‘Hokjesdenken speelt burger nog altijd parten bij toegang tot zorg’

dinsdag 15 mei 2018
Bron: www.nationaleombudsman.nl

Overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor de zorg van burgers, werken nog steeds te veel vanuit hun eigen regels en kaders. Dit constateert Nationale ombudsman Reinier van Zutphen in zijn rapport ‘Zorgen voor burgers’. ‘Hokjesdenken blijft de toegang tot zorg belemmeren’, zegt Van Zutphen, ‘instanties missen vaak nog wat burgers echt nodig hebben in hun situatie. Burgers krijgen hierdoor geen passende zorg. Dit is al veel te lang het geval, het kan en moet nu snel beter.’

De ombudsman roept op tot snelle en concrete actie. Zijn aanbevelingen luiden:

  • Werk integraal en multidisciplinair en verwijs burgers warm door.
  • Zorg voor een overbruggingsbudget in situaties waarin het niet direct duidelijk is welke zorgwet of financiering van toepassing is.
  • Zet de uitvoering centraal en investeer in scholing en methodiekontwikkeling. Maak moeilijke gevallen bespreekbaar, escaleer indien nodig en leer ervan.

De knelpunten die in het onderzoek van de ombudsman naar voren komen zijn niet nieuw. Ze laten zien dat goede aansluiting tussen de verschillende stelsels nog volop in ontwikkeling is. Organisaties zijn nog steeds bezig met het afstemmen van processen en verantwoordelijkheden. Dit is soms nog een zoektocht. Onduidelijkheid over toegangscriteria en beschikbare budgetten leidt dan ook tot meer voorzichtigheid aan de toegangspoort.   

Volop investeren

Desondanks wordt juist in gemeenteland al veel werk verricht om goede integrale zorg aan te kunnen bieden. Leden van Divosa investeren volop in goede gespreksvoering, kennis van specifieke doelgroepen, eenduidige toegang, continuïteit en de verbinding tussen werk en inkomen, Wmo en Jeugd. Voorbeelden hiervan zijn integrale werkprocessen voor jongvolwassenen opgezet, het werken met integrale inkoop en het werken met gezinsbudgetten zodat arrangementen van verschillende voorzieningen uit de Wmo, Jeugdhulp en Participatiewet mogelijk worden.

Convenant

Gebrek aan kennis over de dienstverlening van gemeenten bij maatschappelijke partners speelt eveneens een rol bij genoemde problemen. Om hier verandering in te brengen tekenen GGZ Nederland, UWV, MIND, Federatie Opvang, Stichting Samen Sterk zonder Stigma, Mensen met Mogelijkheden, RIBW Alliantie, de VNG en Divosa op 24 mei aanstaande een convenant om juist deze kennis onderling beter te delen. 

Ten slotte is het zo dat de decentralisaties één van de grootste stelselwijzigingen is die Nederland ooit gekend heeft op het terrein van de zorg en ondersteuning. Het heeft tijd nodig voordat de uitvoeringspraktijk ook functioneert zoals het bedoeld is. Sinds de start van de decentralisaties zijn daarbij verschillende verschuivingen geweest in doelgroepen die onder het gemeentelijk domein en onder de Wlz vallen. Deze verschuivingen hebben niet bijgedragen aan het zorgen voor duidelijkheid bij de aanvraag voor de burger, zorgaanbieder en gemeenten. 

Zie ook