Overslaan en naar de inhoud gaan

2 Instroom

2.5 Meer dan de helft instromers in de bijstand heeft migratieachtergrond

Van het totaal aantal mensen dat tussen 2016 en 2021 (2e kwartaal) instroomde in de bijstand, had 58,8% een migratieachtergrond. (1) Van deze groep had 84,2% een niet-westerse migratieachtergrond.

De absolute instroom van personen met een migratieachtergrond in de bijstand is tussen 2016 en 2021 (2e kwartaal) gemiddeld afgenomen. Wel zijn er af en toe pieken en dalen te zien. De afname van instroom van personen met een migratieachtergrond kan samenhangen met een afname van het aantal asielaanvragen en verleende vergunningen na 2015. Echter, er is een vergelijkbare afname te zien in de totale instroom in de bijstand, ongeacht migratieachtergrond.

Kijken we naar de procentuele instroom van personen met een migratieachtergrond in de bijstand, dan is deze juist toegenomen (zie figuur hieronder). In 2016 (1e helft) vormden zij 58% van de totale instroom en in 2021 (1e helft) 62%. Voor personen met een Nederlandse achtergrond, geldt het tegenovergestelde: in 2016 (1e helft) vormden zij 42% van de totale instroom, tegenover 38% in 2021 (1e helft). In totaal bezien zijn de verschillen niet groot.

Onder personen met een migratieachtergrond vallen personen die zelf in het buitenland zijn geboren met ten minste één in het buitenland geboren ouder (1e generatie) en personen van wie ten minste één ouder in het buitenland is geboren (2e generatie). 

Voetnoten

  1. Voor de instroom naar migratieachtergrond zijn andere cijfers gebruikt, namelijk die van het CBS. Deze cijfers zijn geregistreerd per kwartaal.

Inhoud