Overslaan en naar de inhoud gaan

Praktische toepassing van de informele aanpak

Hoe lever je maatwerk en voorkom je willekeur en precedenten?

Bij de informele aanpak staan persoonlijk contact en de zoektocht naar een oplossing centraal. De vraag is hoe je de behoeften van een bezwaarmaker vertaalt in een rechtmatige en doelmatige oplossing. En hoe voorkom je dat hiermee willekeur ontstaat of dat de in dit ene geval passende uitkomst een precedent schept?

Achterhalen wat belangrijk is

Het is belangrijk om te weten te komen wat een bezwaarmaker met zijn bezwaar wil bereiken. Misschien is dit iets anders dan je vermoedt of dan wat in het bezwaarschrift zelf staat. Stel dat een inwoner opkomt tegen het buiten behandeling laten van zijn aanvraag. Dan is het denkbaar dat iemand meer gebaat is bij een nieuwe aanvraag dan bij een juridische discussie over de rechtmatigheid van de buitenbehandelingstelling. Of stel dat een inwoner vanwege geldproblemen  bezwaar maakt tegen een boete – en niet omdat hij de overtreding ontkent. Om dit te achterhalen, is contact nodig, goed luisteren en doorvragen. 

Ruimte benutten 

Maatwerk verlenen betekent niet van de wet afwijken. Vaak bieden de regels ruimte om de feiten te beoordelen (beoordelingsruimte) en te bepalen of je een bevoegdheid al dan niet toepast (beleidsvrijheid). Het is ook vaak mogelijk om te kiezen hoe een proces wordt doorlopen of te wijzen op andere voorzieningen, die het beste passen bij de situatie of wensen van de inwoner. Het is dus belangrijk dat medewerkers de kans krijgen om de bestaande wettelijke ruimte te benutten. Dat betekent dat bestuurders en leidinggevenden vertrouwen op de professionele inschatting van de behandelend medewerker en niet alle ruimte dichtstoppen met beleids- of uitvoeringsregels. 

Belangenafweging maken

De behoeften van de bezwaarmaker zijn belangrijk, maar de algemene belangen die de overheid wil dienen natuurlijk ook. Soms spelen ook belangen van andere inwoners een rol. Wat als deze belangen met elkaar botsen? Dan moet er, als de wet hiervoor ruimte geeft, een belangenafweging plaatsvinden. Er zijn geen vaste handvatten te geven voor de afweging tussen algemene en individuele belangen. De volgende vragen geven richting:  

  • Hoe zwaar wegen de nadelen van het besluit voor een inwoner?
  • Is sprake van een uitzonderlijke situatie?
  • Hoe zwaar wegen de algemene belangen en worden die in de praktijk ook echt behartigd?
  • Kunnen de algemene belangen ook worden gediend op een manier die minder nadelig uitpakt voor de inwoner? Zo niet, dan kan het nodig zijn om de gevolgen voor de inwoner te verminderen of deze te compenseren voor het nadeel. 

Risico van precedentwerking?

Dit risico doet zich meestal niet voor. Gelijke gevallen moeten volgens het gelijkheidsbeginsel gelijk behandeld worden. En volgens het rechtszekerheidsbeginsel moet de overheid voorspelbaar zijn en regels consequent toepassen. Het gelijkheidsbeginsel bepaalt echter ook dat ongelijke gevallen ongelijk behandeld worden (naar de mate van ongelijkheid). In bijzondere of ongelijke situaties kan dit juist verplichten tot maatwerk. In zo’n bijzondere situatie afwijken van een standaardregel geeft alleen een precedent voor specifiek vergelijkbare situaties. 

In vergelijkbare situaties is het zaak om dezelfde goede en rechtvaardige oplossing toe te passen. Dat betekent dat er geen sprake is van willekeur, maar juist van rechtszekerheid. Ook uit de jurisprudentie blijkt dat een beroep van een belanghebbende bij de rechter op het gelijkheidsbeginsel bijna nooit slaagt, omdat gevallen meestal niet voldoende vergelijkbaar zijn.