Schuldhulpverlening

Mensen met problematische schulden kunnen een beroep doen op gemeentelijke schuldhulpverlening. Goede schuldhulpverlening draagt bij aan de bestrijding van armoede en geeft mensen meer mogelijkheden om actief deel te nemen aan het sociale en maatschappelijke leven. Divosa werkt aan effectieve schuldverlening en pleit voor een integrale aanpak.

Stand van zaken

Meer schulden

Door de economische crisis, worden meer burgers getroffen door schulden. Naast mensen met lage inkomens of een uitkering gaat het nu ook om mensen met hogere inkomens. Dit komt dan bijvoorbeeld door baanverlies in combinatie met (hoge) hypotheken.

Nieuwe (kader)wet in voorbereiding

Eind 2010 heeft het kabinet het Wetsvoorstel gemeentelijke schuldhulpverlening ingediend. Het wetsvoorstel beschrijft wat de gemeente moet doen. Hoe ze dat doen bepalen gemeenten zelf. De schuldhulpverlening heeft een integraal karakter. Dit betekent dat er alleen aandacht is voor het oplossen van de financiële problemen van een cliënt, maar ook voor psychosociale problemen, of problemen rond de woonsituatie, gezondheid, verslaving of de gezinssituatie. De verwachting is dat medio 2012 deze wet in werking gaat.

Meer informatie over deze kaderwet, de nota’s van wijziging en de kamerbehandeling vindt u op gemeenteloket.minszw.nl of op www.rijksoverheid.nl.

Wat vindt Divosa?

Integrale aanpak

Schuldhulpverlening is niet alleen een kwestie van mensen helpen hun financiële situatie weer op orde te krijgen. Schulden hebben een oorzaak en als die niet bij de bron wordt aangepakt ontstaan er snel weer nieuwe schulden. Goede schuldhulpverlening draagt bij aan de bestrijding van armoede en geeft mensen meer mogelijkheden om actief deel te nemen aan het sociale en maatschappelijke leven. Divosa is dus een voorstander van de integrale aanpak van de nieuwe wet.

Wettelijk moratorium

Divosa pleit, samen met VNG, NVVK en MOgroep voor een breed wettelijk moratorium. In het schuldhulpverleningsproces is het noodzakelijk dat alle schuldeisers een pas op de plaats maken. Dat is ook in ht belang van de schuldeisers zodat die gelijkelijk kunnen worden bediend. Als één van de schuldeisers niet bereid is mee te werken is het bestaande instrumentarium niet toereikend. Een wettelijk moratorium kan dan helpen.

Wettelijke basis LIS

Samen met de VNG, NVVK en MOgroep vindt Divosa dat het Landelijk Informatiesysteem Schulden (LIS) een wettelijke basis moet krijgen. Zo kan de minnelijke schuldhulpverlening versterkt worden. Een dergelijk systeem moet niet aan de markt worden overgelaten.

Wat doet Divosa?

Adviseren

  • Divosa adviseert het bestuur van de NVVK als lid van de Raad van Advies, samen met vertegenwoordigers van verschillende andere partijen zoals schuldhulpverleners, kredietverstrekkers en schuldeisers.
  • Divosa adviseert het ministerie van SZW over de schuldhulpverlening over wetgeving en bij de opzet en uitwerking van onderzoeken.
  • Divosa is lid van de Normcommissie NEN die certificering van organisaties en/of personen op het gebied van schuldhulpverlening organiseert. Zie ook www.nen8048.nl.

Kennis uitwisselen

  • Divosa heeft een Platform Schuldhulpverlening opgericht, waarin medewerkers van gemeenten ervaringen en meningen uitwisselen over regelgeving.
  • Divosa bereidt samen met VNG, NVVK en MOgroep de invoering van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening voor en draagt bij aan het ondersteuningsprogramma voor 2011. Het Kabinet heeft namelijk extra geld uitgetrokken voor verbetering van de effectiviteit van de gemeentelijke schuldhulpverlening. Divosa werkt tijdens dit ondersteuningsprogramma Verbetering gemeentelijke schuldhulpverlening samen met regionale accountmanagers uit de centrumgemeenten van de 30 arbeidsmarktregio’s en ontwikkelt  handreikingen en modellen voor een effectievere schuldhulpverlening. Zie hiervoor het project Divosa en schuldhulpverlening 2011-2012.

Achtergrondinformatie

De wettelijke kant  van schuldhulpverlening wordt geregeld door de Wet Sanering Natuurlijke Personen (Wsnp). Voordat het zover is kan een schuldhulpverlener schuldeisers benaderen om een regeling te treffen (het minnelijk traject).

Minnelijk traject

Meestal wordt iedere schuldeiser een betaling per maand aangeboden, met een termijn van maximaal 36 maanden. Soms leent een (krediet)bank de schuldenaar een bedrag dat hij  in de volgende 36 maanden moet aflossen. De schuldeisers krijgen een aanbod om met dit bedrag (een deel van) hun vordering in één keer uitbetaald te krijgen. In beide gevallen geldt dat alle schuldeisers akkoord moeten zijn met het aanbod.

Wettelijk traject (Wsnp)

Het wettelijk traject wordt uitgevoerd via bureau Wsnp van de Raad voor de Rechtsbijstand (www.wsnp.rvr.org).  Als in het minnelijk traject geen overeenstemming wordt bereikt met de schuldeisers, kan de schuldenaar een wettelijke schuldsanering aan vragen (eventueel met een verzoek om het aangeboden akkoord dwingend op te leggen aan de schuldeisers). Hij dient dan een verzoek in bij de rechtbank met een overzicht van zijn financiële situatie en een verklaring van de gemeente dat een minnelijke schuldsanering niet mogelijk De rechtbank kan dan beslissen tot een dwangregeling of een wettelijke sanering. Voor de uitvoering van de sanering wijst de rechtbank een bewindvoerder aan en een rechter-commissaris. De bewindvoerder is een medewerker van een gemeentelijke krediet- of stadsbank of van een particuliere bewindvoerderorganisatie.

Meer over schuldhulpverlening

Hulpmiddelen voor gemeenten