‘Gemeenten: meld buikpijncasussen over toeslagen bij de Belangenbehartiger’
Sinds maart 2025 is er een nieuw instituut: de Belangenbehartiger Belastingplichtigen en Toeslaggerechtigden. Soler Berk gaf als kwartiermaker het advies over de oprichting hiervan. Wat kwam hij tegen op zijn pad? Wat adviseert hij? En waarover kunnen gemeenten en sociaaljuridische ondersteuners bij de Belangenbehartiger terecht?
Een man staat aan de balie, zichtbaar bezorgd. Hij heeft een openstaande schuld van 200 euro aan zorgtoeslag, terwijl hij maandelijks slechts 100 euro te besteden heeft. Aflossen betekent dat hij te weinig overhoudt om van te leven. De baliemedewerker vraagt door naar zijn situatie. Wat blijkt? De voormalig dakloze man heeft al een jaar een huurcontract en daardoor nog recht op 3000 euro huurtoeslag. Dat verandert alles. In plaats van minder te besteden, krijgt de man er bijna 500 euro per maand bij! Hij kan zijn schulden gaan aflossen en krijgt eindelijk wat ademruimte.
‘Hulp bij toeslagen kan iemands leven compleet veranderen’, vertelt Soler Berk. Hij zat naast de baliemedewerker als onderdeel van zijn reis als kwartiermaker. Vanuit politiek Den Haag had hij een opdracht gekregen: adviseer ons of er een Belangenbehartiger voor Belastingplichtigen en Toeslaggerechtigden (hierna: Belangenbehartiger) moet komen. En zo ja, met welke taken en bevoegdheden?
Hulp bij toeslagen kan iemands leven compleet veranderen.
Het advies voor de Belangenbehartiger
Op zoek naar antwoorden sprak Soler Berk ruim een jaar lang met meer dan 200 mensen, waaronder mensen met ervaringskennis zoals een toeslagenouder, iemand die laaggeletterd is en een ondernemer. Maar vooral met baliemedewerkers, sociaal raadslieden en klachtenteams. Ook sprak hij beleidsmakers bij verschillende ministeries en uitvoeringsdiensten en zat hij aan tafel bij directeuren.
Begin 2025 rolt daar een advies uit. Ja, er moet een Belangenhartiger komen om doorbraken in ingewikkelde casuïstiek te forceren. Het instituut Belangenbehartiger moet toegang tot alle gegevens hebben om een eigen oordeel te kunnen vellen, maar geen bevoegdheid krijgen om een besluit te herzien. De Belangenbehartiger moet onafhankelijk zijn en twee keer per jaar aan de Tweede Kamer rapporteren. Het team, voorlopig bestaande uit zo’n 30 FTE, moet met één been binnen het ministerie van Financiën staan en met het andere been bij de Belastingdienst en Dienst Toeslagen (hierna: de Diensten).
Casuïstiek een menselijk gezicht geven
Soler Berk: ‘De afstand tussen de directie aan de top in Den Haag en de uitvoering is soms onbedoeld heel groot. Daar is dan een beetje hulp bij nodig. In mijn advies noem ik dat de ‘troubadoursfunctie’: casuïstiek een menselijk gezicht geven en bij de juiste beslissers op tafel leggen.’ Nabijheid is daarvoor belangrijk. ‘Ik zit nu op de werkvloer tussen de ambtelijke top van Financiën, de directie van de Diensten en de staatssecretaris. Je loopt elkaar vaak tegen het lijf bij de koffieautomaat en kunt makkelijk even aankloppen.’
Mogelijk worden ook medewerkers van de Diensten bij de Belangenbehartiger gedetacheerd om samen te kunnen leren. ‘Daarin zit een belangrijk verschil met de Nationale Ombudsman of de Inspectie’, vertelt Soler Berk. ‘Bij een ingewikkelde casus die mogelijk meer mensen raakt, is er eerst ruimte voor de Diensten om het zelf op te lossen. Pas als dat niet lukt kan de Belangenbehartiger schouder aan schouder met de Nationale Ombudsman en de Inspectie Belastingdienst Toeslagen en Douane een signaal aan de Tweede Kamer afgeven, om hulp vragen en eventueel om een wetswijziging vragen.’
De ‘troubadoursfunctie’: casuïstiek een menselijk gezicht geven en bij de juiste beslissers op tafel leggen.
Hoe de Belangenbehartiger zoekt naar oplossingen
Soler Berk zag al bij de eerste casussen hoe ingewikkeld het voor de Diensten kan zijn om problemen zelf op te lossen. Regelmatig spelen er belastingen en toeslagen tegelijk, communiceren afdelingen niet voldoende met elkaar of zijn er verschillen in interpretatie van de wet en regelgeving. Wat kan de Belangenbehartiger in zo’n geval doen?
Soler Berk geeft een recent voorbeeld: ‘Een ondernemer met een hele grote schuld bij Toeslagen dreigt opnieuw zijn huis te moeten verkopen. Eerder gemaakte afspraken met de Belastingdienst zijn onvindbaar, maar er komt geld aan uit de Hersteloperatie Kinderopvangtoeslagaffaire. Dan vragen wij om een pauzeknop: geen invordering tot er duidelijkheid is. En altijd aandacht voor de menselijke maat, want achter de Hersteloperatie schuilt vaak veel persoonlijk leed.’
Alleen door schotten tussen organisaties te doorbreken, leggen we samen de puzzel voor goede lokale ondersteuning.
Rol in het netwerk van sociaaljuridische ondersteuning
De Belangenbehartiger is een tweedelijns organisatie. Wijkteams, sociaal raadslieden, het Juridisch Loket en andere professionals kunnen het instituut inschakelen wanneer nodig. Dit kan ook omgekeerd, wanneer de Belangenbehartiger vermoedt dat er meer speelt dan belastingen of toeslagen. ‘Een eerste check door een sociaaljuridisch professional helpt om iemands persoonlijke situatie goed in kaart te brengen,’ vertelt de voormalig kwartiermaker.
Volgens hem is het essentieel dat deze laagdrempelige hulp overal in het land beschikbaar is. Hij staat daarin niet alleen. In opdracht van de Tweede Kamer start er binnenkort een nieuwe kwartiermaker voor een landelijk dekkend netwerk eerstelijns sociaaljuridische ondersteuning.
Soler Berks advies van kwartiermaker tot kwartiermaker: ‘Kijk niet naar wat haalbaar is, maar naar wat nodig is. Want alleen door schotten tussen organisaties te doorbreken, leggen we samen de puzzel voor goede lokale ondersteuning.’
Oproep aan gemeenten om buikpijncasussen te melden
Ook gemeenten zijn een essentieel stukje van deze puzzel, vindt Soler Berk: ‘Gemeenten vullen nu met lokale inkomensregelingen veel gaten op, terwijl belastingen en toeslagen eigenlijk genoeg bestaanszekerheid moeten bieden. Dus gemeenten, mail de Belangenbehartiger jullie buikpijncasussen – liever te vaak dan te weinig!’