ‘Iemand moet minimaal 600 uur taalles hebben gevolgd voor je kunt afschalen. Eerder kan niet. Maar je kunt al wel bijvoorbeeld bij 520 gevolgde lesuren het proces van afschalen starten. Als iemand dan net op A2 zit is het niet meer realistisch dat diegene binnen de inburgeringstermijn ineens B1 haalt.’ 

Verlenging na aanzienlijke inspanning kan alleen als aan alle voorwaarden is voldaan, zoals voldoende lesuren en afronden van minimaal twee taalexamens, KNM, MAP en PVT. Het gaat dan om een verlenging van een half jaar, bedoeld voor inburgeraars die ondanks hun inspanningen net niet op tijd klaar zijn. ‘Als je in de regievoering niet op tijd afschaalt en examens laat afleggen, is verlenging op basis van aanzienlijke inspanning voor een inburgeraar die de examens niet op B1 niveau haalt niet mogelijk en komt diegene in de knel met de termijn.’

Routekaart: taal én participatie

Naast de drie ankerpunten speelt dualiteit in de B1-route een belangrijke rol. Om te laten zien hoe taal en participatie zich tot elkaar verhouden, ontwikkelde Rotterdam een routekaart. Deze routekaart gaat uit van een gemiddeld persoon. Persoonlijke omstandigheden en gezondheid worden hierin niet meegenomen. Op de routekaart staan twee lijnen: de oranje lijn staat voor ontwikkeling in het taalonderdeel en de groene lijn voor het participatieonderdeel. Mohammed: ‘Aan het begin gaat veel aandacht naar taal. Maar in de loop van het traject komt er steeds meer ruimte voor participatie en kan het taalonderdeel kleiner worden. Zeker als er op de werkvloer ook Nederlands wordt gesproken.’ 

Daarnaast onderscheidt de routekaart de anders-gealfabetiseerden, en de gealfabetiseerde inburgeraars. Anders-gealfabetiseerden die na zes tot negen maanden taallessen nog niet zijn gealfabetiseerd, horen waarschijnlijk niet in de B1-route. Dit soort handvatten helpen de consulent bij de regievoering. 

Ook belangrijke ijkpunten voor de taalontwikkeling en de drie ankerpunten zijn aangegeven. ‘Op de kaart zie je dat een gealfabetiseerde inburgeraar in de B1-route binnen 3 à 4 maanden tegen A1-niveau aan zit. Zit iemand nog niet op dat niveau, houd dan de voortgang goed in de gaten. Als je na twee jaar ontdekt dat iemand dan pas net A1-niveau heeft aangetikt terwijl alle lessen zijn gevolgd, heb je veel stations gemist om regie te voeren. Om echt grip te houden op het traject, is goede uitwisseling over de voortgang met de taalaanbieder van belang. Zorg dat je over de ontwikkeling in taalniveau niet voor verrassingen komt te staan.’

Routekaart B1-route gemeente Rotterdam

Gemeente Rotterdam maakte deze routekaart voor de B1-route van de inburgering.

Contactpersoon