Aantallen en financiën; de stand van zaken na 4 jaar Participatiewet

woensdag 23 januari 2019

Er maken minder mensen gebruik van loonkostensubsidie dan bij de invoering van de Participatiewet was voorzien. Daardoor zijn de beschikbare participatiemiddelen nu nog toereikend. In de komende jaren ontstaan naar verwachting wel tekorten doordat de middelen minder snel toenemen dan het aantal mensen die met begeleiding aan de slag gaan. Dat concludeert onderzoeksbureau Berenschot naar aanleiding van onderzoek in opdracht van Divosa, Cedris en de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Bij de invoering van de Participatiewet zijn ramingen gemaakt van het aantal mensen met een arbeidsbeperking. Ook zijn de budgetten voor de uitvoering bepaald. We zijn nu bijna vier jaar verder. De vraag is in hoeverre gemeenten erin slagen om de doelgroep aan de slag te krijgen. Ook is het de vraag in hoeverre de budgetten toereikend zijn en hoe de financieringssystematiek gemeenten ondersteunt bij het realiseren van de doelstellingen.

Belangrijkste conclusies

Divosa, Cedris en de gemeenten ’s-Hertogenbosch gaven Berenschot opdracht om hiernaar onderzoek te doen. De belangrijkste conclusies:

  • Er maken minder mensen gebruik van loonkostensubsidie dan bij de invoering van de Participatiewet voorzien.
  • De beschikbare participatiemiddelen zijn nu nog toereikend, maar bij de huidige groei ontstaat op termijn een tekort. 
  • In de gebundelde uitkering zit een perverse prikkel. Gemeenten die ‘niets doen’ zijn financieel gezien beter af.

Divosa en Cedris gaan in de komende periode met relevante partners in gesprek over de manier waarop de inspanningen van gemeenten en sociale werkbedrijven gefinancierd worden.

Download

Aantallen en financiën Participatiewet (Berenschot, november 2018 | pdf, 1,3 MB)