Overslaan en naar de inhoud gaan

Verslag Divosa Congres 2026

Laatste update: 19 juni 2026

Donderdag 18 juni

Karen van Oudenhoven-van der Zee • 'De scheidslijn tussen praktisch en theoretisch opgeleiden is veel gevaarlijker.'

Op het Divosa-congres nam Karen van Oudenhoven-van der Zee haar publiek mee in een urgent verhaal over maatschappelijke veerkracht. De geboren Groningse liet zien dat mensen veel voor elkaar kunnen betekenen, maar dat die kracht alleen tot bloei komt als de basis op orde is en de overheid ruimte geeft.

Divosa Congres 2026 Karen van Oudenhoven-van der Zee

In het kort:

  • Maatschappelijke veerkracht ontstaat vanuit sterke sociale netwerken, maar wordt begrensd door bestaansonzekerheid en wantrouwen.
  • Lokale verenigingen en sociale initiatieven zijn onmisbaar om groepen te verbinden en kwetsbaarheid om te zetten in kracht.
  • Een luisterende overheid moet inwoners en initiatieven niet voor de bühne raadplegen, maar laten meebeslissen als mede-ontwerpers van beleid.

Die ruimte is hard nodig, want door demografische ontwikkelingen en een zorgsector die steeds meer wordt belast, staat de veerkracht in Nederland flink onder druk. De overheid verwacht hierbij steeds vaker dat inwoners zelf aan de slag gaan. 'Mensen met een sterk sociaal netwerk kunnen zichzelf vaak goed redden,' schetst de SCP-directeur. 'Maar je kunt niet verwachten dat de kracht van de samenleving alles gaat oppakken.'

‘Je kunt niet verwachten dat de kracht van de samenleving alles gaat oppakken.'

De gevaarlijke scheidslijn

In de basis beschikt Nederland over een stevige bodem voor ‘samenredzaamheid’, het vermogen van mensen om zich in het dagelijks leven of tijdens een crisis te redden met behulp van hun eigen sociale netwerk. Zo’n 39 procent van de Nederlanders is actief als vrijwilliger en het vertrouwen in andere mensen is hoog. Toch is die kracht niet voor iedereen vanzelfsprekend, omdat leefwerelden steeds verder uit elkaar liggen. Volgens Karen van Oudenhoven-van der Zee wordt de sociale samenhang daarbij niet primair bepaald door culturele diversiteit: 'De scheidslijn tussen praktisch en theoretisch opgeleiden is veel gevaarlijker.'

Dit opgesplitste maatschappelijke beeld wakkert bovendien onterechte angst aan. ‘Uit onze onderzoeken blijkt namelijk dat Nederlanders dénken dat meningen mijlenver uit elkaar liggen. Maar het echte probleem is affectieve polarisatie: de emotionele, felle reactie op andere opvattingen.’

‘Het echte probleem is affectieve polarisatie: de emotionele, felle reactie op andere opvattingen.’

Wantrouwen leidt tot niet-gebruik

Deze polarisatie vreet aan het fundament van de veerkracht, dat onlosmakelijk samenhangt met vertrouwen. Eind 2025 gaf maar liefst 64 procent van de Nederlanders politiek Den Haag een onvoldoende. Dit diepe wantrouwen leidt in de praktijk tot een groot niet-gebruik van cruciale voorzieningen.

'In de bijstand maakt ongeveer 35 procent van de mensen geen gebruik van regelingen waar zij recht op hebben,' waarschuwt de SCP-directeur. 'Mensen raken verstrikt in systemen, gaan van loket naar loket en raken ontmoedigd.' Soms speelt hierbij ook angst mee dat hulp vragen negatieve gevolgen heeft voor de uitkering. Volgens Karen van Oudenhoven-van der Zee is het dan ook niet voldoende om alleen een beroep te doen op de inwoner; de basis moet eerst op orde zijn.

Van bureaucratie naar nabijheid

Lokale verenigingen en sociale initiatieven spelen een sleutelrol om dit wantrouwen te doorbreken, omdat zij wél werken vanuit nabijheid en betrokkenheid. Waar de overheid vaak vastloopt in een bureaucratische systeemwereld, zijn deze initiatieven flexibel. Om die kracht te benutten, moet de overheid volgens de SCP-directeur radicaal anders gaan werken.

Zij verwijst hierbij naar de Roos van Leary. Veel inwoners ervaren de overheid nu nog als dominant en afstandelijk. 'De oplossing ligt in receptief gedrag,' stelt Karen van Oudenhoven-van der Zee helder. 'Dat betekent luisteren, ruimte geven en inwoners daadwerkelijk serieus nemen.'

Inwoners als mede-ontwerpers

Een succesvol voorbeeld van deze open benadering is het Burgerberaad Klimaat. 'Het was ontroerend om te zien hoe deelnemers hun aanbevelingen aan het kabinet presenteerden,' vertelt de SCP-directeur. De uitkomsten bleken bovendien sterk overeen te komen met het wetenschappelijke onderzoek van haar eigen planbureau.

Toch staat de praktijk een gelijkwaardige samenwerking nog vaak in de weg. Nu bepaalt de overheid meestal vooraf het beleid en krijgen initiatieven pas financiering als zij binnen de bestaande subsidieregels passen. 'Ga samen aan tafel zitten,' luidt daarom het pleidooi van Karen van Oudenhoven-van der Zee. 'Maak gezamenlijk de probleemdefinitie en bepaal samen welke oplossingsrichting nodig is.'

De overheid moet daarbij volgens de SCP-directeur veel beter rekening houden met het feit dat sociale initiatieven vanuit waarden en betrokkenheid werken. Inwoners moeten daadwerkelijk invloed hebben op beleid omdat hun bijdrage ertoe doet. Haar slotboodschap aan de Divosa-leden was dan ook een duidelijke oproep: 'Laat de systeemwereld niet overheersen. Juist jullie kunnen de vitale buffer zijn tussen regels, de leefwereld van inwoners en de kracht van gemeenschappen.'

Karen van Oudenhoven-van der Zee

Karen van Oudenhoven-van der Zee is sinds 1 oktober 2022 directeur van het SCP. Daarvoor was zij conrector van de Vrije Universiteit Amsterdam en decaan van de Faculteit der Sociale Wetenschappen. Eerder werkte zij als decaan aan de Universiteit Twente en als hoogleraar Organisatiepsychologie en directeur van het Instituut voor Integratie en Sociale Weerbaarheid aan de Rijksuniversiteit Groningen. Naast haar functie als directeur van het SCP is zij bijzonder hoogleraar Maatschappelijke Veerkracht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Karen studeerde psychologie en is gespecialiseerd in persoonlijkheidspsychologie en arbeids- en organisatiepsychologie. Ze promoveerde in de sociale en gezondheidspsychologie. Sinds 2001 bekleedt zij leerstoelen op haar vakgebied aan de Rijksuniversiteit Groningen en de Vrije Universiteit Amsterdam.