Onder de radar: meiden in de criminaliteit
Bij jeugdcriminaliteit denken we meestal aan jongens. De meiden zien we vaak niet, of veel te laat. Toch is één op de vijf verdachten van jeugdcriminaliteit een meisje.
fotografie: Bas Losekoot• interviews: Jessica Maas • techniek: Sean Walsh, Studio Koekepeer
Podcastserie 'Leipe meiden: criminaliteit onder de radar'
In 'Leipe meiden: criminaliteit onder de radar' praat journalist en podcastmaker Jessica Maas met Livde en Rosa, twee jonge vrouwen die uit de criminaliteit zijn gestapt. Hoe zijn ze erin beland, en hoe zijn ze er weer uitgekomen? Welke rol speelden de hulpverleners en wat kunnen professionals van deze meiden leren?
Ook praten we met hoogleraar Annemarie Slotboom, die gespecialiseerd is in meidencriminaliteit.
-
[Livde] De eerste keer dat ik met justitie in aanraking ben gekomen, is op mijn vijftiende. Ik heb ook een moment gehad dat er iemand met een wapen tegen mijn hoofd stond, of iets, weet je.
[JM] Je luistert naar Leipe Meiden. Bij jeugdcriminaliteit denken we vaak aan jongens, maar één op de vijf verdachten is een meisje. We zien ze alleen vaak veel te laat. In deze serie hoor je vrouwen die eruit zijn gestapt en wat professionals van hen kunnen leren.
We praten ook met hoogleraar Annemarie Slotboom, die gespecialiseerd is in meidencriminaliteit. Mijn naam is Jessica Maas, en dit is Leipe Meiden.
[Livde] Nou, ik ben Livde. Ik ben moeder van twee kinderen, 26 jaar, geboren en getogen in Rotterdam. Ik ben vanaf mijn negende uit huis geplaatst. Ik heb in totaal 26 rozen op mijn lichaam, waarvan twintig symbool staan voor de hoeveelheid aan instellingen waar ik heb gezeten. Maar het is ook best wel confronterend dat je op zo’n jonge leeftijd uit huis geplaatst wordt en eigenlijk vanuit een omgeving die vertrouwd hoort te zijn, weggehaald wordt.
[JM] Ik spreek met Livde. Ze heeft veel meegemaakt. Ze rolde op jonge leeftijd de criminaliteit in.
[Livde] Ja, ik was in een omgeving in Rotterdam-Zuid met allemaal mensen die al diep in de criminaliteit zaten. Dus als je dan in zo'n noodsituatie zit en eigenlijk geen geld hebt, is het makkelijk om te zeggen van: 'Hé, ik zit in zo'n positie en ik wil niet de prostitutie in, dus dan ga ik maar hieraan meedoen.'
Dus toen was er iemand die zei van: 'Ja, kom we gaan een pizzeria beroven.' En ik dacht van: oké, is goed. Ik hoef niet daar... ik hoef de beroving niet te doen, maar ik wist er wel van. En zij hebben mijn mobiel gebruikt om in contact te komen met die... met de pizzeria. Dus...
[JM] En heb je ook vastgezeten?
[Livde] Eh, ik heb nooit vastgezeten. Ik heb wel drie jaar lang in een gesloten instelling gezeten en wel gewoon op het politiebureau meerdere malen geslapen.
[...]
Je kan geen angst laten zien, want op het moment... het is gewoon eten of gegeten worden. Als jij die angst laat zien, dan zien zij dat ook. Dus dat betekent dat zij daar ook misbruik van kunnen maken.
[JM] Livde zat er al diep in voordat iemand het doorhad. Ik vraag me af hoe dat kan. Hoogleraar Annemarie Slotboom onderzoekt al jaren waarom we juist meiden over het hoofd zien.
[AS] Ja, die kunnen lang onzichtbaar blijven. En als ze wel gepakt worden… dat zien wij natuurlijk ook wel terug in de cijfers en het onderzoek… dan is de problematiek heel groot. Groter dan bij jongens. Dus dan is er veel meer aan de hand geweest, thuis, veel meer aan de hand geweest met verkeerde vrienden, veel meer aan de hand geweest met verslaving. Dus dan is gelijk alles erger.
En meiden worden dan eerst boos op zichzelf, dan boos op de rest en dan gaat het mis. Dat is de korte versie even. Dus er is meer aan de hand en het is ingewikkelder dan dat het bij mannen is.
[Livde] Ja, je zet een muur voor jezelf neer, zodat andere mensen niet dichtbij kunnen komen. En dat kan op verschillende manieren. Dat kan door agressief zijn, maar dat kan ook doordat jij emotioneel jezelf, ja, niet kan beheersen of juist op een andere manier dat heel erg wilt controleren.
Omdat je dus weggelopen bent, heb jij geen inkomen. Dus dan moet je eigenlijk zien te overleven, ja, in de omgeving waar je bent, omdat je toch moet eten of een slaapplek moet hebben.
Omdat wij dus minder makkelijk gepakt worden, gaan we wat makkelijker daarin mee. En omdat het dus minder… ja, je wordt gewoon minder snel gepakt. Dus je denkt van: 'Hé, ik doe het wel eventjes.' Maar als je eenmaal erin zit, kom je er sowieso ook niet meer makkelijk uit, want je wordt… continu word je er gewoon weer ingesleurd. En vooral als vrouw zijnde. En mannen zijn zich er ook gewoon van bewust dat vrouwen makkelijker werken in de criminaliteit dan mannen, dus daar wordt gewoon ook meer op ingespeeld.
[JM] Omdat ze niet zo snel verdacht worden? Bedoel je dat?
[Livde] Klopt. Als je gaat kijken naar hoeveel vrouwen er gepakt worden in de criminaliteit en mannen, dan is de... de mannen duidelijk de overhand hier. Dat komt omdat vrouwen minder snel gepakt worden en mannen wat dommer zijn hierin.
[JM] Ja? Denk je echt dat mannen, dat ze... vrouwen zijn in die zin slimmer?
[Livde] Ja, vrouwen kijken gewoon vanuit een ander perspectief naar zulke dingen. Mannen die reageren wat impulsiever en die kijken daarna wat de gevolgen ervan zijn, terwijl vrouwen wat tactischer kijken.
[AS] Er wordt meer gepleegd door vrouwen dan uiteindelijk in het strafrecht terechtkomt. Dus het gat tussen wat vrouwen doen en eenmaal met strafrecht in aanraking komen, is groter dan bij mannen. Dus ergens onderweg zien we ze niet of vinden we het niet serieus genoeg of...
Ook bij de politie binnenkomen is een blinde vlek, hè. Dus we kijken niet naar vrouwelijke daders. Dus vaak zijn ze... vaak zijn ze niet de hoofddader… in heel veel gevallen, dus ze doen mee. En dan zegt de politie: 'Ja, als we moeten mikken op wie we moeten pakken, dan zijn we strategisch handiger als we de jongens pakken, want dan hebben we de hoofddader.'
[JM] Hoe kunnen professionals bij gemeenten het morgen anders gaan doen?
[AS] Nou, ik denk beter kijken op de goede plekken. Jongerenwerk op Zuid heeft… In Rotterdam ben ik toen gaan kijken, die hebben meidenwerkers vrijgemaakt voor meiden. Dus we moeten samen kijken: wat doet dat nou? Maar dat werkt echt wel anders dan dat je jongerenwerkers, mannelijke jongerenwerkers in de wijk hebt lopen of… die met een andere blik kijken. Zij kijken gewoon anders, ze zoeken anders.
Gebeurt veel rondom school natuurlijk. En dan, school zelf vindt het soms ingewikkeld hè, om daar iets mee te doen. Wij vinden wel allemaal dat school een soort vindplaats is waar alles gebeurt, maar dat betekent niet dat school dus alle verantwoordelijkheid heeft om alles op te lossen. En, je moet proberen te zorgen dat ze binnen school blijven, dat is natuurlijk ook de grote uitdaging.
Maar ja, zie je patronen, gaan meisjes opeens met iemand anders om, zijn ze opeens vaak ziek? Er zijn een aantal dingen waar je anders naar moet kijken, denk ik dan. Dat zijn de voorlopers van criminaliteit vaak, hè. Als je gaat zien dat ze gaan spijbelen, wegblijven, opeens met andere vrienden of vriendinnen omgaan.
[JM] Annemarie Slotboom zegt dus dat er een blinde vlek is en dat signalen niet worden herkend. Vaak worden jonge vrouwen ook eerder als slachtoffer dan als dader gezien.
[Livde] Ik werd ook heel erg als slachtoffer gezien, terwijl ik beide keren wel eigenlijk gewoon bewust de keuze heb gemaakt om zoiets te doen. Dus ja en nee. Want eigenlijk... als je je in zo'n omgeving bevindt als gevolg van je verleden of van je trauma, dan ben je ook eigenlijk een slachtoffer. Je bent een slachtoffer van, ja, jouw verhaal eigenlijk, wat jij hebt meegemaakt.
[JM] Slachtoffer of dader, het loopt vaak door elkaar heen. En wat het nog lastiger maakt, is dat hulpverleners bij meisjes of jonge vrouwen vaak aan misbruik of aan loverboys denken.
[AS] We zien dat seksualiteit of seks een heel andere rol speelt dan bij mannen, zeg maar. Waar zij vaak gelijk als slachtoffer worden gezien, is het soms een middel om dingen voor elkaar te krijgen, maar ben je heel vaak ook wel slachtoffer geweest. Ja, bij vrouwen gaat ook slachtofferschap en daderschap… dat zit vaak heel ingewikkeld in elkaar, dat is verweven met elkaar.
[JM] En zie je wel wat veranderen?
[AS] Nou, er is wel meer aandacht voor. Dus we proberen met z'n allen beter te snappen waar de vrouwen in de criminaliteit zitten, wat er gebeurt in de gevangenis ook: moeten we op een andere manier met vrouwen omgaan.
[JM] Dat zegt hoogleraar Annemarie Slotboom. Livde, die jarenlang hulpverleners zag, zegt dat ze nooit goed werd begrepen.
[Livde] Nou, iemand die gewoon echt naar mij luisterde en minder volgens het boekje werkte. Ja, ik had gewoon echt iemand nodig die gewoon naar mijn situatie keek. Er wordt... in de hulpverlening wordt er meer gekeken naar: hé, wat staat er in het dossier, en dan pas wordt er naar de persoon gekeken.
Terwijl als je gewoon naar de persoon zou luisteren, naar wat mensen… wat goed voor een persoon is, en meer ervaringsdeskundigen inschakelen die gewoon kunnen helpen hierin, en echt ervaring hebben. Want zij vertellen wel van: hé, ik weet alles en tonen begrip hierin of zeggen dat ze jouw situatie begrijpen, maar jullie begrijpen helemaal niet waar wij doorheen gaan, want je hebt niet in die situatie gezeten.
[JM] Je ziet steeds meer ervaringsdeskundigen opduiken in het sociaal domein. Maar Annemarie Slotboom zegt dat je goed moet nadenken over hoe je ze inzet. Zeker wanneer het over criminaliteit en jongeren gaat.
[AS] Ja, dat is natuurlijk altijd ingewikkeld, hoe je ervaringsdeskundigheid inzet. We weten bijvoorbeeld: voorlichting werkt niet echt. Dus voorlichting geven over dat het allemaal... dat je het allemaal niet moet doen, dat werkt niet. Maar ervaringsdeskundigheid is natuurlijk meer dan dat. Is ook... mee bedenken: hoe bereik ik een groep? Is mee bedenken: hoe spreek ik ze aan? Is mee bedenken: waar zitten ze mee?
[Livde] Ja, wanneer je in een situatie zit waar je gewoon bekneld in bent, kan je gewoon niet goed kijken naar wat de mogelijkheden zijn. Of dus ze zeggen ook: de mensen die al zo lang in de criminaliteit zitten, die hebben zoveel mensenkennis dat ze weten hoe ze op jou in moeten spreken. Op deze manier kan je het snel doen, of je wordt niet gepakt. Kijk hoeveel mensen er al níét gepakt zijn. Dus dat is gewoon, ja, je komt makkelijker in de verleiding om dan ja te zeggen, want je hebt geen andere optie.
[JM] Met Livde gaat het goed sinds ze eruit is gestapt. Ze luistert niet meer naar die stemmen in haar oor. Maar er lopen nog steeds meiden rond die de criminaliteit inrollen.
[Livde] Ik ben nu op het punt, ik ben moeder. Ik wil gewoon niet dat mijn kinderen in zo'n situatie terechtkomen. dus ja, ik weet welke hulp er is of welke instanties ik kan inschakelen. Maar kijk naar iemand die niet weet welke hulp er gegeven kan worden, is het gewoon makkelijker als er iemand in je oor fluistert van: 'Hé, ik begrijp je situatie.'
[JM] Dit was Leipe Meiden. In de volgende aflevering hoor je het verhaal van Rosa. Op straat waren zelfs andere criminelen bang voor haar. Ze vertelt over hoe hard haar wereld was en over wat er nodig is om uit de criminaliteit te stappen.
Mijn naam is Jessica Maas. Deze podcast maakte ik samen met Sean Walsh in opdracht van Divosa. Meer weten? Kijk dan op divosa.nl/onderderadar.
-
[Rosa] Ik heb wel met messen rondgelopen, ja. Met messen, en ook in de beroving had ik touw mee, mes mee en zo, en ook iets voor om in haar mond te doen.
[JM] Je luistert naar Leipe Meiden: criminaliteit onder de radar. Mijn naam is Jessica Maas. In de eerste aflevering hoorde je hoe meisjes vaak veel later in beeld komen dan jongens. In deze aflevering staat het verhaal van Rosa centraal.
[Rosa] Mijn bijnaam was Leipe Rosa.
[JM] Mensen waren bang voor haar. En ze werkte hard voor dat imago.
[Rosa] Omdat, ja, ik werd geassocieerd met iemand die gek is, zeg maar, die... ik had een kort lontje op elk vlak. Dus ik was heel erg impulsief. Dus dat kon gewelddadig uitpakken, of op een gekke of grappige manier uitpakken, maar... Dus ik werd ook zo bekend en dat vond ik ook leuk eigenlijk.
Ja, het waren vooral de jongens van de straat of mannen die meer status hadden of dominanter waren dan mij en echt harde, zware jongens zoals ze dat noemen, die dan dat tegen mij zeiden. En toen dacht ik: oh mijn god, ik heb zojuist een bijnaam gekregen van zo’n iemand. Dat was voor mij een hele grote stap, zogenaamd in de goede richting. Ja, achteraf denk ik van: ja, die persoon ben ik niet.
[JM] Ik spreek Rosa buiten bij een park. Een jonge vrouw die makkelijk lacht en met opvallende humor vertelt over vroeger. Ze vertelt open over de delicten die ze pleegde.
[Rosa] Ik heb een beroving met geweld gepleegd, zoals ik al eerder zei, waar ik ook echt gewelddadig ben geweest. Ja, blauwe ogen geslagen. Ik heb veel blauwe ogen gegeven en ik heb ook een keer, hoe moet ik dat zeggen, de wenkbrauw van iemand opengeslagen. Dus waar ik een hoek gaf op de zenuwen of iets, en gelijk het bloed spoot eruit. Dus dat heb ik wel gezien. En het hoofd op mijn knieën, dat je diegene, ja... Dus ik... en dit was ook een jongen die ik zo in elkaar heb geslagen. En dat was een wraakactie.
Het gaf zeker, en nog steeds tot de dag van vandaag, ben ik heel erg blij dat ik mezelf kan beschermen, fysiek, omdat ik weet dat ik sterk ben. Toen was dat een van mijn kenmerken. Ik ben heel sterk. Ik ben niet bang. Ik ben niet snel geschokt. Ik durf in gevaarlijke situaties te komen en ik kan daar makkelijk uitkomen. En dat, ja, dan haal je daar een soort voldoening uit.
[JM] Rosa vertelt bijna trots nog over wat ze vroeger allemaal heeft gedaan. Dat roept ook een bredere vraag op: als meisjes in de criminaliteit terechtkomen, waar hebben we het dan eigenlijk over? Ik vraag het aan hoogleraar Annemarie Slotboom. Al ruim twintig jaar doet ze onderzoek naar meisjescriminaliteit.
[AS] Ja, een deel van die vrouwen, als ik zeg dat ze alles doen wat mannen ook doen, is een deel van de vrouwen natuurlijk ook gevaarlijk. Die zitten dus ook in de zwaardere vorm van georganiseerde criminaliteit. Ziet vrouwencriminaliteit er anders uit dan bij mannen? Nou, één: het aandeel is kleiner.
Twee: ze plegen meer vermogenscriminaliteit, dus de winkeldiefstallen, dat is het grootste aandeel wat ze doen. Als het gaat om geweld, dan zien we daar wel een kleine stijging, met name bij jonge meiden. Maar dan gaat het om mishandeling, dus niet om de allerzwaarste vormen van geweld, maar om de lichtere mishandeling. Ik denk dat je dan wel de belangrijkste dingen te pakken hebt. En drugscriminaliteit, daar zitten ze gewoon heel weinig in. Dat is: niet gepakt in ieder geval, niet in de cijfers.
[JM] Dat verbaast Rosa helemaal niet.
[Rosa] Nee, eigenlijk niet. Dat verbaast mij niet. Wij zijn ook mensen. En wij durven steeds meer ruimte in te nemen in de maatschappij, omdat... ja, emancipatie en zo. Dus dat zie je helaas dan ook in dat veld terug.
[JM] Rosa vertelt hoe zij zelf in de criminaliteit is gerold.
[Rosa] Ik heb geen broertjes of zusjes. En mijn vader was verslaafd en zat zelf ook in een fout circuit waar hij ook moest stelen en inbraak plegen voor het winnen van geld, maar ook verslaafd was. Dus waardoor er veel geweld weer uitkwam in ons gezin. En veel ruzies, ja, en veel ongezonde leefstijlen om me heen. En mijn moeder, die had daarentegen haar depressie natuurlijk om dat allemaal te kunnen managen.
En ja, er was niet echt veel ruimte voor mij, denk ik, ook al hielden ze vast van mij en was het goedbedoeld. Er was gewoon te veel geweld, te veel sex, drugs & rock 'n roll ook.
Ja, ik viel eigenlijk buiten de boot, denk ik. Want de school waar ik op zat, zat in een... ja, in een ander deel van de wijk waar het veel beter was. Maar ik ben mijn hele leven anders behandeld.
Er waren een paar kinderen waarvan de ouders hen wilden beschermen, wat ik nu wel begrijp sinds ik zelf ook moeder ben. Maar toen begreep ik dat niet. En er waren dan kinderen die niet bij mij mochten spelen of ouders die raar keken naar je. Ja, dat doet je dan heel veel pijn en daar word je heel boos van. En je wordt daar ook onzeker van. Dus ik dacht dat ik een mislukkeling was. En aan de andere kant van het spectrum is dus dat ik de wereld haat, want ze accepteren mij niet. En je wilt toch altijd ergens bijhoren als mens.
[JM] En wilde je daar op een gegeven moment toch bij, maar dan als crimineel?
[Rosa] Jazeker. Voor mij was dat vanaf jongs af aan eigenlijk al, gek genoeg, een ambitie. Ze hadden zoveel charisma en status in mijn ogen en ze konden mensen intimideren. En ik wilde dat ook, want ik voelde mij, denk ik, zo niet gehoord of niet gezien, dat ik dat dan wel opeiste op die manier.
[AS] Dat is wel de manier die wij als vrouwen geneigd zijn te doen: eerst boos worden op jezelf als dingen niet goed gaan, en dan pas op de buitenwereld. En dan ben je én boos op jezelf én op de buitenwereld, en dan is het natuurlijk heel veel boosheid.
[JM] Dat zegt Annemarie Slotboom. Het verhaal van Rosa staat symbool voor jonge vrouwen die afglijden in de criminaliteit. Toch is het goed om deze groep genuanceerd te bekijken. Hoewel de verhalen heftig zijn, neemt de criminaliteit onder jongeren in Nederland af. Maar de aandacht daarvoor niet. En groepen die vroeger onzichtbaar waren, zijn nu steeds meer in beeld.
[AS] Dus in die zin is het voor vrouwen helemaal geen goed nieuws als ze zichtbaarder worden. Als je onder de radar wilt blijven, is dat niet zo slim.
[JM] Nee.
[AS] Nee, het is wel zo... Kijk, de criminaliteitscijfers zijn heel lang gedaald. Bij meiden zien we alleen, 12 tot 15, zien we geweld toenemen. Je hoort natuurlijk ook over verharding, dus daar zien we wel iets gebeuren. Ik zit al twintig jaar hierin, dat hoorde ik vijftien jaar geleden echt niet hoor, dit soort verhalen. Dus er is ook wel iets veranderd in... nou ja, dat meiden ook de ruimte opeisen als vrouw misschien wel.
[JM] Rosa wilde van jongs af aan crimineel worden. Maar haar leven veranderde op het moment dat ze voor een gewapende overval werd opgepakt. Achteraf gezien was dat het kantelpunt.
[Rosa] Eindelijk. Ik dacht: eindelijk is het voorbij. Want ik wist dat ik gezocht werd. En toen ik werd opgepakt, kreeg ik alles terug. Een naam, eigenlijk, en een inschrijfplek was de gevangenis. Dat was mijn inschrijfadres. Maar ik kon daardoor weer mijn leven oppakken eigenlijk.
Dat is heel gek, want je hebt daar de kans om het veel slechter te maken. En ik heb die kansen eigenlijk gebruikt om het goed te maken. Ik ben wel daarna ooit nog een keer teruggevallen, dat ik met de verkeerde mensen omging… of diefstal. Dat is daarna nog steeds voorgekomen.
Maar het moment zelf was eigenlijk een opluchting voor mij. Je hoeft niet meer te vluchten. Weet je hoe vermoeiend het is als mens om constant te vluchten voor jezelf, voor de maatschappij, voor de confrontatie met iedereen die teleurgesteld is in jou? En vanaf daar begin je opnieuw eigenlijk. En dat idee gaf mij heel veel rust.
[JM] De Rosa van nu kijkt inmiddels heel anders naar Leipe Rosa van vroeger. Niet omdat ze haar daden goedpraat, integendeel, maar omdat ze begrijpt wat erachter zat. En juist daarin ligt volgens haar de belangrijkste les voor professionals.
[Rosa] Dat je je vooral niet laat afschrikken door dat gedrag. Het is een copingmechanisme. Probeer niet te judgen. Probeer vooral niet te oordelen, want je hebt geen idee wat er in zo'n hoofd afspeelt. Misschien is ze diezelfde week nog verkracht bijvoorbeeld, of, je weet het niet.
Het eerste wat ze nodig hebben is begrip. Wat kunnen we doen om je nú een veilig gevoel te geven, dat we nú een eerste stap kunnen zetten in een andere richting, hoe klein of groot dat ook mag zijn.
[JM] En heb jij iemand gehad die voor jou het verschil heeft gemaakt?
[Rosa] Ja, er zijn incidenten in mijn leven, of mensen die iets zeiden of iets deden die zo groot waren. Bijvoorbeeld een jeugdzorgmedewerker, toen ik jong was. Ik had zoveel gehuild van alles wat gebeurde, ik had ook ontstoken ogen gekregen of zo. Toen heeft ze voor mij in haar vrije tijd druppels voor mijn ogen gehaald. Dat zijn kleine dingen die voor mij tot de dag van vandaag zoveel uitmaken. Een klein ding.
Maar ja, vooral mijn kind. Mijn kind, ik ben moeder geworden. En dat heeft mijn hersens gedwongen de knop omgedraaid. Want het was heel moeilijk, het ging met vallen en opstaan. Maar uiteindelijk, je wilt zo graag een beter leven bieden en de cycle doorbreken.
[JM] En dat ben je nu aan het doen. Ben je trots dan?
[Rosa] Ja. Om niet arrogant te doen, ja, ja: ik ben trots daarop. Maar het is ook... Het probleem is soms: als je trots bent op jezelf, zegt een stemmetje dat je dat niet mag, want je bent er nog niet. En dat is ook een goede drive om verder te gaan. Maar ja, ik moet nog steeds leren om veel zachter te zijn voor mezelf. Dus de momenten van trots, dan is er gelijk een stem die zegt dat ik dat niet moet doen, dat ik niet arrogant moet zijn.
[JM] En die criminaliteit, trekt die nog? Want we weten dat dat soms heel lang blijft trekken, dat snelle geld.
[Rosa] Ik... ja, er is een klein deel in mij, ja, als ik eerlijk moet zijn. Maar voor het merendeel niet, omdat ik heel ver gekomen ben. Zover dat ik het bijna niet meer nodig heb. Maar het trekt mij in tijden van diepe stress of financiële stress of... ja, dan zijn er momenten dat je denkt: ja...
[JM] De meeste jongeren komen nooit met politie of justitie in aanraking. Maar toch, er is een groep meisjes die onder de radar blijft. Achter hun gedrag schuilt vaak een veel ingewikkelder verhaal. En misschien is dát wel Rosa's belangrijkste les.
Mijn naam is Jessica Maas. Deze podcast maakte ik samen met Sean Walsh in opdracht van Divosa. Meer weten? Kijk dan op divosa.nl/onderderadar.
Verhalen
Wil je graag meer weten over Livde en Rosa? Eerder interviewden we hen voor de verhalenbundel ‘Ondermijning en het sociaal domein: een nieuw perspectief’ en Sprank Magazine. Ook maakten we de documentaire ‘De dunne lijn’, waarin Rosa uitgebreid aan het woord komt.
Daarnaast spraken we Nella, die net als Livde als ervaringsdeskundige werkt bij het Rotterdamse Team Enkelband. Hieronder vind je de links naar alle verhalen en de documentaire ‘De dunne lijn’.
Twintig rozen
Twintig rozen staan er op haar lichaam. Ze staan symbool voor de twintig instellingen waar ze heeft gewoond en vaak wegliep. Livde leerde op jonge leeftijd al te overleven. ‘Bang? Dat leer je wel af. In de jeugdzorg en op straat is het eten of gegeten worden.’ Livdes verhaal verscheen eerder in de interviewbundel ‘Ondermijning en het sociaal domein: een nieuw perspectief’.
‘Vergeet de meiden niet!’
‘Er gaat nu heel veel aandacht naar criminele jongens, maar onderschat de meiden niet’, zegt de 29-jarige Nella. Ze weet waar ze over praat. De straat heeft haar geleerd hoe ze moest manipuleren, hoe ze moest overleven. ‘Dat is niet wie ik ben, dat weet ik inmiddels.’ De jonge moeder zet haar ervaringen nu in om jongeren te helpen.
Nella's verhaal verscheen eerder in de interviewbundel ‘Ondermijning en het sociaal domein: een nieuw perspectief’.
‘Hulpverleners, laat je niet wegjagen’
Een jeugd vol geweld, drugs en foute vrienden. Leipe Rosa was haar bijnaam. Nu wil ze haar kennis van de straat inzetten om jongeren en hulpverleners te helpen. ‘Luister, oordeel niet en laat vooral niet los.’
Rosa is ook te zien in de documentaire ‘De dunne lijn’, die deel uitmaakt van de gelijknamige verhalenbundel.
De cijfers op een rij
- In 2025 registreerde de politie in Nederland bijna 16.000 minderjarige verdachten van een misdrijf. Dat zijn er 12 procent minder dan in 2022.
- Minderjarigen vormen 11 procent van alle geregistreerde verdachten.
- Jongens worden nog altijd veel vaker verdacht dan meiden: bijna vier keer zo vaak.
- Wel worden meiden gemiddeld op jongere leeftijd als verdachte geregistreerd. In 2025 lag die piek bij meisjes op 15 jaar, met 74 geregistreerde verdachten per 10.000 15-jarige meiden. Bij jongens lag de piek op 18 jaar, met 317 per 10.000.
Bron: ‘Opnieuw minder minderjarige verdachten’ (CBS, maart 2026)