Overslaan en naar de inhoud gaan

Opgroeien in bijstand vergroot kans op latere bijstandsuitkering

Jongvolwassenen die opgroeiden in een gezin met bijstand, hebben een veel grotere kans dat ze zelf ook in de bijstand terechtkomen. Deze jongvolwassenen zijn vaak lager opgeleid en hebben een minder sterke positie op de arbeidsmarkt. Dat blijkt uit onderzoek van het CBS. Divosa herkent dit beeld uit de gemeentelijke praktijk. ‘Opgroeien in bestaansonzekerheid brengt veel stress met zich mee. Jongeren hebben steeds vaker te maken met een combinatie van problemen.’

Uit het onderzoek van het CBS blijkt dat jongvolwassenen (18 tot 29 jaar) die tijdens hun adolescentie opgroeiden in een huishouden dat een of meerdere jaren bijstand ontving, op hun 29e minder vaak een hbo- of wo-diploma hebben dan leeftijdsgenoten die zonder bijstand opgroeiden.

Hoewel de overgrote meerderheid van alle 29-jarigen aan het werk is (87 procent), ligt dit aandeel aanzienlijk lager bij jongvolwassenen die in hun jeugd meer dan vijf jaar in de bijstand opgroeiden: van hen werkt op hun 29e 69 procent.

Vijf keer zo groot

Daarnaast is er een duidelijke overdracht van bijstandsafhankelijkheid zichtbaar: op het 29e jaar is 1,7 procent van de jongvolwassenen bijstandsgerechtigd. Onder jongvolwassenen die grotendeels in een huishouden met bijstand zijn opgegroeid, is het aandeel 29-jarigen met een bijstandsuitkering ruim vijf keer zo groot.

Wat vindt Divosa?

Uit eerdere onderzoeken bleek al dat kinderen die in armoede opgroeien een grotere kans hebben om als volwassenen ook in armoede terecht te komen. Vaak gaat het niet alleen om een tekort aan geld, maar om een complexe combinatie van materiële, sociale en psychologische factoren.

Het aantal jongeren (18 tot 27 jaar) in de bijstand neemt toe, blijkt ook uit de Divosa Benchmark. Bovendien wordt de problematiek van deze jongeren complexer. Steeds meer jongeren in de bijstand hebben te maken met meerdere problemen tegelijk, zoals mentale klachten, schulden en woonproblemen. Opgroeien in armoede of bestaansonzekerheid brengt bovendien veel stress met zich mee.

Begeleiding naar werk of school alleen is voor deze jongeren meestal niet voldoende. Ze hebben vaak te maken met een combinatie van problemen, en hebben ondersteuning nodig op meerdere leefgebieden. Om die reden is het voor gemeenten belangrijk samen te werken met onderwijs-, zorg- en werkpartners en over de schotten van domeinen heen ondersteuning te bieden. Lees ook de handreiking met handvatten voor gemeenten: Jongeren in een complexe samenleving

Met de Participatiewet in Balans is er meer ruimte voor maatwerk, de ontwikkeling en maatschappelijke participatie van jongeren. Daarnaast biedt de nieuwe Wet van school naar duurzaam werk mogelijkheden om jongeren beter te begeleiden bij de overgang van onderwijs naar werk. Hiermee krijgen gemeenten betere handvatten om te voorkomen dat jongeren na hun schooltijd uit beeld raken of tussen wal en schip vallen.

Divosa Vrijdag: hoe helpen we jongeren in een kwetsbare positie écht op weg naar werk?

Gemeenten en werkontwikkelbedrijven staan voor de uitdaging om jongeren in een kwetsbare positie tijdig te bereiken, het liefst nog voordat ze vastlopen. Hoe kijken we voorbij regels en loketten om samen duurzame kansen te creëren? Op vrijdag 20 november organiseren Divosa en Cedris een bijeenkomst over lef, maatwerk en de praktijk rondom de Wet van school naar duurzaam werk. Bekijk het programma en meld je aan.

Contactpersoon