Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Deze publicatie printen Downloaden als pdf

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Samen uit, samen thuis

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Het is een groot avontuur waar gemeenten middenin zitten: de transformatie naar een inclusieve gemeente. Het Divosa Voorjaarscongres 2017 in Maastricht staat helemaal in het teken van deze reis. Op 15 en 16 juni gidsen prominente wetenschappers en inspirators ons op weg. De weg die nog hobbelig is, maar die we samen met politiek, partners en burgers gaan. Alleen ga je snel, maar samen kom je verder.

Banner Divosa Voorjaarscongres 2017

Vandaag en morgen en de dagen erna zal Divosa het online verslag verder aanvullen. Met de presentaties van de sprekers, de speeches van de sprekers, met de opnamen van de plenaire sessies en korte verslagen van een aantal workshops.

 

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

‘Transformatie is een avontuur’

Annemarie Penn-te Strake

Annemarie Penn-te Strake, de eerste vrouwelijke én partijloze burgemeester van Maastricht, trapt het Divosa Voorjaarscongres congres af. Ze heet de vierhonderd deelnemers welkom in haar ‘meest niet-Nederlandse stad’. En dan heeft ze het niet zozeer over de Frans aandoende architectuur, de aanwezigheid van een gouverneur, de taal en de vlaai die ‘geïmporteerd vanuit Limburg’ in heel Nederland graag gegeten wordt. Nee, dan doelt ze op sociaal-cultureel Maastricht.

Annemarie Penn - te Stake

Gigantische verschillen

‘Wij liggen met 8 kilometer aan Nederland vast en met 220 km aan Europa en dan met name aan België en Duitsland. Dat is veelzeggend voor onze sociale en culturele ontwikkelingen. Deze provincie moet en wil over de grenzen heen kijken’, stelt de burgemeester. Limburg is meer op Europa gericht, met alle kansen en moeilijkheden die daar bij horen. Penn: ‘Er zijn gigantische verschillen wat betreft de sociale dienst tussen onderlinge buurlanden. Dat zorgt voor heel veel extra werk en hoofdbrekens voor onze medewerkers. Er moet dus nog heel veel water door die Rijn en Maas stromen.’

Onzekerheid, chaos en verdriet

Wat voor transitie het ook betreft – de Industriële transitie van weleer of de decentralisatie van nu –Penn ziet bij elke transitie gelijke kenmerken. ‘Elke transitie komt voort uit maatschappelijke veranderingen. Dat zijn autonome veranderingen waar we niet voor hebben gekozen zoals de vergrijzing. Iets anders organiseren zorgt voor onzekerheid, chaos, verdriet en boosheid. Veranderingen voltrekken zich over lange tijd, zijn onvoorspelbaar en verlopen met schokken. Maar de kanteling komt er. Wat we eerst ongewoon vonden, wordt gewoon.  Uiteindelijk is transformatie vooral een avontuur.’

‘Bewaar die eenheid’

Ze verwijst naar het thema van dit congres: samen uit, samen thuis: ‘Divosa zei het al: alleen ga je snel, maar samen kom je verder. Hier in dit gebied, maar ook in uw gebied. Bewaar die eenheid’, drukt ze de deelnemers op het hart en sluit af: ‘Ik wens u veel saamhorigheid, spannende vergezichten en spannende boodschappen. Heb een heel mooi congres!’

Over Annemarie Penn-te Strake

Annemarie Penn-te Strake (1953) studeerde Nederlands Recht aan de Katholieke Universiteit van Nijmegen. In de jaren tachtig volgde zij een RAIO-opleiding. Al tijdens haar studie Nederlands Recht richtte zij in haar ouderlijke woonplaats Deurne de Wetswinkel op. Tussen haar twee studies in voerde Penn-te Strake ontwikkelingswerk uit in Malawi.

Lees verder

Bekijk de presentatie van Annemarie Penn-te Strake

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

‘Goed sociaal beleid vraagt om eigenheid’

Theo Bovens

Het zijn de negentiger jaren als Theo Bovens van dichtbij ziet hoe op landelijk niveau de economische agenda automatisch gecombineerd werd met de sociale agenda. ‘Werd er over banen gesproken, dan was dat niet alleen vanuit de aanbodzijde, maar ook vanuit de vraag.’ Als commissaris van de koning (gouverneur in Limburg) met een berg ervaring in het sociaal domein en – in zijn eigen woorden - als ‘de snordragende Waldorf uit The Muppet Show’, pleit hij voor een nauwere samenwerking tussen het sociaal en economisch domein.

Theo Bovens

Sociaal-economische agenda

Bovens ziet bij gemeenten een enorme drive om mensen uit de bijstand te laten stromen. ‘Uw  verantwoordelijkheid in het sociaal domein is beter gedefinieerd dan vroeger: het mag niet uitmaken wie u de arbeidsmarkt op moet helpen. Maar ik vraag me af: kunt u die brede samenstelling wel aan? Hoe regelt u de prioritering? Is er werkelijk geen druk vanuit de afdeling Financiën?’ De gouverneur  pleit voor een sociaal-economische agenda die in het teken staat van het werven, behouden én fit houden van de beroepsbevolking.

 

Werkt de sociale dienst mee aan het fit houden van de beroepsbevolking?

Op naar harmonisatie

‘Harmonisatie in het sociaal domein is verder weg dan ooit tevoren’, stelt Bovens als hij de Nederlandse regelgeving naast die van buurlanden België en Duitsland legt. Als gouverneur van een provincie waar het arbeidsleven zeer internationaal gekleurd is, ziet hij hoe lastig werken en studeren over de grens is. ‘Nederland laat geld liggen. De Limburgse economie zou groeien als de verschillen over grenzen niet zo groot zouden zijn.’

Wil tot verschil

‘Gelijkheidsdenken is de dood in de pot voor wie verschil wil maken’, maakt Bovens zijn punt duidelijk. Maar gelijkheidsdenken blijkt een hardnekkig verschijnsel, zo leidt hij af aan het alom aanwezige bestaan van benchmarks en rankinglijstjes. Hij snapt het wel: ‘Het is veilig om je aan collega-gemeenten te spiegelen en geen afwijkend gedrag te vertonen.’ Maar als er geen verschillen meer worden gemaakt, hoeven de bevoegdheden ook niet bij gemeenten te worden gelegd. Ik roep op tot verregaande samenwerking tussen gemeenten met name op het gebied van de uitvoering, maar vooral tot verregaande bereidheid om het verschil te maken.’

Als er geen verschillen meer worden gemaakt, hoeven de bevoegdheden ook niet bij gemeenten te worden gelegd

Meetellen boven meedoen

Dertig jaar lang hing Limburgse gouverneur de filosofie aan dat participeren het hoogste doel was. Maar daar plaatst hij nu vraagtekens bij. ‘In het sociaal domein komt u mensen tegen die niet voldoen aan het beeld van de zelfredzame burger. Mensen die niet in staat zijn om volop te participeren, bijvoorbeeld omdat ze laaggeletterd zijn. We diskwalificeren mensen die niet mee kunnen doen.’ Liever ziet hij een houding waarbij meetellen boven meedoen gaat.

Dumoulin

‘Als Tom Dumoulin de roze trui draagt, waarom voelen we dan allemaal die trots? Wint Max Verstappen, dan stappen alle Limburgers met opgeheven hoofd in de auto. Ergens bij willen horen is een natuurlijke behoefte. De meeste mensen stappen in vele identiteiten.' Bovens vraagt zich af in hoeverre de sociale dienst burgers vanuit hun identiteit in beweging zet. ‘Ik zou willen dat mensen meer in de context van hun identiteit worden geplaatst.’

Bovens vervolgt: ‘Bijstand betekent ‘nabij staan’, nabijheid tonen. Dat klinkt nog statisch. Bijstand betekent ook: er voor iemand in actievere zin zijn. Beide betekenissen horen bij het werk in het sociaal domein.’ De meest nabije overheid is de gemeentelijke overheid, drukt hij de zaal op het hart. ‘U bent het gezicht, de handen en de warmte van die overheid.’

Over Theo Bovens

Theo Bovens (1959) is Commissaris van de Koning (Gouverneur) in de provincie Limburg. Bovens studeerde geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Hij werkte van 1983 tot 1989 bij het Christen Democratisch Jongeren Appèl in Den Haag.

Lees verder

Bekijk de presentatie van Theo Bovens

Presentatie Theo Bovens

Download de presentatie (pdf, 3,5 MB)

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

'Vergeet Kevin niet'

Margo Trappenburg

Vergeet Kevin niet, dat is de oproep van Margo Trappenburg aan iedereen die werkt in het sociaal domein. De baan voor de een kan betekenen dat een ander zijn baan verliest. De inclusieve samenleving maakt morele dilemma’s groter. Keuzes van ambtenaren hebben verstrekkende gevolgen.

Margot Trappenburg

Margo Trappenburg, bijzonder hoogleraar Grondslagen van het Maatschappelijk Werk aan de Universiteit voor Humanistiek, illustreert haar oproep met twee verhalen uit de praktijk gegrepen.

Timo kreeg een psychose toen hij zeventien was. Hij werd opgenomen, kreeg medicijnen – die hij niet altijd innam – en raakte verslaafd. Pogingen om aan het roc te studeren strandden. Dankzij subsidie van de gemeente kon hij aan de slag bij de fietsenmaker en een vak leren. Sinds kort heeft Timo zelfs een vriendin. Liefde bij een lekke band. Een happy end.

Dan verhaal twee. Zonder happy end. Kevin was niet heel slim, maar haalde wel zijn mbo fietstechniek niveau 3. Zijn werk bij een fietsreparateur was zijn lust en zijn leven. Toen stopte de fietsfabriek. Hoe graag hij ook wilde, Kevin kwam niet in aanmerking voor de gemeentelijke werkplaats. Daar mochten alleen mensen werken met een beperking of verslaving. Timo kon hier wel aan de slag. Kevin kreeg een baan bij McDonald’s. Wel leuk, maar hij miste de fietsenmaker.

De keuzes van uitvoerend medewerkers in het sociaal domein hebben verstrekkende gevolgen

Frontline

De keuzes die uitvoerend medewerkers in het sociaal domein maken, hebben verstrekkende gevolgen. Net als politieagenten worden ze ‘frontline ambtenaren’ genoemd. Ze hebben constant te maken met het spanningsveld tussen het algemene belang en het individuele belang van de burger. Beter dan frontline ambtenaar klinkt de term professional, zoals artsen en advocaten zijn. Maar dat statusverschil vindt Trappenburg maar deels terecht. Er is meer specialistische kennis en autonomie vereist. Daar staat echter tegenover dat de beroepsethiek relatief eenvoudig is in vergelijking met die van het sociaal domein.

Advocaten hebben bij hun verdediging van verdachten weinig te maken met de gevolgen van hun keuzes voor de maatschappij. Dat ligt anders bij gemeenten. Daar worden mensen ondersteund met voorzieningen die verstrekkende gevolgen hebben. Wie komt er bijvoorbeeld als eerste in aanmerking voor een huurwoning?

De baan voor de een kan betekenen dat een ander zijn baan verliest.

Meritocratie

Werken aan een inclusieve samenleving met een inclusieve arbeidsmarkt maakt morele dilemma’s groter, vindt Trappenburg. Concurrentie ligt op de loer. De baan voor de een kan betekenen dat een ander zijn baan verliest. Het is een groot ethisch dilemma waar medewerkers van gemeenten voor staan: zorg je ervoor dat Timo werk krijgt, ten koste van Kevin? Trappenburg noemt dit meritocratie: we verdelen banen als verdienste. Het risico bestaat dat het leven van de onderste groep ten koste gaat van de groep net erboven. Kevin kon niet die baan krijgen die hij wilde. Daarom is Trappenburgs oproep kort maar krachtig: vergeet Kevin niet!

'Timo of Kevin' in Amsterdam

Een baan voor Timo ten koste van Kevin? Gemeente Amsterdam stelt dit dilemma aan de kaak in het volgende filmpje: 'De Geest en de Letter'

Over Margo Trappenburg

Margo Trappenburg (1962) is hoofddocent bij Bestuurs- en Organisatiewetenschap aan de Universiteit Utrecht en bijzonder hoogleraar Grondslagen van het maatschappelijk werk (vanwege de Marie Kamphuis stichting) aan de Universiteit voor humanistiek. Zij schrijft over ontwikkelingen in de Nederlandse verzorgingsstaat , over beroepsethiek, de verhouding tussen managers en professionals en over ethische kwesties in de gezondheidszorg (euthanasie, abortus, prenatale diagnostiek, verdelingsvraagstukken, patiëntenrechten).

Lees verder

Bekijk de presentatie van Margo Trappenburg

Presentatie Margo Trappenburg

Download de presentatie (pdf, 753 kB)

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Iedereen op de fiets

Erik Dannenberg

Er staat een grote tandem op het podium waar Divosa-voorzitter Erik Dannenberg het woord neemt. Dannenberg toont een foto van het Brabantse fietsorkest dat de avond ervoor het congres lardeerde op diezelfde tandem. Eén zadel is leeg. Eén van de mannen liep achter. Die staat wat Dannenberg betreft voor die groepen die in onze samenleving niet mee kunnen doen.

Erik Dannenberg

En dat zijn er nogal wat. Het CPB telde ruim een derde van de Nederlanders die op de één of de andere manier achterblijven. Hoe kan dat nou? Dat strookt toch niet met wat we willen? Niet met de samenleving die we willen zijn, niet met de vereniging die we willen zijn? Maar wat willen we wél? Welke samenleving willen we dan zijn?

Hoe kan het dat ruim een derde van de Nederlanders achterblijft?

Woud van wetten

Terug naar die eerste vraag: hoe kan het dat ruim een derde van de Nederlanders achterblijft? Dannenberg neemt ons daarvoor even mee terug in de tijd. Toen we vijftig jaar geleden de verzorgingsstaat opbouwden. Met de AOW, AWBZ en de Bijstandswet. En veel meer. Er ontstond een woud van wetten die aanbodgericht zijn ingericht. Met een negatieve focus op het probleem. Waarbij een probleem leidt tot een recht op indicatie waarmee je pas hulp krijgt. Daar is ons systeem op ingericht en daarin zijn we doorgeschoten, vindt Dannenberg.

Wij willen klovendichters zijn.

We hebben een samenleving gebouwd waarin we mensen met ‘gelijke beperkingen’ bij elkaar zijn gaan zetten en hebben afgezonderd van de samenleving. Dannenberg laat een foto zien van een riviertje met twee bruggen: één voor iedereen en één voor mensen met een beperking. Een jongen met autisme vertrouwde Dannenberg ooit toe hoe dat voelt. ‘Jullie gaan eten’, vertelde hij, ‘wij krijgen maaltijdvoorziening. Jullie verhuizen, wij worden geplaatst.’ Dannenberg: ‘We zijn enorme kloven gaan creëren. Terwijl we juist het tegenovergestelde beogen als samenleving en met Divosa. ‘Wij willen juist klovendichters zijn.’ En die kans is er nu met de transformatie.

Klovendichters

Maar hoe pakken we dat nou aan? Hoe gaan wij, de klovendichters, aan de slag? Door écht te vernieuwen. En echt vernieuwen doe je door weer terug te gaan naar de vraag die er is. Dan kun je een ontwikkeling doormaken zoals de muziekindustrie deed. Waar vinyl transformeerde tot een cassette tot een cd en uiteindelijk tot Spotify. Maar Spotify is ook niet bedacht door de makers van de langspeelplaat. Spotify is bedacht vanuit de behoefte naar het luisteren van muziek. Er is een nieuwe manier van denken nodig die zal uitmonden in een nieuwe manier van werken. Waarbij we niet langer doorverwijzen, maar mensen in de wijk houden, in gewone huizen en aan het werk in gewone organisaties. Waar nodig met specialistische hulp. En ten slotte: door niet te veel te overdrijven met ‘eigen kracht’. Dannenberg laat een foto zien van een hond die zijn eigen poep opruimt. Er zijn grenzen aan de zelfredzaamheid van burgers. Laten we wel reëel blijven. En laten we de ingewikkelde systemen ontwarren en de nieuwe wetgeving aangrijpen om zaken weer eenvoudig te maken. Eén brug voor iedereen. Zodat ook die ene man mee kan op de tandem.

Over Erik Dannenberg

Erik Dannenberg (51) heeft ruime ervaring in het sociaal domein. Na zijn studie Maatschappelijk werk is hij actief geweest in de hulpverlening aan mensen die verslaafd waren, dakloos waren geraakt en aan gezinnen met meerdere ernstige problemen. Eerst in uitvoerende en al snel in leidinggevende rollen. Van maart 2005 tot maart 2014 was Dannenberg namens het CDA wethouder in de gemeente Zwolle met diverse portefeuilles in het sociale domein.

Lees verder

Bekijk de presentatie van Erik Dannenberg

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

‘Deel en vier de Carlosmomentjes’

Jaap Bressers

Jaap Bressers is 21 jaar en hard op weg naar een glansrijke carrière, als een ongeluk zijn leven op de kop zet. Hij breekt zijn nek bij een duik in zee en raakt van voeten tot borsthoogte verlamd. Omdat er ‘een weg is, waar een wi(e)l is’, doet hij vanuit zijn rolstoel zijn verhaal waarin cabaret soms pijnlijk schuurt met de werkelijkheid. Het kan niet anders: na dit verhaal gaan alle deelnemers een ‘Carlosmomentje’ tegemoet.

Jaap Bressers

‘Als je iets wilt bereiken, zal je er ook hard voor moeten werken.’ Het is de lijfspreuk van Jaap Bressers. Voor en na het ongeluk. Als student Internationaal Management zou hij een topmanager worden. ‘Ik zat in een trein die de toekomst in raasde. Pas bij het eindstation zou ik echt de vruchten kunnen plukken van mijn harde werken. Nu investeren, straks genieten. Maar dat moment leek wel steeds verder weg te schuiven’, blikt hij terug. De dagelijkse momenten die aandacht verdienden schoten aan hem voorbij.

Tot die dag in Albufeira. Wat een frisse duik in zee moest worden, mondt uit in een levenswending. Hij raakt met zijn hoofd de zeebodem. De diagnose: een hoge dwarslaesie.

Bressers neemt het publiek mee naar het moment van ontwaken in het ziekenhuis. ‘Ik lag in bed en schreeuwde het in paniek uit. Niemand reageerde: ze kenden het schreeuwen van de duikslachtoffers. Het was gewoon geworden.’ Maar dan is daar broeder Carlos. ‘Carlos legde een hand op mijn schouder en zei:    ‘It’s okay’. Hij was de enige die niet het zoveelste duikslachtoffer zag.

Soms zijn een hand op de schouder en de woorden ‘het is oké’ genoeg om het verschil te maken.

Dat is toch gewoon mijn werk?

Jaren later – jaren die in het teken van revalidatie staan – vertelt Jaap aan Carlos hoe belangrijk dat moment voor hem was. ‘In eerste instantie reageerde Carlos met: dat is toch gewoon mijn werk?’ Bressers richt zich tot het publiek: ‘Hoe reageer jij als iemand je bedankt of complimenteert: duw je het weg of laat je het binnenkomen?’

Hoe reageer jij als iemand je bedankt of complimenteert?

Carlosmomentje

Als het verschil maken in zoiets kleins zit, dan kunnen we dit toch allemaal? Bressers heeft er zelfs een woord voor gevonden: het Carlosmomentje. Je kunt niet kiezen wat er op je pad komt, maar wel hoe je ermee omgaat. Dat bepaalt de kwaliteit van leven.’ Zijn oproep is helder: ‘Zoek je eigen Carlosmomentjes, deel ze met elkaar en vier ze met elkaar.’

Over Jaap Bressers

Jaap Bressers (1983) heeft van jongs af aan een doel: alles uit het leven halen. Op de middelbare school heeft hij twee bijbaantjes: als supermarkt-medewerker én als ober bij een zalencentrum. Tijdens zijn studie International Management aan de Universiteit van Tilburg komt daar nog een derde bijbaan bij, project manager bij Orit b.v. waar hij de leiding krijgt over het inkoopbeleid van licht wegenbouwmaterieel in Tsjechië en China. Naast zijn studie werkt Jaap dus nog vaak zo’n dertig uur erbij. Zelfs in de vakanties gaat hij naar het buitenland om in de horeca te werken.

Lees verder

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Heb het lef om te twijfelen

Jeroen Busscher

Jeroen Busscher is al dertig jaar bezig met de vraag hoe menselijk gedrag gevormd wordt en hoe je het kunt beïnvloeden. Twee stoelen symboliseren hoe hij het graag zou zien: niet tegenover elkaar gaan zitten, maar náást elkaar. Busscher: ‘Mijn definitie van organisatie: een gebouw waar we om negen uur afspreken om met elkaar te kletsen. We doen niet zoveel in ons uppie.'

Jeroen Busscher

Naast elkaar zitten

Samenwerken was lange tijd een deal maken, ruilen en gelijk oversteken. ‘In de eenentwintigste eeuw moeten we fundamenteel op een andere manier samenwerken’, meent Busscher. ‘Ik geloof in: ik zit naast je. Ik kijk anders naar de wereld dan jij. Zouden we in de oude situatie kijken: dat zijn de verschillen. Tegenwoordig overheerst de gedachte moet je eens kijken: in het midden overlappen ze.’

Busscher vindt niet dat je eerst moet bedenken wat er moet gebeuren om dat vervolgens proberen te verkopen. Hij meent dat de oude organisatie er één is die wordt geregeerd door het industriële tijdperk waarvan de output in feite herhaling is. Hierbij ligt de nadruk op het proces en op vaste structuren. Iedereen in de organisatie draagt een stukje bij en het management denkt vervolgens na over hoe het precies gedaan moet worden. Busscher denkt niet dat het werkt: bedenken wat goed is voor anderen en dat afdwingen.

Uniek

Nu, in de 21e eeuw, bevinden we ons niet langer in het industriële tijdperk, we werken in professionele organisaties. Dat levert output op die uniek en eenmalig is. De vraag zou moeten zijn: wat is het unieke dat we willen creëren? We bevinden ons echter nog in een transitiefase: we staan met één been nog in de productieorganisatie en met één been in de samen-modus.

Busscher ziet mensen in twee verschillende paradigma’s vastzitten. ‘Om dingen goed te doen moeten we ze goed vastleggen. We zouden maar eens een fout maken! Die angst voor het maken van fouten stamt uit de industriële revolutie. Tegenwoordig vinden we dat fouten maken mag. Ik ken geen professional die niet af en toe miskleunt. In dat andere paradigma gaat het over vertrouwen, empathie. We zien wel, kijken wel hoe we gaan doen. Het gaat elke keer weer anders.’

Inzichten

Het is duidelijk: je kunt iets wel in je eentje verzinnen, maar niet in je eentje doen. Samen moet je tot nieuwe inzichten zien te komen. Dat je weet: over tien minuten ga je iets zeggen wat je nog nooit hebt gezegd. Samen iets verzinnen dat je alleen niet kunt verzinnen. Dan ben je samen ‘schuldig’ aan de uitkomst: het is samen bedacht. ‘Niet willen bepalen, maar laten ontstaan.’ Busscher ziet in organisaties al de liefde om dingen mooier te maken dan ze zijn. ‘Het zit al in de mensen.’ Hij noemt het een ‘blije eikel-methode’: ‘Houd op met bedenken hoe het moet!’

De basis van samenwerken is co-creatie en niet het overtuigen van elkaars ideeën. Om dat te bereiken moeten we anders naar voortrekkers kijken. ‘Leiderschap is niet langer een functie, maar een rol. We moeten eerst bedenken wat leuk is. Waar dromen we van? En dan worden we enthousiast. En dan pas doen we de taakverdeling.’ Hij waarschuwt: ‘Het moet niet van de managers komen, maar van de leiders. Een manager zorgt dat het goed loopt, een leider is degene die dingen verandert, die iets nieuws bedenkt.’

Hij adviseert de zaal om te erkennen dat we gewoonweg niet weten hoe het moet. ‘Als je onwetend bent, luister je goed. Je moet lef hebben om te twijfelen. Doe het spelend.’

Over Jeroen Busscher

Ooit werkte Jeroen Busscher (1964), na zijn studie aan de Rietveld Academie, als beeldend kunstenaar. Daarvoor had hij kortstondig psychologie aan de Universiteit van Utrecht gestudeerd. In 1995 richt hij met een zakenpartner Malgil op. Malgil begint als evenementenbureau maar ontwikkelt zich door tot een ontwerpbureau voor organisatiecultuur interventies. Malgil wint voor haar concepten een bronzen en een gouden Giraffe, de belangrijkste evenementenprijs van Nederland en een EVA, de prijs voor eventmarketing.

Lees verder

Bekijk de presentatie van Jeroen Busscher

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

De scharrelruimte om verstandig door te modderen

Andries Baart

Eigen kracht. Zelfredzaamheid. Empowerment. Het wemelt in het sociaal domein van woorden die uitgaan van een behoorlijke draagkracht van mensen. En dat vindt hoogleraar Andries Baart prima, zo lang we ook maar die andere kant durven te benoemen, die van kwetsbaarheid.

Andries Baart

Uiteindelijk gaat het tenslotte om kwetsbaarheid, om die groep mensen die we kwetsbaar noemen. En hoe kunnen we hen het beste helpen? Andries Baart heeft er een duidelijke visie op. Door present te zijn. Baart is geestelijk vader van de presentiebenadering, de aanpak die uitgaat van de betrekking die je hebt met de ander. Alle ondersteuning begint volgens Baart met die relatie. Het gaat er niet om wat je doet voor de ander, maar wie je voor hem bent. Het vraagt een omdraaiing van perspectief. Je gaat niet uit van je eigen ambities, maar van wat er leeft bij de ander. Je biedt jezelf aan.

Presentie gaat om menslievendheid: als je iets voor mensen wilt doen, moet je eerst mét mensen zijn. Het gaat om aansluiting, om ruimte en erkenning geven. Het gaat om effectieve bekommering, je richt je niet op je eigen successen, maar je bekommert je om diegene met wie het niet goed gaat. Presentie is gericht op die relatie. En uiteindelijk gaat het ook om uithouden: als je niets meer voor iemand kunt doen, kun je er nog wel voor iemand zijn.

Presentie is allerminst passief te noemen. ‘Het gaat juist om een professionele activiteit, gebaseerd op verstandigheid, op praktische wijsheid. Waarbij de professional voldoende “scharrelruimte” heeft om verstandig door te modderen. En dat is iets wezenlijk anders dan aanmodderen. Wie aanmoddert, doet maar wat. Maar bij doormodderen gaat het om een stap zetten, deze te analyseren, bij te leren, bij te buigen en weer de volgende stap te nemen. ‘Het is in essentie een kunst’, vindt Baart. En dat geldt niet alleen voor uitvoerende professionals. Presentie kan op alle niveaus. Er is een presente vorm van leidinggeven en van besturen.

Lichtzinnig

Baart ziet veel potentie voor presentie in de transities. ‘Er zit een toewending naar de leefwereld in. Maar’, waarschuwt Baart, ‘er wordt vaak te lichtzinnig over gedaan.’ Presentie is doorwrochter, ingewikkelder en tijdrovender dan wordt aangenomen in verschillende beleidsnotities. ‘Want als je echt op de leefwereld gericht bent, moet je echt kunnen afstemmen. Dat vraagt een radicale bescheidenheid op veel fronten waarbij je minder uitgaat van jezelf. Je toomt je eigen dominante kennis en logica in.’

Mismatch

Wie niet voldoende aansluit, loopt het risico van de mismatch. En met een mismatch bedoelt Baart goed uitgevoerde interventies die nooit plaats hadden moeten vinden. Omdat ze irrelevant zijn. Hij noemt als voorbeeld de leefregels die vaak aan jongeren worden opgelegd bij zelfstandig wonen. ‘Dat zijn omgekeerde intakevoorwaarden. Jongeren kunnen pas aan deze regels voldoen nádat ze een traject hebben doorlopen. We gaan te veel uit van onze eigen doelen en intenties.’

Toen hij zelf in 2013 door een aantal medische mismatches bedlegerig raakte, werd hij zich bewust van zijn eigen kwetsbaarheid. Het maakte hem nieuwsgierig naar de manier waarop er in beleid over kwetsbaarheid werd gedacht. Zijn conclusie: nauwelijks. ‘Er wordt nagenoeg niet over kwetsbaarheid gesproken’. Nota’s staan bol van termen als empowerment en eigen kracht, terwijl dat vaak een brug te ver is voor mensen die écht kwetsbaar zijn. ‘Het klinkt bijna alsof kwetsbaarheid iets is dat we met zijn allen moeten bestrijden. Terwijl wij allemaal kwetsbaar zijn. Iedereen die van iemand houdt, is kwetsbaar. Moeten we dat bestrijden?

Over Adries Baart

Andries Baart (1952) studeerde andragologie in Amsterdam (Universiteit van Amsterdam), specialiseerde zich op het terrein van de praktische theologie (KTH Utrecht en KU Nijmegen) en promoveerde in de wijsbegeerte (EU Rotterdam 1986). Hij was werkzaam in het maatschappelijk activeringswerk, van 1977-1987 als functionaris in Gelderland en van 1987-2007 als stafkracht aan het landelijk bureau van Actioma.

Lees verder

Bekijk de presentatie van Andries Baart

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

‘Improvisatie is de hoogst mogelijke vorm van menselijke organisatie’

Hans Boutellier

Het bleek een Eureka-moment voor Hans Boutellier: de jazzgitarist die zijn muziek als georganiseerde vrijheid beschouwde. ‘De improvisatiemaatschappij is net als geïmproviseerde muziek: gaat het goed, dan is het de hoogst mogelijke vorm van menselijke organisatie’, stelt de wetenschappelijk directeur van het Verwey-Jonker Instituut en hoogleraar Veiligheid & Veerkracht.

Hans Boutellier

Volgens Boutellier is de ‘improvisatiemaatschappij’ geen toekomstmuziek. Het is al gaande. Alles wordt anders, nee ís misschien wel anders. ‘Bij improvisatie zijn patronen geordend én chaotisch, georganiseerd en onvoorspelbaar.’ Dat noemt hij complexiteit zonder richting. Maar die is wel ambivalent. ‘Men verlangt bijvoorbeeld naar leiders waar we niet naar hoeven te luisteren. Dat is tegenstrijdig.’

Spreeuwen

De vlucht van een grote groep spreeuwen illustreert dat complexiteit in zichzelf een bepaalde ordening kent. Dat noemt Boutellier emergentie. Bij mensen ligt het zelfs nog ingewikkelder vanwege hun zelfbewustzijn. Hij beschouwt de menselijke samenleving  dan ook als een complexiteit in het kwadraat. Hoe kan die ongeorganiseerde samenleving dan toch een mate van orde kennen?

Hoe kan die ongeorganiseerde samenleving dan toch een mate van orde kennen?

De improvisatiemaatschappij die hij voor ogen heeft, bezit een open, dynamische structuur. Mensen geven elkaar de ruimte. ‘Maar de pianist moet niet op de trompet willen toeteren’, waarschuwt hij. ‘Wees bereid samen te werken vanuit een goed beeld van je eigen kernfunctie. Intuïtie is een product van kennis en ervaring. Je kunt pas adequaat handelen als je veel in je rugzak hebt.’

Productieve diversiteit

De improvisatiemaatschappij heeft consequenties voor het sociaal domein. ‘Het is moeilijk voor kwetsbare mensen om zich staande te houden. Wij hebben de taak om hen erbij te houden.’ Er is werk aan de winkel om die nieuwe samenleving, een netwerksamenleving, goed te organiseren. ‘Ik ben er heilig van overtuigd dat als bijvoorbeeld integratie een succes wil zijn, we die diversiteit tussen culturen productief moeten maken.’

Het draait allemaal om wederkerigheid

Hoe gaan we met die nieuwe samenleving om? Boutellier geeft enkele handvatten: ‘Gebruik thema’s en principes in plaats van strakke kaders en controle. Denk in bepaalde problemen en kansen in plaats van in vraag en aanbod.’ Hij wijst op het cruciale belang van wederkerigheid. ‘Wederkerigheid kent een lange traditie. Een samenleving draait om het principe van moeten geven, moeten ontvangen en weer doorgeven. Die ‘circle of life’ is ontzettend belangrijk. Denk bijvoorbeeld aan de woningcorporatie die met de nieuwe huurder afspreekt: ‘Wij bieden u een prettige woning. Zorgt u er dan voor dat het portiek schoon blijft?’ Boutellier sluit af: ‘Creëer nabijheid en betekenisvolle verhalen. Het gaat allemaal om wederzijdse aandacht.’

Over Hans Boutellier

Hans Boutellier (1953) is wetenschappelijk directeur van het Verwey-Jonker Instituut*. In 2016 is hij in het kader van het Institute for Societal Resilience (ISR) van de Vrije Universiteit benoemd tot hoogleraar Veiligheid & Veerkracht**.

Lees verder

Bekijk de presentatie van Hans Boutellier

Presentatie Hans Boutellier

Download de presentatie (pdf, 580 kB)

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Over macht en onmacht

Flor Avelino

Als een verandering niet van de grond komt, wijten we dit vaak aan ‘de macht’ van de ander. Macht vormt dan een obstakel voor transitie. Maar is dat wel terecht? Dr. Flor Avelino, universitair docent Sustainability Transitions aan de Erasmus Universiteit, waagt dit te betwijfelen.

Flor Avelino

De oorsprong van het woord ‘power’ ligt in het Latijnse ‘potere’: in staat zijn. Macht betekent dan ook het vermogen om middelen te mobiliseren om een specifiek doel te verwezenlijken. Daarbij slaat macht altijd op een sociale relatie. Zo kun je macht over iemand hebben, meer of minder macht dan iemand hebben, maar ook een ándere macht dan iemand bezitten. Dat betekent niet dat het een automatisch leidt tot het andere. Avelino licht dit toe: ‘U kunt meer macht hebben dan ik, maar als ik een andere macht heb, kan ik toch mijn eigen gang gaan.’

Machteloosheid

Toen Avelino in de transportsector onderzocht waarom een verandering naar duurzaamheid niet van de grond kwam, was het veelgehoorde antwoord: ‘het ligt aan de macht van het Rotterdamse havenbedrijf’. Maar volgens het havenbedrijf lag de macht bij Rijkswaterstaat. Rijkswaterstaat wees naar de politiek. Politici schoven de macht naar de kiezer. Avelino lacht: ‘En als er iemand het gevoel heeft geen macht te hebben, is het de kiezer wel. Kortom: verandering wordt niet tegengehouden door macht, maar door een gevoel van machteloosheid.’

Hoe kan iemand dan toch geloven dat hij in staat is om zijn omgeving te veranderen? Voor dit ‘empowerment’ zijn toegang tot middelen en vaardigheden belangrijke voorwaarden, maar essentieel is de wil om die middelen te mobiliseren. Intrinsieke motivatie is daarbij essentieel.

Averechts

Empowerment heeft verschillende dimensies: autonomie (ik bepaal zelf wat ik doe), competentie (ik ben goed in wat ik doe), betekenis (ik geloof in wat ik doe), impact (ik maak het verschil), relatie (ik ben met anderen verbonden) en veerkrachtigheid (ik kan me aanpassen en herstellen). Vaak zetten empowermenttrainingen ingezet op één van deze dimensies, maar Avelino waarschuwt: ‘Dit kan juist averechts werken. Je moet alle dimensies tegelijk stimuleren.’

Piramide

Maar wie bezit er nu macht? Avelino toont een piramide waarin de staat (publieke instellingen), de gemeenschap (buurten, huishoudens) en de markt (bedrijven) hun eigen plek hebben. Maar de grenzen tussen deze instituties vervagen en machtsrelaties schuiven. ‘Zaken als onderwijs en zorg hebben we uitbesteed aan de overheid’, illustreert ze. ‘Maar de gemeenschap wordt in een hoek gedrukt. Ironisch, want we verwachten in een participatiesamenleving dat de gemeenschap meer gaat doen.’ Of neem Airbnb. Is dit een voorbeeld van de gemeenschap die de markt overneemt? Of is de macht van de markt zo groot dat die zelfs je slaapkamer in komt?

Machtsstrijd

Als we de burger willen empoweren, is het belangrijk om alle drie de instituties te betrekken. Avelino ziet dat we nu te vaak focussen op de individuele rollen van de burger. Terwijl je tegelijkertijd buurman, consument en kiezer bent. Ook speelt de machtsstrijd zich vaak af op individueel niveau en is er ongelijkheid tussen arm/rijk, ambtenaar/burger of werkgever/werknemer.

‘We zouden meer moeten stilstaan bij welke soorten macht we willen uitvoeren voor welk doel’, besluit Avelino. ‘En bij welke bedoelde of onbedoelde (dis)empowerende effecten onze interventies hebben. In elk geval hebben we allemaal verandermacht. Of je het nu wilt of niet.’

Over Flor Avelino

Flor Avelino heeft een achtergrond in de politieke wetenschappen en werkt als onderzoeker en docent aan DRIFT, Erasmus Universiteit Rotterdam (Nederland). Haar onderzoek richt zich op de rol van macht en empowerment in duurzaamheid van transities/transformaties.

Lees verder

Bekijk de presentatie van Flor Avelino

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

‘Op naar een samenleving waarin voor iedereen plek is’

Terugblik door Erik Dannenberg

Het laatste woord van het voorjaarscongres is aan Divosa-voorzitter Erik Dannenberg die trots terugblikt op ‘een buitengewoon mooi voorjaarscongres’. Hij blikt ook vooruit: ‘Wat is de weg vanaf vandaag?’

‘Wat nemen we mee om naar een vernieuwde werkelijkheid te gaan?’ Dannenberg refereert aan het beeld van de spreeuwen uit het verhaal van Hans Boetellier waar in alle chaos toch een bijzondere orde zien is. ‘Wij zijn onderdeel van een grote groep spreeuwen, we maken deel uit van een beweging. Blijven we nog sprankelen van wat we doen? Hebben we een glimlach als we over ons werk praten? Hoe richten we onze deskundigheid in? Zien we beperkingen of talenten?’

Erik Dannenberg

Verbind kennis

Dannenberg blikt terug op de sprekers van het congres: ‘Met het ene been staan we in de situatie van Busscher met twee stoelen tegenover elkaar, met het andere been staan we in de verandering naar een netwerkgerichte samenleving.’ De voorzitter van Divosa weet het zeker: er zit zoveel kennis in de zaal. ‘Wees bereid om die kennis te delen en te verbinden met de kennis die twee stoelen naast je zit’. In de weg naar een nieuwe samenleving ziet hij voor Divosa een verbindende rol. Tussen Rijk en gemeenten, tussen oude en nieuwe manieren van werken bijvoorbeeld. ‘Gaan we cliënten in de toekomst ‘overdanen’ noemen en de overheid een ‘onderheid’? Hoe zorgen we ervoor dat een cliënt niet het gevoel heeft dat iets over hem heen gebeurt, maar dat iemand hem bij staat?’

Verbreding

Divosa slaat het pad van verbreding in, licht de Divosa-voorzitter toe. ‘We gaan naar andere verhoudingen toe, zoeken de breedte van het sociaal domein op. Ik hoop dat we hierin onze transformatieve macht kunnen laten zien. Nu is de tijd om in het sociaal domein een stap naar voren te doen. Neem de macht om in belang van de mensen die afhankelijk zijn van onze diensten een begrijpelijke en ondersteunende wereld te creëren.’ Of om het in de woorden van Andries Baart te zeggen: ‘We gaan doormodderen en zelfs een beetje aanmodderen. We gaan elkaar tegenkomen. Op themabijeenkomsten en Divosa-vrijdagen bijvoorbeeld.’ Dannenberg heeft er alle vertrouwen in: ‘We zijn op de goede weg. We gaan voor een samenleving waarin iedereen hoort, waarin voor iedereen een plek is en waarin iedereen van waarde is’.

Bekijk de presentatie van Erik Dannenberg

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslagen keuzeprogramma

Van een aantal workshops/excursies is een verslag gemaakt:

1 Vluchtelingen in De Ronde Venen: als je alles anders doet, wat gebeurt er dan?

3. Integrale toegang: hoe pak je het aan?

4. Social impact bond jongvolwassenen

5. Machine Learning en big data

5 Eén keer samen GBI uitdenken, 390 keer gebruiken (ronde 2)

6  Wat heeft de professional nodig om zich te ontwikkelen?

8. Waar lopen bijstandsgerechtigden met parttime werk tegenaan?

9. Game Changesetter: hoe veranderkundig ben je? (ronde 1)

9. Economisch èn sociaal ondernemen: innovatie in werkgeversdienstverlening (ronde 2)

10. Hoe kunnen gemeenten en SVB beter samenwerken?

12. Samen bouwen aan betere re-integratie: lessen uit de praktijk

13 Ronde Venen: van data-analyse, naar het opnieuw uitvinden van je organisatie

16. Het Jongerenteam prikkelt je zintuigen

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Vluchtelingen in De Ronde Venen: als je alles anders doet, wat gebeurt er dan?

De verhoogde asielinstroom in 2015 confronteerde ook gemeente de Ronde Venen voor een uitdaging. Hoe plaatsen we de vluchtelingen en hoe blijven we goed in contact met onze burgers?

De gemeente startte met een inloopavond voor bewoners. Er bleek veel onrust te zijn. Mensen kwamen met vragen zoals: Wat als er onder de vluchtelingen terroristen bevinden? Kan mijn dochter nog een kort rokje dragen?

De gemeente zette hierop de appreciative inquiry methode in. Hierbij draait het om luisteren zonder oordeel. De gemeente wilde echt naar bewoners luisteren, niet door veel te vragen maar door de bewoners te laten vertellen.  De gemeente betrok verschillende partnerorganisaties zoals woningcorporaties bij het gesprek. Kernvraag: wanneer voel jij je thuis? Medewerkers luisterden een uur lang zonder wedervragen te stellen. Enkel aan het einde van het gesprek werd gevraagd naar de eigen inbreng van de burger; wat kun je hier zelf nog aan doen?

De methode wierp vruchten af. Door te luisteren zonder het gesprek te willen sturen, voelden de bewoners zich echt gehoord en kwamen ze zelf met goede suggesties. Toch was de gemeenteraad niet enthousiast over de aanpak, er waren onvoldoende concrete resultaten om het project voort te zetten. Toch kijkt de gemeente tevreden terug op het project. De grootste opbrengst voor het projectteam was de verbinding met de inwoners en werkte ook blikverruimend voor medewerkers zelf.

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Integrale toegang: hoe pak je het aan?

De toegang tot het sociaal domein is in gemeenten heel verschillend georganiseerd. Van compleet integraal tot juist helemaal apart en op afstand. Heerenveen en Krimpen aan den IJssel zijn twee voorbeelden die deze verschillen illustreren.

In Heerenveen is geen wijkteam maar zijn zes woonservicezones met de naam de Meitinkers (de meedenkers). Met de Meitinkers kan de gemeente écht integraal werken vertelt teamleider Toegang Titia Woudwijk. ‘Het zijn tenslotte de professionals die de wijk goed kennen en goed benaderbaar zijn. Zij voeren het gesprek, bepalen de zorg en organiseren integrale zorgarrangementen. Hun mandaat is breed. We stellen beschikkingen nu nog apart op, maar dat zou in de toekomst best een integrale beschikking kunnen worden.’ Wat interessant is, is het feit dat de aanpak heeft geleid tot een afname van voorzieningen in de Friese gemeente.

Krimpen aan den IJssel doet het helemaal anders. Daar wordt gewerkt met de KrimpenWijzer, een netwerkorganisatie waarin gemeentelijke afdelingen en zorg- en welzijnsinstellingen participeren. De intake is breed, daarna werkt iedereen vanuit het eigen specialisme. Bij complexere vraagstukken komt een procesregisseur in beeld.

 

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Social impact bond jongvolwassenen

Hoe kunnen we kwetsbare jongeren helpen om stabiele volwassenen te worden? De gemeente Enschede pakt het aan met een Social impact bond voor jongvolwassenen.

Het blijkt niet gemakkelijk te zijn om kwetsbare jongeren adequaat te ondersteunen wanneer zij volwassen worden. Verschillende interventies hebben in het verleden niet tot de gewenste resultaten geleid maar wel veel geld gekost. De gemeente Enschede gooit het dan ook over een totaal andere boeg en roept hulp in van private investeerders. Zij stellen budget beschikbaar voor innovatieve interventies. Als de investering tot het gewenste doel heeft geleid en jongeren daadwerkelijk aan een baan en woonruimte zijn geholpen, betaalt de gemeente de investeerder terug mét bonus. Immers, de gemeente heeft middelen aan uitkeringen en ondersteuning bespaard. De Social impact bond is over komen waaien uit Groot Brittannië en wordt in Nederland door een aantal grote gemeenten toegepast. Het is nog te vroeg om vast te stellen of de aanpak echt succesvol is, maar de eerste signalen zijn positief.

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Machine Learning en big data

Gemeenten hebben veel gegevens van hun burgers. En die kun je, mits je je houdt aan privacy-richtlijnen, aan elkaar knopen tot big data sets waarin je naar patronen kunt zoeken. Welke mensen zullen uitvallen in de schuldhulpverlening? Wie moet je beter controleren als ze een uitkering aanvragen? En welke mensen hebben juist extra aandacht nodig van het team handhaving?

De gemeentelijke uitvoeringsorganisatie WIL Lekstroom experimenteert samen met Stimulansz en Totta met het voorspellen van fraude in de bijstand. Wim Janssen van WIL Lekstroom vertelt over de eerste stappen die zijn gezet.

Op basis van 35 gegevenstypen die zij registreren in GWS en historische informatie over welke personen hebben gefraudeerd, is er een algoritme gebouwd dat aangeeft bij wie het risico op fraude mogelijk hoger is. Elk kwartaal controleert de organisatie de tien hoogst genoteerde personen door bankafschriften op te vragen, administratief onderzoek te doen en Suwinet te raadplegen. Tijdens de eerste ronde deden ze ook nog huisbezoeken en persoonlijke gesprekken, maar die bleken weinig toe te voegen. Inmiddels is het proces gestandaardiseerd en kost het 3 uur per onderzoek.

Bij 20 procent van de gecontroleerde personen blijkt er inderdaad iets aan de hand te zijn. Dat is een betere score dan bij wijkgerichte aanpakken (15 procent), maar een lagere score dan bij signaalgestuurde handhaving (40 procent). Omdat de informatie teruggaat in het systeem is de aanname dat het algoritme uiteindelijk steeds beter gaat presteren. Inmiddels zijn Stimulansz en Totta ook bij andere gemeenten aan de slag gegaan waardoor de datasets groter worden en de voorspellingen ook sneller verbeteren.

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Eén keer samen GBI uitdenken, 390 keer gebruiken

Gemeentelijke Basisprocessen Inkomen (GBI) is ontstaan vanuit een initiatief van grote gemeenten die samen kansen zien voor verbetering van de dienstverlening rond het inkomensgedeelte van de Participatiewet. GBI staat voor één keer samen uitdenken, 390 keer gebruiken en beschikbaar stellen voor lokale uitvoering. Tijdens de workshop legt Peter Ruijters uit hoe het netwerk GBI op dit moment opereert, wat de stand van zaken is en welke resultaten bereikt zijn.

Belangrijk bij de implementatie is het betrekken van lijnmanagers. Ruijters benadrukt dat ook leveranciers een belangrijke plaats innemen; GBI zorgt voor een geautomatiseerde afhandeling, maar bouwt daarbij geen nieuw uitkeringssysteem. De door GBI ontwikkelde functionaliteiten moeten worden gekoppeld aan bestaande systemen. GBI claimt daarbij dat de afhandelingstijd van de aanvraag uitkering gehalveerd kan worden.

Gaat dat niet ten koste van persoonlijk contact met klanten? Ruijters denkt niet dat GBI zorgt voor minder persoonlijk contact met de klanten. Gemeenten kunnen zelf mogelijkheden tot persoonlijk contact inregelen.

Het systeem klinkt veelbelovend, maar kritiekpunten zijn er ook. Op de lange ontwikkeltijd bijvoorbeeld. Al met al krijgen aanwezigen goed beeld van wat er mogelijk is met het netwerk én van de inspanning en inzet die gevraagd wordt van de deelnemende gemeenten.

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Wat heeft de professional nodig om zich te ontwikkelen?

Nathalie Lurken en Kirsten Tonnaer werken als klantmanager voor de gemeente Maastricht en volgden de opleiding ‘Effectief klantmanager sociaal domein’. Met deze opleiding leren klantmanagers een integrale kijk ontwikkelen op werk & inkomen, jeugd, onderwijs en Wmo. Tijdens de workshop deelden ze hun ervaringen en spitsten zij zich toe op de vraag: wat heeft een professional nodig om zich te ontwikkelen?

Aan de hand van stellingen gingen deelnemers van de workshop aan de slag met deze vraag. De belangrijkste antwoorden:

  • Verantwoordelijkheid
  • Vertrouwen vanuit management
  • Meer invloed in het ontwikkelen van het vak binnen de organisatie
  • Werken binnen een lerende organisatie
  • Ruimte om te kunnen ontwikkelen

De overkoepelende conclusie was helder: kunnen leren en ontwikkelen is ontzettend belangrijk in het werk van klantmanagers. Dit hoeft niet in de vorm van een opleiding, dit kan ook op de werkplek. Een beroepsregister zou hiertoe een goed middel kunnen zijn mits het wordt ingezet als een middel om de kwaliteit te verbeteren.

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Waar lopen bijstandsgerechtigden met parttime werk tegenaan?

Er zijn maar weinig bijstandsgerechtigden die parttime werken. Waarom is dat? Wat houdt mensen tegen? De gemeenten Amsterdam en Drechtsteden onderzochten het met de Service Designmethodiek.

Met deze methodiek is een klantreis ontworpen die de beleving onderzocht van bijstandsgerechtigden die parttime werken. De focus lag bij het proces van inkomstenverrekening bij parttime werken. Wat kan beter?  

De opvallendste uitkomsten:

  • Uitnodigende communicatie werkt.
  • Klanten hebben behoefte aan heldere informatie in bijvoorbeeld factsheets over het verrekenen van parttime werk.
  • Inkomstenvrijlating voor een bepaalde tijd is verwarrend voor klanten; zij zijn op zoek naar een vast inkomen bijvoorbeeld in de vorm van een eenmalige bonus.
  • Er is behoefte aan heldere rechten en plichten, liefst op papier zodat mensen het later nog eens terug kunnen lezen.
  • Mensen hebben ruimte nodig om goede sollicitatiebrieven te kunnen schrijven. Nu is het versturen van een aantal brieven vaak verplicht, waardoor klanten eerder standaardbrieven gaan versturen.
Klantreis | Divosa Voorjaarscongres 2017Gedeelte van de klantreis in beeld

Bekijk de klantreis op papier (pdf, 3 mB)

Quotes:

Door het begrijpen van motivaties van mensen, komen feiten tot leven en worden oplossingen betekenisvol.

Sturing op uitstroom uit de bijstandsuitkering belemmert parttime werken.

Liever felicitaties na het vinden van werk in plaats van meteen regels en plichten.

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Game Changesetter: hoe veranderkundig ben je?

De Changesetter is een simulatiegame waarmee je spelenderwijs met collega’s de hobbels en valkuilen van een veranderingsopgave doorleeft. Deels letterlijk, waarbij deelnemers in nagemaakte bootjes plaats nemen of niet en daarmee niet mee gaan in de verandering. En deels gesimuleerd via animaties op laptops. Doel: onderzoeken welke soorten weerstand je tegen kunt komen bij verandering en welke interventies dan werken.

Tijdens de workshop gaan deelnemers aan de slag met de casus van een bedrijf dat een nieuw CRM-systeem moet doorvoeren. Er wordt geoefend met veranderingsmethoden, interventies en weerstanden. De gedeelde ervaring is helder: de Changesetter nodigt uit tot verdieping en discussie over veranderingsprocessen. Door de verandering te beleven en waar te nemen kun je met je team je eigen veranderingsopgave spiegelen tegen de theorie van veranderkunde. 

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Economisch èn sociaal ondernemen: innovatie in werkgeversdienstverlening

Hoe kun je economisch én tegelijkertijd sociaal ondernemen? Jenny Dizij-van Leeuwen, directeur van Podium24, legt uit welke innovaties er binnen de werkgeversdienstverlening zijn.

Podium 24 is het werkgeversservicepunt van Maastricht Heuvelland. Het is zowel een stichting als een bv. Door deze verschillende organisatievormen kan Podium 24 werkgevers en werkzoekenden maximaal faciliteren. Podium 24 wil klein en wendbaar zijn. Innovatief en gericht op samenwerking en bedient allerlei doelgroepen. Dat maakt de dienstverlening breed: van social return, uitzenden en detacheren tot het opleiden en arbeidsfit maken van mensen. En dat allemaal op subregionale schaal.

Focus

Podium 24 is gestart met de werkgevers als scherpe focus. ‘We ontwikkelen ons samen met sociale zaken op het arbeidsfit maken van werkzoekenden’, licht Dizij-van Leeuwen toe. ‘Dus meer aandacht voor de ontwikkeling op langere termijn. Het snelle matchen ontwikkelt zich naar een meer coachende benadering.’

De directeur vervolgt: ‘Het heeft met aandacht te maken. En met de juiste focus: we focussen op mensen en dat ze aan de slag gaan. En dat in samenwerking met UWV, onderwijsorganisaties en vele andere partners.’ Vooruitblikkend op de toekomst zou het een mooie volgende stap zijn om de samenwerking ook in de grotere arbeidsmarktregio vorm te geven.

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Hoe kunnen gemeenten en SVB beter samenwerken?

Maarten Schurink, voorzitter van de Raad van Bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, opent de workshop. ‘We werken voor dezelfde burgers, als gemeenten en de SVB beter gaan samenwerken zullen burgers dat ook zo gaan ervaren.’ Maar hoe pakken we dat aan?

Bijvoorbeeld door warme overdracht vanuit de WWB naar AOW. Tammo van Hoorn en Anja Wiersma van de Sociale Verzekeringsbank delen hun ervaringen hierin. Over de verkenning waar samenwerking voor de hand ligt bijvoorbeeld bij preventie (vroegsignalering), communicatie (“mensen zijn aangenaam verrast als we ze bellen”) en bij handhaving.

Zo heeft de SVB een landkaart beslaglegging ontwikkeld, waarop met kleuren is aangegeven hoe het staat met het percentage beslagleggingen die opgelegd worden op de uitkeringen van de SVB. Een aantal gebieden springt eruit met een percentage beslaglegging van rond de 6 procent (Amsterdam, Rotterdam en Noordoost-Groningen).

Schulden

De SVB zoekt de samenwerking met gemeenten bij de aanpak van schulden. Het valt op dat niet altijd (tijdig) een uitkering volgens de AIO (Aanvullende Inkomens­voorziening Ouderen) of de Anw (Algemene nabestaandenwet) wordt aangevraagd. Dit kan het begin zijn van het ontstaan van schulden. Bij overlijden heeft men over het algemeen iets anders aan het hoofd dan deze aanvraag in te dienen. Vooral als de overleden partner degene was die de administratie voerde gaat het vaak mis. De SVB zoekt in die gevallen telefonisch contact.

Herkenning?

Herkennen de deelnemers vanuit hun eigen praktijk? Ja, en de regels rond privacy worden als belemmerend ervaren. Voor een deel hangt dit ook samen met het gedrag en houding van de betrokken burgers, die soms tegen het eigenbelang in handelen. Maarten Schurink verzucht hierbij dat het handhavingsteam van de SVB vaak tegen schrijnende situaties aanloopt, maar dan weet met wie zij in de betreffende gemeente contact op kunnen nemen.

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Samen bouwen aan betere re-integratie: lessen uit de praktijk

Hoe kan het vak van klantmanagers verbeteren? De deelnemers aan deze sessie nemen een duidelijk standpunt in: 60% vindt dat de klantmanager meer flexibiliteit moet krijgen. 30% meent dat er betere banden met de werkgever nodig zijn. Ook een beroepsregister voor klantmanagers kan een middel zijn om professionalisering te stimuleren.

Een beroepsregister is bedoeld als impuls voor een 'lerende organisatie', vertelt Amanda Bruns, bestuurslid van de Beroepsvereniging voor Klantmanagers. 'Zo kan dienstverlening worden geborgd in een veranderende context. Klantmanagers hebben autonomie en eigen regie om hun vakmanschap te stimuleren.' Bovendien draagt een beroepsregister bij aan uniformiteit binnen het vak van klantmanager. 

De deelnemers geven herhaaldelijk het signaal af: de arbeidsmarkt is essentieel in het vak van klantmanagers. 'Zou het interessant zijn om werkgevers te betrekken bij de accreditatie: wat verwachten zij van klantmanagers?'

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Verslag keuzeprogramma

Ronde Venen: van data-analyse, naar het opnieuw uitvinden van je organisatie

Hoe ga je als gemeente aan de slag met big data? Natuurlijk, cijfers geven andere inzichten en helpen bij een gerichte beleidsinzet. Wellicht kun je zelfs efficiënter gaan werken. Maar hoe duid je de cijfers? En hoe zet je de stap van data naar organisatieverandering?

Arno van der Lee (Eiffel) die gemeenten adviseert in het toepassen van big data, herkent deze vraagstukken. Big data worden in het sociaal domein steeds meer ingezet om uitgaven te beheersen en de inkoop en organisatie van voorzieningen aan te passen aan de werkelijke vraag. Maar er is nog geen staande praktijk. Gemeenten zijn aan het zoeken.

Snappen wat er echt speelt

De gemeente Ronde Venen heeft inmiddels wat ervaring opgebouwd. Frans de Jong, senior beleidsadviseur ziet big data vooral als een extra informatiestroom bovenop de managementinformatie die je zelf genereert. Bovendien heeft de data interpretatie en uitdieping nodig: ‘Wij hebben nu inzicht in de achtergrond van de inwoners die bij ons aankloppen, maar de toegevoegde waarde van de professional is onmisbaar. Mensen moeten de wijken in om te snappen wat er echt speelt.’

Verslag Divosa Voorjaarscongres 2017

Presentaties downloaden

Hieronder vind je een overzicht van de presentaties.

Presentaties van het keuzeprogramma

Donderdag 15 juni | ronde 1

1. Effectieve transformatie in het sociaal domein (pdf, 7,4 MB)

2. Twente Move2Social: sociaal ondernemen met maatschappelijke impact (pdf, 930 kB)

4. Vergunninghouders: Vroege integratie en participatie (pdf, 6,3 MB)

5. Machine learning en big data (pdf, 3,1 MB)

6. Mobility Monitoring (pdf, 2,2 MB)

7. Klantbeleving en klantgerichtheid (pdf, 4,1 MB)

9. Game Changesetter: Hoe veranderkundig ben je? (pdf, 8,2 MB)

12. Samen bouwen aan betere re-integratie, deel 1 (pdf, 1,3 MB)

12. Samen bouwen aan betere re-integratie, deel 2 (pdf, 157 kB)

13. Data en organisatie (pdf, 1,3 MB)

15. Samen maken wij meedoen mogelijk!: restaurant Talentino (pdf, 3,3 MB)

15. Samen maken wij meedoen mogelijk!: MEE (1,3 MB)

Donderdag 15 juni | ronde 2

4. Social Impact Bond Jongvolwassenen (pdf, 4,9 MB)

5. Een keer GBI uitdenken, 390 keer gebruiken (pdf, 3,4 MB)

6. Wat heeft een professional nodig om zich op eigen kracht te ontwikkelen? (pdf, 3,8 MB)

10. Verandercapaciteit van gemeenten (pdf, 2,6 MB) en bijbehorend rapport (pdf, 1,2 MB)

Presentaties van de plenaire sprekers

Colofon

Divosa

Koningin Wilhelminalaan 5 | 3527 LA Utrecht
Postbus 2758 | 3500 GT Utrecht
030 - 233 23 37
info@divosa.nl
www.divosa.nl

Tekstredactie

Chrisje Meima (Divosa)
Ingrid Huisman (Divosa)
Evelien Engele

Fotografie

Jos Stuart (Divosa)

Contentmanagement

Saskia Schrijver (Divosa)

Versie

15 juni 2017