Overslaan en naar de inhoud gaan

Pieter Hasekamp ‘Ongelijke kansen zijn gemiste kansen’

‘We spreken met trots over ons vlakke landje, maar zo vlak is Nederland niet.’ Pieter Hasekamp, directeur van het Centraal Planbureau, neemt ons mee langs cijfers, grafieken en tabellen en laat de scheefheid zien die ons land óók kenmerkt. Wat te doen om het tij te keren? 

Pieter Hasekamp op het podium tijdens het Divosa Voorjaarscongres 2025 in Heerlen

In het kort

  • Nederland is geen vlak land als we kijken naar inkomensongelijkheid.
  • Heel wat mensen hebben hulp nodig om een bestaanszeker leven te kunnen leiden.
  • Kijk niet te veel naar Den Haag, maar naar krachtige gemeenschappen.

Gemiddeld best goed

‘Kijken we naar de macrocijfers, dan gaat het best goed met Nederland’, schetst Hasekamp. De lonen groeien, mensen sparen meer. Maar let op: ‘Het politieke debat gaat vooral over de middeninkomens. Maar ook in een rivier van gemiddeld een meter diep kun je verdrinken.’

Uit recent onderzoek van het CPB komt naar voren dat de lasten de laatste jaren fors gestegen zijn. Denk aan de kosten voor energie, boodschappen, kleding. ‘Maar de inkomens zijn nog sterker gestegen, waardoor de vastelastenquote is gedaald’, laat Hasekamp in een van zijn grafieken zien. ‘Al zien we hier ook grote verschillen. Mensen met een huurwoning hebben bijvoorbeeld een hogere vastelastenquote dan mensen met een koopwoning.’

Hulp bij bestaanszekerheid

De armoede in Nederland is gedaald. ‘Het beleid dat hierop is ingezet – hoger minimumloon, hogere uitkeringen, hoger kindgebonden toeslagen – is succesvol. Maar de situatie voor werkende armen, mensen met onzekere banen, voor mensen dieper onder de armoedegrens, is niet gedaald. En onder hen zijn er heel wat die toeslagen missen waar zij recht op hebben. Dit geldt ook voor net-gepensioneerden en studenten, die zo onnodig schulden opbouwen. Veel mensen hebben hulp nodig om een bestaanszeker leven te leiden.’

De inkomensongelijkheid begint al vroeg en werkt door.

Opeenstapeling

De inkomensongelijkheid begint al vroeg, stapelt zich op en wordt van de ene generatie op de andere doorgegeven – in positieve of negatieve zin. ‘En die trend zet door’, waarschuwt hij. ‘Het gaat niet beter, Nederland doet het slechter dan veel omringende landen.’ 

Dat is ook terug te zien in de cijfers voor sociaaleconomische gezondheidsverschillen. Roken tijdens de zwangerschap, de taalrijkheid van de thuisomgeving, het lerarentekort op school (dat het hoogst is op scholen met veel kinderen van ouders met een lage opleiding), ouders die hun kinderen financieel kunnen helpen bij het kopen van een huis, … factoren die doorwerken in het verdere leven.

Het is geen vrolijk verhaal, geeft Hasekamp toe. Maar dit zijn de feiten en cijfers. ‘En die zijn een probleem voor de hele samenleving. Want ongelijke kansen zijn gemiste kansen. We hebben iedereen nodig: voor betaald werk, vrijwilligerswerk en mantelzorg.’

Vier visies

Welke keuzes kunnen we maken voor de toekomst? Hasekamp laat vier visies zien met hun voor- en nadelen: 

  1. Verdienvermogen: meer economische groei, maar ook meer ongelijkheid
  2. Verduurzaming: vergroening, leefbaarheid, maar ook minder betaald werk en hogere lastendruk
  3. Verdeling: grotere gelijkheid, minder economische groei, hogere lasten
  4. Veiligheid: nationale belangen staan centraal, sobere sociale voorzieningen en amper economische groei

Niet kiezen is vaak de slechtste optie.

Kiezen

Het is altijd een kwestie van kiezen binnen grenzen, aldus Hasekamp. Hij geeft er een paar richtlijnen bij:

  • Niet alles kan – en zeker niet tegelijkertijd
  • Vereenvoudigen helpt
  • Consistent beleid helpt
  • Koester de uitvoering
  • Niet kiezen is vaak de slechtste optie
  • Vertrouwen geven, verantwoordelijkheid nemen

Krachtige gemeenschappen

‘We moeten terug naar een overheid die van ons allemaal is’, besluit Hasekamp. Op verzoek van dagvoorzitter Ruben Maes voegt hij daar nog een positieve noot aan toe: ‘Kijk niet te veel naar Den Haag, maar naar krachtige gemeenschappen en inspirerende voorbeelden die laten zien wat wél kan.’

Lees ook het interview met Pieter Hasekamp in Sprank.

Over Pieter Hasekamp

Pieter Hasekamp is sinds 1 maart 2020 directeur van het CPB. Vanaf 2015 was hij directeur-generaal Fiscale Zaken bij het ministerie van Financiën. Daarvoor was hij algemeen directeur bij Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en bekleedde hij diverse managementfuncties bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en het ministerie van Financiën. Als CPB-directeur is Hasekamp kroonlid van de Sociaal-Economische Raad (SER) en adviserend lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR).