Jeugd en jongeren

Sinds januari 2015 zijn drie decentralisaties in het sociale domein (Awbz naar Wmo, Participatiewet en de Jeugdwet) een feit. Vlak nadat de wet Passend Onderwijs in werking trad. Daarmee kregen gemeenten een grotere verantwoordelijkheid voor haar jonge burgers. Nederland telt ruim vijf miljoen jongeren van 0 tot 27 jaar. Verreweg de meesten redden zich prima. Zij groeien op in een stabiele omgeving, gaan  probleemloos van school naar werk en leveren hun bijdrage aan de samenleving. Bij een deel van deze groep, ongeveer 15 procent, gaat dit niet vanzelf. Zij hebben hierbij extra ondersteuning nodig. Bijvoorbeeld van de gemeente.

Jongeren die bijvoorbeeld geen inkomen hebben, kunnen vanaf hun 18e een uitkering aanvragen bij de gemeente. Daarnaast kloppen jongeren bij gemeenten aan met vragen op het terrein van zorg, hulpverlening, schulden en huisvesting. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de aansluiting onderwijs op arbeidsmarkt en sinds 2015 ook voor uitvoering van de Jeugdwet. Daarmee gaat de verantwoordelijkheid van gemeenten veel verder dan bestrijding van jeugdwerkloosheid.

Enkele cijfers

  • Eind 2015 waren 160.000 jongeren van 15 tot 27 jaar werkloos. Zij hadden geen betaald werk, maar waren wel op zoek naar een baan en direct beschikbaar.
  • Ruim drie kwart van hen is nog bezig met een opleiding of studie
  • Bijna de helft van hen is nog minderjarig en veelal op zoek naar een baantje tot 12 uur per week.
  • Iets minder dan een kwart van de werkloze jongeren, bijna 40.000, volgt geen onderwijs meer.
  • Bijna twee derde van deze schoolverlaters wil het liefst fulltime werken.
  • Het aantal werkzoekende jongeren tussen 23 en 27 jaar bedraagt 140.000. Daarvan zijn er 22.000 onzichtbaar. Het CBS telt dan ook 118.000 werkzoekenden van 23 tot 27 jaar.
  • Er zijn dus 42.000 jongeren van 15-23 die een baantje zoeken, al dan niet naast hun studie voor meer of minder dan 12 uur.

Jeugdhulp 18- en 18+

Sinds 1 januari 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor jeugdhulp. Zij kunnen zo de zorg dichter bij de inwoners organiseren, eenvoudiger en goedkoper. De nieuwe organisatie van de jeugdhulp is vastgelegd in de Jeugdwet. Met name op het moment dat een jongere 18 wordt, kan er veel mis gaan. Vroegtijdige samenwerking tussen gemeente en zorg en hulpverlening kan hier veel problemen voorkomen.

Het kabinet zet met de aanpak jeugdwerkloosheid in op samenwerking tussen gemeenten, werkgevers en het onderwijs. Zie www.aanpakjeugdwerkloosheid.nl. Gemeenten hebben geld gekregen om in hun regio jongeren aan werk te helpen.

Onderwijs

Van de werkloze jongeren had bijna de helft geen startkwalificatie. Het werkloosheidspercentage onder jongeren zonder startkwalificatie is twee keer zo hoog als onder hun leeftijdsgenoten met startkwalificatie respectievelijk 15 procent tegenover 7 procent. Overigens hebben ook 117.000 wérkende jongeren geen startkwalificatie. Zij werken vaak in parttime banen met de laagste lonen en de grootste baanonzekerheid. (gegevens jeugdmonitor CBS).

Het aantal voortijdig schoolverlaters is in tien jaar tijd met de helft afgenomen, maar bedraagt nog altijd ongeveer 26.000 jongeren.

Van alle schoolgaande jongeren in het voortgezet onderwijs (985.000 eind 2015, CBS) volgen er 28.000 Praktijkonderwijs en 39.000 Voortgezet Speciaal Onderwijs. Door de sterk beperkte instroom in de Wajong en SW dreigt een deel van deze groep tussen wal en schip te vallen, zodra zij van school komen. Voor gemeenten ligt hier een taak om ook voor deze jongeren de aansluiting onderwijs op arbeidsmarkt zo soepel mogelijk te laten verlopen.

Oudere Jongeren 23 - 27

Werkzoekende 23-plussers zijn gebaat bij maatwerk via gebundelde samenwerking van gemeenten, zorg en onderwijs.

In opdracht van het Programma Leren en Werken deden KBA Nijmegen en Selle van der Woude onderzoek naar de kansen van 23-plussers. Uit dit onderzoek ‘Perspectief 23-plus’ blijkt dat 140.000 jongeren van 23 tot 27 jaar op zoek naar werk zijn.

Van hen hebben 64.000 geen startkwalificatie. Daarvan zijn er 22.000 ‘onzichtbaar’: ze staan niet geregistreerd als onderwijsvolgend, werkzoekend of uitkeringstrekkend. Zij zijn in de crisistijd van school gekomen en waren de eerste ‘slachtoffers’ van de sterke afname van de beroepsbegeleidende leerweg (BBL). Deze afname werd veroorzaakt door een combinatie van factoren (ECBO, mei 2016):

  • Door de crisis zijn er minder betaalde leerwerkplekken en  is er geen mogelijkheid om onbetaald een BBL opleiding te volgen.
  • De economische crisis; hierdoor zijn bedrijven terughoudend in het aannemen van BBL-leerlingen.
  • Veranderingen in de studentenpopulatie van het mbo naar samenstelling en beroepsoriëntatie en -voorkeuren.
  • Ontwikkelingen in het onderwijsbeleid, bijvoorbeeld rondom de urennorm en de aangescherpte eisen voor taal en rekenen.
  • Ontwikkelingen op de arbeidsmarkt, zoals een dalende bereidheid om leerlingen op te leiden en de flexibilisering van arbeidscontracten.
  • Ontwikkelingen binnen organisaties, functies, bedrijfstypen en werving van personeel.
  • Actoren die samenhangen met de arbeidsvoorwaarden van BBL-leerwerkplekken die in cao’s  zijn vastgelegd.

Voor een deel van de jongeren is uitwijken naar de Beroepsopleidende Leerweg (BOL, voltijdsonderwijs met stage) een optie. De oudere jeugd voelt zich in deze groepen echter vaak niet thuis. Om te voorkomen dat een grote groep ‘oudere jongeren’ langdurig in de bijstand blijft, is nu een gezamenlijke aanpak van gemeente, onderwijs, zorg en hulpverlening noodzakelijk.

Belangrijkste documenten

Aan de slag

Ben je op zoek naar ondersteuning in het begeleiden van jongeren? Divosa heeft de volgende hulpmiddelen voor jou:

  • Het werkblad Van wil naar weg helpt jongeren bij het maken van een toekomstplan en om in beweging te komen. De jongere staat aan het roer, de professional heeft een coachende rol.
  • De werkwijzer Jongeren beschrijft hoe je jongeren met effectieve gespreksvoeringstechnieken kunt motiveren en ontdekken van wat een jongere wil en kan. Verschillende typen jongeren en bijbehorende interventies worden beschreven.
  • Ontdek en oefen nieuwe effectieve interventies om jongeren te begeleiden in de 5-daagse opleiding. Start: 13 september 2018.
  • Gebruik de draaischijf met het SLIM-model (Subjectief Logisch Interventie Model) om de juiste interventie te kiezen bij welk type cliënt.
  • Op zoek naar innovatieve manieren om integraal te werken? Enschede, Eindhoven, Hengelo, Utrecht, Leiden en Amsterdam helpen jongvolwassenen (16-27) in een kwetsbare positie op weg naar zelfstandigheid met behulp van de Social Impact Bond (SIB) Jongvolwassenen (Aanpak 16-27, maart 2018 | pdf, 78 kB).

Wat vindt Divosa?

Divosa wil bij gemeenten bevorderen dat jongeren een goed en integraal aanbod krijgen als zij zich tot de gemeente wenden. Op deze manier voorkomen we dat jongeren tussen wal en schip vallen. Divosa vindt dat er één regisseur moet zijn. Het ligt voor de hand dat de gemeente hierin het voortouw neemt, zonder de eigen verantwoordelijkheid van de jongere over te nemen. Het is belangrijk om hierbij ook de omgeving van de jongere te betrekken.

Binnen de gemeente is afstemming nodig tussen het jongerenloket, volkshuisvesting, het Centrum voor Jeugd en Gezin en de wijkteams.

Buiten het gemeentehuis is het van grote meerwaarde om contact te hebben met de ouders, maar ook andere partners in de jeugdketen zoals het onderwijs, Regionaal Meld- en Coördinatiepunt Vroegtijdig Schoolverlaten, Jeugdzorg, UWV en wijkgericht welzijnswerk. Door samenwerking zal het veel gemaakte onderscheid tussen Jongeren & Werk en Hulpverlening steeds meer vervagen. Daarmee vergroten we de kansen van jongeren op een zelfstandig bestaan, zonder zorg(en)  via leren en werken.

Jongeren zonder uitkering, de zogenaamde Nuggers of niet uitkering ontvangers, kloppen vaak niet aan bij de gemeente. Toch heeft de gemeente ook voor hen zorgplicht. Vroegtijdige interventie kan voor jongeren problemen op latere leeftijd voorkomen.

Wat doet Divosa?

VU-Divosa-project rond jongeren met een beperking

Kenniswerkplaats Lokaal15 van de Vrije Universiteit Amsterdam en Divosa voeren samen het project uit: “Niet langer in de Wajong…kennis, ervaringen en mogelijkheden”. Dit initiatief heeft tot doel om gemeenten met kennis en nieuwe inzichten te ondersteunen bij de (arbeidsmarkt)integratie van jongeren met een beperking. De werkgroep Participatie Jonggehandicapten bestaat uit zeven (inter)gemeentelijke diensten, onderzoekers en andere stakeholders die samen optrekken bij het opdoen, delen, ontwikkelen én toepassen van kennis en nieuwe inzichten.

Themabijeenkomsten

Divosa organiseert en informeert over themabijeenkomsten over  actuele onderwerpen rondom jongeren zoals jongerenloketten, jongerenbeleid, jeugdwerkloosheid, Jeugdhulpverlening, zorg en onderwijs. Doelgroep zijn managers in het sociaal domein, beleidsmedewerkers, (klant)managers, projectleiders, en aanverwante professionals uit de keten (Gemeente, UWV, ROCs en sw-bedrijf).

Programmaraad

Divosa maakt deel uit van de Programmaraad. De Programmaraad zet zich actief in voor een betere overgang van school naar werk. Vooral voor de VSO PrO doelgroep en de regionale actieplannen van de 35 arbeidsmarktregio's. Het kabinet heeft in totaal €50 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten, voor de aanpak van jeugdwerkloosheid. Dit geld is verdeeld over de 35 arbeidsmarktregio's. De uitvoering van de plannen is op dit moment in de eindfase.

Samenwerken met andere instellingen

Om de samenwerking in de keten te versterken werkt Divosa samen met instellingen op het gebied van jeugdbeleid. Zoals het Nederlands Jeugdinstituut als het gaat om jongeren die 18 jaar worden. Ook is er goede samenwerking met het leerwerkloket rond de verbetering van de hulp- en dienstverlening aan jongeren met financiële problemen of multiproblematiek. Voorbeelden hiervan staan in het  onderzoeksrapport Kwetsbare jongeren en schulden.

Bijeenkomsten over dit onderwerp